Betrokken studenten bij gastcollege op Haagse Hogeschool
Consulent Jaydee Lunes van FNV | UTA heeft een gastcollege gegeven voor studenten van de Haagse Hogeschool in Den Haag. Wat is een cao precies, en wat kunnen we als vakbond voor jou als student betekenen?
Het is een zonnige vrijdagmiddag voordat het pinksterweekend begint. In kleine groepjes druppelen de studenten van de Haagse Hogeschool de collegezaal in voor deze afsluiter van hun stage terugkomdag.
“De info die je vandaag gaat horen had ik graag zelf willen weten voordat ik begon met werken!” Met deze woorden wordt het gastcollege geopend. Op de agenda staat het bespreken van de vakbond, het uitleggen van wat een cao nou voor de studenten betekent, en een hoe je het best kan solliciteren op je droombaan. Vooral over de eerste twee onderwerpen bekennen de studenten nog weinig te weten.
Dit is ook begrijpelijk, want op het moment dat je in de schoolbanken zit kunnen deze zaken nog best een “ver-van-je bed-show” zijn. Hoe weet je onder welke cao je valt? Wat betekenen de verschillende artikelen in je cao precies? Is je werkgever verplicht zich eraan te houden? Wat als je werkgever zich er niet aan houdt? Dit is slechts een greep uit de vragen die we krijgen tijdens het gastcollege. Het blijft altijd heel gaaf wanneer studenten erg betrokken zijn en goede vragen weten te stellen.
Meer dan alleen staken
Vakbonden komen het met name in het nieuws wanneer er wordt gestaakt. De studenten vinden het dan juist wel een verassing nu ze horen wat een vakbond nog meer doet. En nog belangrijker; hoe de vakbond ze zou kunnen ondersteunen tijdens hun loopbaan. Inspraak op hun eigen cao en de arbeidsvoorwaarden check vinden ze het meest interessant, en dat is het ook! Wanneer je begint met werken kom je heel veel dingen voor het eerst tegen die je in de schoolbanken leert. De studenten waren vooral enthousiast dat je er met de vakbond niet alleen voor staat.
Na een hoop info gedeeld te hebben met de enthousiaste club studenten mochten we allemaal aan ons weekend beginnen. Het was een mooie afsluiter van de week!
Wil jij ook een gastcollege van FNV|UTA? Klik hier voor meer informatie!
Groene Bouwhekken: verbeterde uitstraling én sociale impact
Je hebt ze misschien al wel eens zien staan, de Groene Bouwhekken die de leefbaarheid van bouwplaatsen letterlijk verbeteren. En niet alleen wat betreft de uitstraling, ook de maatschappelijke impact.

Ze staan door het hele land. Zowel bij grote als bij kleinere bouwprojecten. Van enkele weken tot meerdere jaren. Van nieuwbouw tot renovatie en infra. De Groene Bouwhekken maken een opmars op bouwplaatsen. En dat is niet gek. Op het eerste gezicht hebben de Groene Bouwhekken van hout een veel aangenamere aanblik dan de traditionele bouwhekken die we kennen. Maar er is meer. Achter de bouwhekken is het bedrijf aan het werk voor een socialere en duurzamere maatschappij.
Groene Bouwhekken is in 2016 opgericht door Matthijs Ariens, Robbert de Vries, en Hugo Ward. “Het grappige is dat wij toen eigenlijk helemaal niets met bouwhekken hadden,” zegt Hugo. “Het bouwhek is uiteindelijk slechts een middel voor onze motivatie dat iedereen een kans verdient om mee te kunnen doen in de maatschappij en op de arbeidsmarkt.”
Hoe het begon
Hugo Ward: “We timmeren aan een gezonde arbeidsmarkt voor iedereen.” Zeven jaar geleden zijn de eerste Groene Bouwhekken gerealiseerd. Toentertijd ging het nog om een toevoeging aan een bestaand hekwerk. In het najaar van 2016 startte de samenwerking met Bouwloods Utrecht, om de mogelijkheden voor een volledig houten bouwhek te bekijken, in combinatie met dat er zo veel mogelijk werk wordt gecreëerd voor mensen die aan het re-integreren zijn. En zo ontstond het bedrijf dat we nu kennen.
In 2016 stonden de eerste zestig groene bouwhekken op het Jaarbeursplein. Inmiddels staat de bouwhekken-teller op meer dan 3000 stuks, verspreid door het hele land.
Minimale milieubelasting
De bouw- en infrahekken zijn gemaakt van duurzame materialen en zijn circulair ontworpen. Dat is voor het team vanzelfsprekend. Het betekent dat alle onderdelen van de bouwhekken vervangen kunnen worden. Hierdoor is de milieubelasting van Groene Bouwhekken minimaal. Mocht een bouwhek toch te beschadigd zijn, dan wordt het hek uit elkaar gehaald en met de nog bruikbare onderdelen worden andere bouwhekken gerepareerd. Zo wordt de hoeveelheid afval die geproduceerd wordt geminimaliseerd.
De missie
Er zijn veel mensen die om wat voor reden dan ook worden uitgesloten van de maatschappij, en daarmee dus afstand tot de arbeidsmarkt hebben. Om deze situatie te verbeteren is het proces van Groene Bouwhekken van begin tot eind zo ingericht dat ze mensen helpen met (re-)integreren. “Veel werkzaamheden voeren we niet zelf uit, maar doen we samen met sociale organisaties. Van productie en plaatsing tot het onderhoud op locatie. Naast de uitvoering van het werk helpen wij regelmatig met het slim inrichten van de werkprocessen, zodat onze partners zich focussen op het begeleiden en opleiden van mensen”, aldus Hugo Ward. “Het streven is een inclusieve maatschappij waar voor iedereen plek is. Dat is de missie.”
Leefbare bouwplaats
Een bouwplaats of infraproject kan overlast veroorzaken. De Groene Bouwhekken zorgen ervoor dat de bouwplaats en aangrenzende gebied wat leefbaarder wordt. “De buurtbewoners worden er blij van,” zegt Hugo. “Ook de aannemers zien de meerwaarde. We krijgen hele positieve verhalen te horen.”
Partners
Naast Bouwloods Utrecht doet ook Pantar een gedeelte van de productie van Groene Bouwhekken. Dit bedrijf in Amsterdam heeft een houtwerkplaats waar mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt werken. Deze mensen zijn bijvoorbeeld al een tijdje uit de running op de arbeidsmarkt. Zij leren hier het vak van timmerman, en bouwen een werkritme op. Transport en installatie worden geregeld door Green2Grow, en het onderhoud en bijhouden van het groen wordt gedaan door verschillende lokale sociale organisaties, zoals het Wijkbedrijf Utrecht, Rotterdam Inclusief of Groenperspectief (regio Den Haag).
Een andere samenwerking is die met de Penitentiaire Inrichting in Vught. Gedetineerden hebben op een andere manier weer een bepaalde afstand tot de arbeidsmarkt. In de metaalwerkplaats worden door gedetineerden onderdelen van Groene Bouwhekken geproduceerd. Zij krijgen hier een kleine vergoeding voor, en hebben de mogelijkheid om een diploma te halen. Hugo: “Op deze manier kunnen zij sneller aan een baan komen wanneer ze hun straf hebben uitgezeten. Zo vergroten we de kans op een succesvolle re-integratie in de maatschappij.”
De toekomst
Groene Bouwhekken groeit als bedrijf, en het doel is om alle relevante bouwplaatsen te kunnen voorzien van bouwhekken om daarmee de leefomgeving te vergroenen. “Daarnaast is de maatschappelijke droom om nog meer mensen te kunnen helpen om door te stromen in de arbeidsmarkt,” zegt Hugo. “Iedereen verdient een plek op de arbeidsmarkt, dat is onze maatschappelijk missie.”
Bouwconcern BAM wil bijdragen aan een duurzamere wereld
Er is een groeiende vraag naar duurzaam bouwen. Opdrachtgevers en de markt eisen steeds meer van de bouwsector dat zij hun verantwoordelijkheid nemen op het gebied van duurzaamheid. De bouwsector, die eerder bekend staat om afval dan om natuurbehoud, moet dus stappen zetten op het gebied van duurzaamheid. Wij spraken met Alletta Schreuder van BAM.

Ook bij bouwconcern BAM staat duurzaamheid hoog op het prioriteitenlijstje. “We hebben een speciale structuur ingericht voor onze duurzaamheidsambities waarbij programmamanagers allerlei roadmaps hebben uitgewerkt en nieuwe samenwerkingsoverleggen zorgen voor verbinding met ‘duurzame collega’s.”
Er liggen hele eisen voor bedrijven rondom duurzaamheid, denk bijvoorbeeld aan afvalreductie, stikstofuitstoot, etc. “Het veranderen van processen en gedrag heeft tijd nodig”, vertelt Alletta Schreuder, procesmanager Duurzaamheid bij bouwconcern BAM. “Bij BAM hebben we steeds meer collega’s die intrinsiek gemotiveerd zijn om aan de slag te gaan rondom duurzaamheid. Ook merk ik dat jongeren binnen BAM het een belangrijk thema vinden en er iets mee willen doen.”
Ambities
BAM ziet de groeiende behoefte aan duurzaam bouwen en heeft de duurzaamheidscomponent in de bedrijfsstrategie verder ontwikkeld. “We hebben o.a. de Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties, als basis genomen voor zes kernthema’s voor onze nieuwe duurzaamheidsstrategie. Met de uitvoering van deze nieuwe duurzaamheidstrategie willen we onze CO2-, grondstoffen- en afvalvoetafdruk verder verminderen en opdrachtgevers schaalbare duurzaamheidsoplossingen bieden.”
Als procesmanager Duurzaamheid houdt Alletta zich bezig met de duurzaamheidscertificaten, het standaardiseren van de nieuwe werkwijze, het toetsen op duurzaamheidsthema’s op bouwplaatsen en beheer- en onderhoudscontracten. “We verzamelen nieuwe maatregelen die zijn toegepast om de duurzaamheidsdoelstellingen te halen en verspreiden deze informatie naar onze business units in het land om deze werkbare oplossingen te implementeren. Zo verbeteren we steeds onze werkwijze.”
Concrete acties
Volgens Alletta worden er vele concrete acties ondernomen binnen BAM rondom duurzaamheid. Momenteel loopt in het kader van afvalbeheersing, een pilot om alle gebruikte pallets terug te brengen naar de producent. “We hebben een pilotproject gedaan met een emissieloze bouwplaats aan de voet van de Lemelerberg. Bij dit pilotproject hebben we gebruik gemaakt van elektrische vrachtwagens en busjes, graafmachines, heftrucks en trilmachines. De bouwkeet was uitgerust met zonnepanelen en een accupakket, waarin de opgewekte zonne-energie werd opgeslagen. Op de bouwplaats waren verschillende verplaatsbare laadvoorzieningen aanwezig om het materieel op te kunnen laden.”
Alletta is ooit begonnen met het inzamelen van oude bouwhelmen. Deze worden niet retour genomen door de leverancier, maar door Kopstukken vermaakt tot lampen. Op dit moment is Alletta in het kader van de afvalvermindering aan het bekijken wat ze kunnen doen met de vele doosjes van lampen bij grote projecten. “Je kan je voorstellen dat wanneer we een groot gebouw als een ziekenhuis bouwen er een hele hoop lampen opgehangen moeten worden. Dit zorgt voor een hele hoop kartonnen doosjes die bij de meeste bouwplaatsen op de grote hoop afval gegooid worden. Onnodig natuurlijk, dus ik ben aan het onderzoeken wat we het beste kunnen doen met deze doosjes. Ik zou ze graag aanbieden aan de webwinkels in de omgeving van de bouwplaats.”
Social return
Bij BAM wordt de verbinding gelegd tussen duurzaamheid (bijvoorbeeld afvalbeheersing) en de verplichting tot social return. “We zijn oude werkkleding in gaan zamelen die in het sociale naaiatelier Vanhulley worden hergebruikt en vermaakt”, zegt Alletta. Vanhulley biedt een leer-werktraject voor vrouwen in Groningen. Niet zomaar vrouwen, maar vrouwen die dolgraag een kans willen om serieuze stappen te zetten richting een betere toekomst.
Ook worden er inmiddels oude deuren uit renovatieprojecten verzameld. BAM brengt de oude deuren naar stichting De Terugwinning. Deze stichting biedt mensen dagstructuur, carrière- en opleidingsoriëntatie en werknemersvaardigheden. Daarnaast zie je steeds meer Groene Bouwhekken, waarbij circulaire houten hekken worden uitgerust met bloembakken die goed zijn voor biodiversiteit en worden onderhouden door sociale werkplaatsen. Win-win-win!
“Door hergebruik van de bouwhelmen, werkkleding en oude deuren is restafval nu de grondstof voor nieuwe producten. Op deze manier werken we binnen BAM aan het reduceren van restafval en dragen we ons steentje bij aan een fijne maatschappij voor iedereen. Natuurlijk is het nog beter om anders te gaan bouwen, zodat we aan het begin van het proces afval voorkomen. Daar zijn de andere BAM collega’s hard mee bezig!”
Wie is Alletta Schreuder?
De 54-jarige Alletta Schreuder houdt van uitdagingen en de wereld verkennen. Ze startte haar carrière met een bacheloropleiding Facility planning & management (Groningen) en koos daarna voor een master Beleid- en Organisatiewetenschappen (Tilburg). Haar scriptie schreef ze in Queensland, Australië. Na haar studie werkte Alletta een lange periode bij de NS waar ze o.a. verantwoordelijk was voor het landelijke beleid voor het beheer van de stations. Daarna kreeg ze het beheer over stations, Den Haag Centraal Station en Den Haag Hollands Spoor. Volgens een nieuw ontwikkeld concept en werkte ze aan campagnes om nieuwe collega’s te werven. Daarna vertrok ze bij de NS en rolde ze uiteindelijk de bouw in. Inmiddels is Alletta in verschillende rollen en divisies zo’n 6 jaar werkzaam voor BAM, waar ze zich inzet als procesmanager duurzaamheid.
Digitalisering | Investeer in vaardigheden van mensen
Meer woningen, digitalisering, de energietransitie, een duurzame gebouwde omgeving: om alle urgente ambities te realiseren is digitale (keten)samenwerking cruciaal. Vanuit FNV Bouwen & Wonen dragen we daar graag aan bij.
https://youtu.be/ZbSSN0tYEj4
Kitty van den Hoven, bestuurder bij FNV Bouwen & Wonen: “De wereld om ons heen verandert, daardoor ontstaan ook nieuwe technieken en werkwijzen. Er is veel aandacht voor de technische innovatie, maar veel minder voor de sociale innovatie. Dit terwijl de veranderingen voor de mens/werknemers groot zijn. Er komen nieuwe functies, er verdwijnen functies en er veranderen functies. En als er aandacht is voor de sociale innovatie is deze vaak gericht op studenten/jonge werknemers, terwijl we alle werknemers hierin mee moeten nemen. Juist ook de huidige groep werknemers.”
Wat zie je gebeuren in de praktijk?
Kitty: “Iemand die nu 40 is, had tijdens zijn schooltijd nog nauwelijks ervaring met internet. Hij heeft ongetwijfeld bijgeleerd door het gebruik van zijn mobiele telefoon. Maar de diepere achtergronden - hoe werkt het, wanneer werkt iets wel en wanneer niet, hoe staat het met de digitale veiligheid? - kennen de meeste 35-ers niet. Dan heb je het wel over een grote groep die nog ruim 25 jaar moet werken. De meeste digitale bijscholing richt zich op werknemers met een hbo- of wo-opleiding. Maar dat zijn niet degenen die het werk op de bouwplaats doen.”
Wat is er nodig in de sector?
Kitty: “We moeten weten waar we nu staan, en waar we naar toe willen. We hebben een visie van bedrijven nodig op digitalisering en welke impact dat heeft op de organisatie en het werk. Ik zie hier een belangrijke rol weggelegd voor HR en de OR.”
Wat kunnen werkgevers doen?
Kitty: “Werkgevers moeten flink investeren in de kennis en vaardigheden van hun werknemers. De sector kan hier ondersteuning bieden door dit gezamenlijk op te pakken. Zo zorgen we samen voor goed opgeleid personeel en daarmee goed werk. Leren hoeft niet in de schoolbanken, maar kan ook gerealiseerd worden door bijvoorbeeld iemand stage laten lopen binnen het eigen bedrijf. Bedrijven moeten ruimte geven aan de werknemers om zich te kunnen ontwikkelen. Laat werknemers meedenken, meepraten, en ook meebeslissen. Dan zijn ze een stuk gemotiveerder om mee te gaan in alle ontwikkelingen. Wij pleiten voor een innovatieve organisatie waar technologische innovatie en sociale innovatie samengaan.”
Wat zie je gebeuren in de toekomst?
Kitty: “Opdrachtgevers gaan steeds meer eisen stellen, dus het is voor bedrijven eigenlijk onmogelijk om niet mee te gaan met deze ontwikkelingen. En ook, door sommige technologische ontwikkelingen neemt de fysieke belasting voor werknemers af. Dat is goed! Maar het mag niet gaan leiden tot een slechte kwaliteit van werk: veel van hetzelfde, eentonigheid, et cetera. Voor werknemers wordt het werk interessanter als ze meer vaardigheden hebben en daardoor breed inzetbaar zijn. Kortom zich kunnen blijven ontwikkelen. Niemand vindt saai werk leuk!”
Bedrijven en werknemers kunnen contact opnemen met FNV Bouwen & Wonen voor ondersteuning op het gebied van sociale innovatie via uta@fnv.nl.
Nachtwerkers meer kans op slechte werk-privébalans
Door de globalisering en technologische vooruitgang werken we steeds minder op standaard werktijden. De verwachting is dat deze trend de komende decennia nog verder toenemen. Nachtwerkers hebben meer kans op een slechte werk-privé balans.
In 2019 werkten ruim 1,2 miljoen Nederlanders soms of regelmatig in de nacht, zo luidt de data van het CBS. In het onderzoek betekent nachtwerk dat er minimaal 1 uur gewerkt wordt tussen 00:00 ’s nachts en 06:00 ’s ochtends.
Mensen die in de nacht werken, hebben meer dan 2,5 keer zoveel kans op een slechte werk-privébalans. Zij vinden het lastiger om werk en privé te combineren dan mensen die alleen overdag werken. Dat is een van de resultaten uit het onderzoek van het RIVM en TNO, naar de impact van nachtwerken en mogelijke oplossingen. De nachtwerkers geven in de interviews verder aan dat zij door nachtwerk minder tijd met hun familie of partner kunnen doorbrengen en dat ze zich geïsoleerd voelen. Ook hebben ze door vermoeidheid op vrije dagen minder behoefte aan sociale contacten hebben of mijden ze deze zelfs, omdat ze zich moeten voorbereiden op een nachtdienst. Dit geldt overigens niet voor alle nachtwerkers. Sommigen geven aan dat zij privétaken juist beter kunnen combineren wanneer zij nachtdiensten draaien dan tijdens dagdiensten.
Dag-nachtritme
Het menselijk lichaam heeft een biologische klok. Hierdoor hebben we allemaal een dag-nachtritme van dat ongeveer 24 uur duurt. Dit ritme wordt ook wel het circadiane ritme genoemd, wat ‘circa één dag’ betekent. Het ritme is te zien in het slaap-waakritme, maar ook in een groot aantal andere lichaamsprocessen. Zo heeft je biologische klok invloed op je hormoonafgifte (onder andere melatonine en cortisol) en je glucosehuishouding.
Verschillende functies van het lichaam, waaronder lichaamstemperatuur, honger, en verzadiging, worden ook gereguleerd door de biologische klok. Je klok zorgt er dus voor dat de processen in je lichaam op het juiste moment plaatsvinden.
Effecten op gezondheid
De impact die nachtwerken op de gezondheid van iemand heeft wordt waarschijnlijk medebepaald door verschillende karakteristieken. Denk aan de duur van de nachtdiensten en hoe vaak men in diensten werkt. Ook het rooster of patroon waarin verschillende typen diensten elkaar opvolgen speelt mogelijk een rol.
Werken in de nacht verstoort het dag-nachtritme (de biologische klok) van het lichaam. Volgens de Gezondheidsraad leidt (langdurig) nachtwerk tot een verhoogd risico op slaapproblematiek, diabetes type 2, en hart- en vaatziekten.
In het onderzoek melden de respondenten dat zij verschillende gezondheidsklachten ervaren. De fysieke klachten zijn onder andere vermoeidheid, hoofdpijn, maag-darmklachten, en spier- of gewrichtsklachten. Ook is er sprake van verschillende mentale gezondheidsgevolgen, zoals gevolgen voor het cognitief functioneren (verminderde focus, alertheid, geheugen, en concentratie), prikkelbaar zijn, eenzaamheid en somberheid, en stress.
Werknemers met nachtwerk hebben ongeveer 1,5 keer zoveel kans op arbeidsongevallen (gedurende de dag of nacht) dan werknemers zonder nachtwerk. Dit blijkt uit de analyses op basis van de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA) van TNO en CBS onder bijna 400.000 werknemers. Hierbij zijn geen grote verschillen tussen sectoren te zien. Het is echter onbekend of de ongevallen plaatsvinden tijdens een dag- of een nachtdienst. Ook werd de terugreis naar huis na een nachtdienst (waarbij de kans bestaat dat nachtwerkers zitten te knikkebollen achter het stuur) niet meegenomen in de NEA.
Waarom toch ’s nachts werken?
64 procent van de werkgevers gaf in het onderzoek van het RIVM en TNO aan dat de belangrijkste reden voor nachtwerk is dat het werk direct uitgevoerd moet worden. Denk hierbij aan werk in de zorg, bij de politie, of de brandweer. Economische redenen, zoals het behalen van productiedoelstellingen en de optimale inzet van machines, en praktische redenen zoals machines die 24 uur per dag moeten draaien, zijn voor ongeveer een derde van de werkgevers (zeer) belangrijke redenen.
Oplossingen
Het RIVM en TNO hebben in het onderzoek ook gekeken naar oplossingen om de risico’s voor gezondheid en welzijn van nachtwerkers te verminderen. Hier valt ook de werk-privébalans onder. Uit de resultaten blijkt dat zowel werkgevers als werknemers en bedrijfsartsen weinig mogelijkheden zien om minder werk in de nacht te doen.
Werkgevers benoemen bereikbaarheidsdiensten en het inzetten van nieuwe technologie (denk aan automatisering) als opties om het nachtwerk misschien voor een klein deel te verminderen.
De nachtwerkers zelf zijn niet te spreken over de bereikbaarheidsdiensten, omdat deze mogelijk een negatief effect hebben op de slaapkwaliteit en op de werk-privébalans. Dat is dus geen oplossing, maar het verplaatsen van het probleem. Nachtwerkers zelf benoemen verschillende oplossingen, zoals het beperken van de hoeveelheid taken in de nacht, of onderling ervaringen delen.
Tijdens het symposium over het onderzoek van het RIVM en TNO afgelopen 16 maart, sprak een verpleegkundige die regelmatig nachtdiensten draait over de oplossingen die haar ziekenhuis biedt aan nachtwerkers. Zo krijgen de nachtwerkers ’s nachts een gezonde maaltijd en snack aangeboden, en bestaat er de mogelijkheid om een powernap te doen tijdens de dienst.
Volgens het RIVM en TNO is het gezien de beperkte mogelijkheden om nachtwerk te verminderen, nodig dat er meer kennis komt over mogelijke oplossingen en hoe deze oplossingen op een goede manier gerealiseerd kunnen worden.
Biedt jouw werkgever oplossingen voor nachtwerk? Heb je vragen, of wil je jouw eigen ervaringen met werken in de nacht delen? Stuur een e-mail naar uta@fnv.nl en we nemen contact met je op.
Sfeerimpressie Bouwvrouwendag 2023
Op 9 maart was het Bouwvrouwendag. Deze dag hebben wij mogen organiseren ter ere van internationale vrouwendag.
De avond werd gestart met een stoelmassage onder het genot van hapjes en drankjes. Even heerlijk ontspannen na een, voor vele, drukke werkdag. Ook kon je een professionele foto laten maken van jezelf door onze fotograaf Martin.
Na deze ontspannen start hebben wij met zijn allen genoten van het avondeten. Een enorm leuke ervaring vonden vele ‘de mogelijkheid om te netwerken met anderen bouwvrouwen was heel verfrissend!’ aldus een deelneemster.

Workshops
Op de Bouwvrouwendag hebben wij na het eten drie mooie workshops mogen geven voor vrouwen in de bouw. De eerste workshop was ‘Bluffen voor vrouwen’. Laura heeft tijdens deze workshop laten zien hoe je je talenten op een enthousiaste manier aan het voetlicht kan brengen. Dit is iets wat wij vrouwen minder vaak doen dan onze mannelijke collega’s. Een opmerking tijdens de workshop was: ‘Fijn om op deze manier te leren om mijn kwaliteiten te benoemen zonder dat het overkomt als opscheppen’. Heel gaaf om dit terug te horen, want dat was precies waar de workshop voor bedoeld was.
De workshop ‘Vitale Voornemens’ was de tweede workshop die wij hebben aangeboden. Goede voornemens, nu ga ik het echt DOEN, morgen ga ik…. Je kent het vast wel, regelmatig blijft het bij dromen en goede voornemens. Tijdens deze workshop heeft Merianka spelenderwijs laten zien hoe je je eigen breinformule voor verandering uitwerkt. Op deze workshop is erg enthousiast gereageerd door de vrouwen die aan deze workshop deelnamen. Wij kregen van deelneemsters van deze workshop terug dat het een ‘leuke en interessante workshop was met veel interactie’.
Ook de workshop Vrouw en Pensioen was een succes. Bij deze workshop heeft Tineke alles omtrent pensioenopbouw op een leuke manier uitgelegd. ‘Na het krijgen van mijn kinderen ben ik deeltijd gaan werken, wat dat precies voor mijn pensioen zou betekenen heb ik tot deze workshop nooit begrepen’. Het is heel fijn om te weten wat deze informatieve workshop voor deelnemers heeft betekent.
Bij deze willen wij alle deelneemsters nogmaals bedanken! We vonden het een heel geslaagd evenement en gaan in de toekomst weer nieuwe workshops en andere bijeenkomsten organiseren. Wij hopen jullie daar weer te zien! Voor de vrouwen die niet hebben kunnen deelnemen; wij hopen dat jij er de volgende keer ook bij bent.

Welke baan past bij mij?
Misschien sta je aan het begin van je carrière of ben je al een aantal jaren aan het werk. Het kan lastig zijn om een baan te vinden die bij je past. Want met zoveel keuzes en vakgebieden is het lastig om te bepalen welk werk jou nou écht gelukkig maakt. In dit artikel delen wij tips om een baan te vinden om verliefd op te worden!
Het vinden van een baan die bij je past, is belangrijk om voldoening en energie uit je werk te halen. We werken gemiddeld 35 tot 41 uur per week. Het zou vervelend zijn als je het al die uren niet naar je zin hebt. Momenteel zijn er meer openstaande vacatures dan ooit, dus die droombaan moet er voor je tussen zitten. Maar hoe weet je dat het je droombaan is?
Bij het vinden van een baan die bij je past, kijk je vooral naar je persoonlijkheid, vaardigheden en talenten. De focus ligt op wie je bent en wat je kan. Je arbeidsvoorwaarden, dus bijvoorbeeld hoeveel geld je gaat verdienen, zijn nu even niet van belang. Dus stel jezelf de vragen: “Wie ben ik? Wat kan ik? Wat wil ik?”
Stap 1: Wie ben ik?
Pak een pen en papier of open de notitie app op je telefoon. Waar je het doet maakt niet uit, maar noteer eens welke persoonlijkheidskenmerken jij hebt. Wees realistisch. Niet te negatief, want ook jij hebt goede karaktereigenschappen, maar gepaste bescheidenheid kan ook geen kwaad 😉. Lieg in ieder geval niet tegen jezelf, want als je straks een baan hebt die past bij deze kenmerken maar toch niet bij jou, heb je spijt.
Je kan denken aan persoonlijkheidskenmerken zoals leergierig, serieus, ambitieus en volgzaam. Inspiratie nodig? Kijk hier eens voor een uitgebreide lijst met karaktereigenschappen.
Stap 2: Wat kan ik?
Heb je al wat werkervaring opgedaan? En welke vaardigheden heb je opgedaan? Met andere woorden: wat kan je goed? Wat heb je geleerd tijdens je stage, studie, (bij)banen of door andere levenservaringen? Noteer deze vaardigheden en talenten ook in je lijstje.
Stap 3: Wat wil ik?
Deze laatste vraag is misschien wel de moeilijkste vraag, maar misschien heb je al een iets duidelijker beeld nu je hebt nagedacht over wie je bent en wat je kan.
Je zou nu eens kunnen afvragen wat jouw drijfveren zijn. Waardoor kom je in beweging? Wat voor werksfeer zoek je? Wil je alleen werken of in een team? Wil je werken met mensen of met cijfertjes? Hoelang wil je reizen naar je werk? Als geld geen rol zou spelen, welke baan zou je dan hebben? Probeer ook te visualiseren hoe het voelt als je jouw droombaan hebt gevonden. Wat maakt dan dat het jouw droombaan is?
Stap 4: Maak het jouw verhaal
Als je alle voorgaande stappen hebt doorlopen, kun je deze punten samenvoegen tot een lopend verhaal. Dit is jouw Persoonlijk Profiel, waarin jouw droombaan staat beschreven. Dit is jouw verhaal. Je kan dit gebruiken voor het schrijven van je sollicitatiebrieven, je elevator pitch, of korte omschrijving van jezelf op LinkedIn of je CV.
Als je een leuke vacature hebt gevonden, kun je deze naast jouw Persoonlijk Profiel leggen. Past deze vacature bij je of toch niet? Je Persoonlijk Profiel kun je dus gebruiken als jouw raadgever. Als het toch niet zo overeen komt, kun je jezelf afvragen of de baan wel bij je past. Bij twijfel, kan je altijd even contact opnemen met het bedrijf en je vragen stellen. Een ander bijkomend voordeel is dat jouw potentiële werkgever jou dan al eens gesproken heeft, dus ze herkennen je naam als je uiteindelijk besluit te solliciteren. Win-win.
In je sollicitatiebrief kun je met behulp van je Persoonlijk Profiel ook duidelijk verwoorden waarom de functie goed bij jou zou passen. Dit onderscheidt jouw motivatiebrief ook van andere brieven. Het werkt namelijk goed om brieven persoonlijk te maken. Zo val je meer op in de massa. En als jij niet wordt aangenomen op wie jij bent, dan was het waarschijnlijk al geen match. Wel professioneel blijven natuurlijk! Ook tijdens je sollicitatiegesprekken kun je jouw verhaal weer gebruiken om jouw potentiële werkgever ervan te overtuigen dat en waarom deze functie goed bij jou past.
We wensen jou heel veel succes met het vinden van jouw droombaan. Maar heb je toch een beetje hulp nodig en ben je werkzaam in de Bouw & Infra (bouwplaats/UTA) of in Schilderen & Onderhoud-branche? Mijn Loopbaancoach biedt diverse loopbaanbegeleidingstrajecten aan.
Rechter buigt zich voor het eerst over studiekosten sinds invoering Wtva
Per 1 augustus 2022 is de Wet Transparante en Voorspelbare Arbeidsvoorwaarden (Wtva) van kracht. Het doel van deze wet is om arbeidsvoorwaarden van werknemers te verbeteren door ze duidelijker en voorspelbaarder te maken.
De nieuwe regels hebben in de tussentijd gezorgd voor veel onduidelijkheden. Op 10 januari 2023 heeft de Rechtbank Utrecht zich voor het eerst uitgesproken over een kwestie rondom de Wtva.
Wat is er veranderd?
Voor we het hebben over de uitspraak van de Rechtbank Utrecht gaan we een paar stappen terug.
Met de inwerkingtreding van de Wtva moeten werkgevers verplichte scholing kosteloos aanbieden. Het gaat om scholing die verplicht moet worden aangeboden op grond van de wet of cao. Je mag geen afwijkende afspraken maken; die zijn nietig. In de praktijk blijkt dat het vooral onduidelijk is wat er onder ‘verplichte scholing’ moet worden verstaan.
Onze wet kende voor de invoering van de Wtva al een algemene scholingsplicht, geregeld in artikel 7:611a lid 1 van het Burgerlijk Wetboek, die als zo’n wettelijke verplichting moet worden gezien. Dat wil zeggen dat een werkgever scholing moet aanbieden die noodzakelijk is voor de uitoefening van de functie van de werknemer. De kosten van de scholing rusten dan op de werkgever. Een studieovereenkomst of -beding met andere afspraken is dus niet geldig.
Uitspraak Rechtbank Utrecht
Op 4 november 2022 is tussen een werkgever en een werknemer een studieovereenkomst tot stand gekomen. In de studieovereenkomst staat een terugbetalingsregeling vermeld waarvan de werknemer bij uitdiensttreding de lening aan werkgever moet terugbetalen. De lening wordt na drie jaar kwijtgescholden na het afronden van het theoretische gedeelte van de opleiding. De werknemer is van mening dat de studieovereenkomst die hij was aangegaan met zijn werkgever nietig was op grond van de Wtva. Hij stelde dat hier sprake was van ‘een noodzakelijke opleiding’. Volgens hem zou zijn werkgever hem hebben aangenomen met de bedoeling om hem (in de toekomst) als registeraccountant werkzaamheden te laten verrichten. Voor die functie was de opleiding noodzakelijk. De werknemer zou als registeraccountant onder meer zijn handtekening zou kunnen zetten onder jaarstukken.
Volgens de werkgever klopte dit niet. De werkgever stelde dat ten eerste de werknemer niet met die bedoeling was aangenomen. Ten tweede, voegde de werkgever toe, zelfs al was de werknemer met die bedoeling aangenomen, dan was de opleiding vooralsnog niet noodzakelijk geweest. De opleiding zou dus niet noodzakelijk zijn voor het werk van de werknemer waarvoor hij is aangenomen en evenmin vereist om de functie van registeraccountant te verrichten. Daarbij komt bij dat de werknemer op eigen verzoek de opleiding is gaan volgen, aldus de werkgever.
De kantonrechter oordeelde dat uit niets bleek dat de werknemer was aangenomen met het doel om registeraccountant te worden en dat de opleiding waarvoor de studieovereenkomst is aangegaan noodzakelijk zou zijn voor die beoogde functie of de huidige functie van werknemer. De rechtbank oordeelde dat hier geen sprake was van een ‘noodzakelijke opleiding’ en werknemer de studiekosten aan werkgever moet terugbetalen.
Wat staat er in de cao?
Onder het kopje 'Scholing voor behoud van vakmanschap', op bladzijde 59 van de cao Bouw & Infra, staat dat de werkgever een opleidings- en scholingsbeleid ontwikkelt, en dit uitvoert. Ieder kalenderjaar stelt hij een scholingsplan vast. Bij het opstellen van dit plan houdt de werkgever rekening met de wensen van de werknemers, en die worden drie maanden voor het invoeren van het plan over de inhoud geïnformeerd. Andere verplichtingen van de werkgever:
- De werkgever stelt de werknemer in staat functiegerichte scholing te volgen. Komt de functie van de werknemer te vervallen? Of is de werknemer niet meer in staat zijn functie te vervullen? Dan stelt de werkgever hem in staat scholing te volgen die het mogelijk maakt de arbeidsovereenkomst voort te zetten. Dit laatste voor zover dit redelijkerwijs van de werkgever verlangd kan worden. Hiermee voldoet de werkgever aan zijn wettelijke scholingsplicht van artikel 7:611a lid 1 BW.
- De werkgever betaalt alle kosten van deze scholing. Hij mag die kosten niet verrekenen met de transitievergoeding.
- De werknemer volgt de functiegerichte scholing indien mogelijk tijdens werktijd. Als dit niet mogelijk is, wordt de tijd dat de scholing wordt gevolgd gezien als arbeidstijd.
Heb jij een studieovereenkomst en heb je hier vragen over? Neem dan contact op met ons via uta@fnv.nl
Liefde op de werkvloer: een relatie met een collega. Wat mag?
Cupido heeft toegeslagen. Je bent verliefd. En de ander ook op jou. YES! Alleen jullie zijn collega’s. Wat nu? Mag dit wel? Moet je dit aan leidinggevenden vertellen? Hoe werkt een relatie op het werk? En hoe behoud je ook een goede relatie met andere collega’s?
Om meteen het verlossende woord te geven: je werkgever mag de relatie niet verbieden. Dit zou namelijk betekenen dat je werkgever zich inlaat in jouw privéleven, en dat mag niet. Dit volgt onder andere uit het Europese recht op privacy voor werknemers en recht op vrije partnerkeuze.
Toch heeft de werkgever wel mogelijkheden om regels op te stellen. De werkgever kan namelijk samen met jou regels afspreken of een gedragscode opstellen. In zo’n gedragscode kan onder andere staan dat je verplicht bent ok een relatie op de werkvloer te melden, maar ook regels over welk gedrag verwacht wordt in deze situatie, en of er een overplaatsing naar een andere afdeling verwacht kan worden.
Relatie met een ondergeschikte of leidinggevende
Dit kan wel anders zijn als je een relatie hebt met een leidinggevende of een ondergeschikte. Deze relatie zou namelijk voor ongelijkheid kunnen zorgen op de werkvloer of de sfeer beïnvloeden. Er mag geen sprake zijn van een situatie waarin de leidinggevende de ondergeschikte voortrekt. Het kan daardoor zijn dat de leidinggevende zijn rol niet meer goed kan vervullen of dat andere collega’s minder goed functioneren omdat zij zich hier niet prettig bij voelen.
In al deze gevallen is het mogelijk voor de werkgever om in te grijpen. Je werkgever kan afspraken maken waardoor jullie bijvoorbeeld niet meer aan dezelfde projecten mogen werken of moet een andere leidinggevende jouw werk beoordelen. Ook kan je werkgever je vragen om andere werkzaamheden te verrichten of op een andere afdeling te gaan werken. Als er echt geen andere oplossing te vinden is, dan zou ontslag een mogelijkheid kunnen zijn. Dit is ook het geval als jullie gelogen hebben over jullie office romance.
Tips voor een relatie op de werkvloer
- Vraag jezelf af of de situatie gepast is voordat je je laat verleiden
- Onderzoek welke gedragsregels er bij jouw werkgever gelden
- Volg deze gedragsregels ook op
- Sta stil bij de eventuele consequenties
- Wees open naar je werkgever
- Zorg dat er duidelijke afspraken gemaakt worden. Zowel met je werkgever als met je geliefde.
- Houd werk en privé gescheiden, dus bewaar de passie voor thuis en de professionaliteit voor op het werk!
Flirten met je collega’s
Flirten is ook niet verboden, maar doe het alleen als je collega daar ook op zit te wachten. Kies ook het moment. Niet elke vergadering en zakelijke afspraak is even verstandig om je flirtskills te tonen. Stop ook direct zodra je merkt dat de ander zich er niet prettig bij voelt. Seksuele intimidatie is wel verboden.
Liefde op de werkvloer kan heel spannend zijn, maar is dus niet meteen een reden voor ontslag. Heb je vragen over jouw situatie of wil je advies over hoe je moet handelen? Stuur dan een e-mail naar uta@fnv.nl .
Menstruatieverlof is pas realistisch als taboe weg is
De vrouwelijke cyclus is iets wat niet vaak op de werkvloer besproken wordt. Maar of het invloed heeft op het werk is een ander verhaal. Vorig jaar kwam het menstruatieverlof in de media naar boven omdat Spanje als eerste land in Europa vrouwen in staat stelde om tot vijf dagen menstruatieverlof op te nemen. Moet dat er in Nederland ook komen? Dat was een vraag die veel heerste.
Om een goed beeld te krijgen van wat de werknemers in Nederland vinden van menstruatieverlof heeft FNV een enquête afgenomen onder bijna 3000 jongeren mensen onder de 35 jaar.
Wat blijkt? Van de jonge mensen die menstrueren, geeft 89 procent aan hun werk minder goed te doen in die periode van de maand. Maar echt ziekmelden doet slechts 7 procent regelmatig en 39 procent heel af en toe.
Taboe
Onze deskundige Hacer Karadeniz, vakbondsbestuurder bij FNV, geeft aan dat het belangrijk is om het probleem snel aan te pakken. Echter, in Nederland is dit onderwerp nog altijd taboe. "De eerste stap die gezet moet worden is het bespreekbaar maken van dit onderwerp’’.
Karadeniz: "Dat taboe kan best grote gevolgen hebben, juist als je een onzeker contract hebt, wat bij veel jonge mensen helaas het geval is. Werknemers zijn niet verplicht om de reden van ziekmelding aan hun leidinggevende te vertellen. Maar als je regelmatig ziek bent vanwege menstruatieklachten, dan is de kans groot dat je contract niet wordt verlengd of dat je niet meer wordt opgeroepen voor werk"
Lees hier het het interview met Hacer Karadeniz in Flair, en bekijk hier de Talkshow Khalid & Sophie, waar Hacer het met anderen heeft over menstruatieverlof.
FNV wil graag dat dit onderwerp meer besproken wordtop de werkvloer. Heb jij zelf last van menstruatieklachten tijden het werken en wil je weten wat je het beste kunt doen? Neem dan contact op met ons door een mail te sturen naar uta@fnv.nl.











