Hestia Demi Bolster: “Ik wil dit, dus ik ga dit doen.”
Hestia is de Griekse godin van de bouwkunst. In deze rubriek wordt een moderne godin van de bouwwereld geïnterviewd. Over haar inspiratie, de bouwwereld, en wat ze het leukst vindt in haar werk. Deze keer is Demi Bolster, Grondwerker
, aan het woord.
Naam: Demi Bolster
Leeftijd: 20 jaar
Functie: Grondwerker
Opleiding: Tweedejaars Vakvrouw GWW, daarna uitvoerdersopleiding
Wanneer ontdekte je dat je de bouw in wilde?
“Dat kwam eigenlijk per toeval. Ik deed eerst een kappersopleiding, maar dat was helemaal niks voor mij, dus toen ben ik met die opleiding gestopt. Daarna heb ik een opleiding gevolgd in de retail. Die heb ik wel afgemaakt, maar ik wist al snel dat ik niet meer in de supermarkt wilde werken. Toen ben ik door een vriend gevraagd om op zaterdag mee te gaan helpen bij een klusje waar gestraat moest worden. Eerst gewoon stenen aangeven, en op dezelfde dag nog zelf stenen gaan leggen. En toen dacht ik: dit vind ik eigenlijk hartstikke leuk. Daarna ben ik met een andere vriend mee geweest en ook dat beviel me. Toen ben ik opleidingen gaan zoeken. Zo is het begonnen.”
Hoe werd daarop gereageerd?
“Iedereen vond het heel logisch. Mijn familie had er geen moeite mee, ze vonden dit eigenlijk al bij me passen. Ik was altijd al buiten bezig, hielp mee met klusjes en vond het fijn om actief te zijn. Mijn moeder vond het vooral leuk. Zij heeft zelf ook in de bouw gewerkt als timmervrouw.”
Wat maakt de bouw zo leuk? / Wat vind je het allerleukst aan je werk?
“Dat je buiten werkt én ziet wat je maakt. Aan het begin van de dag is er soms niks, en aan het einde staat er echt iets. Dat geeft voldoening. Ik houd ook van de afwisseling: bij Heijmans doe ik elke week weer iets anders. Ik leer continu nieuwe dingen, en dat maakt het werk heel leuk.”
Wat is een moment in je carrièrewaar je trots op bent?
“Dat ik de stap heb gezet om de bouw in te gaan, ondanks dat je nog weinig vrouwen ziet in de infra. Ik ben in een klas vol jongens terechtgekomen en werk tussen alleen maar mannen. En toch ben ik dit gaan doen. Daar ben ik trots op.”
Je werkt nu 1,5 jaar in de bouw. Zijn er dingen die inmiddels makkelijker zijn geworden voor vrouwen – en wat blijft juist hardnekkig hetzelfde? OF Wat zijn de grootste uitdagingen die je als vrouw in de bouw tegenkomt?
“Het grootste verschil is dat ik nu veel meer kan dan toen ik begon. Ik had nul ervaring en nu kan ik in mijn vrije tijd zelfs klusjes doen waarvan ik een jaar geleden niet eens wist waar ik moest beginnen.
Uitdagingen blijven er ook. Sommige klussen zijn fysiek zwaar, vooral tillen. En ik ben kleiner dan de meeste collega’s, dat merk je soms. Maar je krijgt altijd hulp als het nodig is.”
Werk je veel met andere vrouwen samen, of ben je vaak de enige? Hoe is dat?
“Ik ben eigenlijk altijd de enige vrouw op de bouw. Voor mij voelt dat niet raar, ik heb er geen last van. Ik word goed opgenomen in de groep.”
Wie in de bouw inspireert jou?
“Mijn moeder. Zij was een van de eerste opgeleide timmervrouwen in de Achterhoek. Daar is ooit zelfs een krantenartikel over geschreven. Dat vind ik heel inspirerend. Het motiveert me om ook zichtbaar te zijn, zodat andere vrouwen kunnen zien dat dit werk óók voor hen is.”
Als je één ding kon veranderen om de sector (nog) beter te maken voor vrouwen – wat zou dat zijn?
“Dat het taboe eraf gaat. Dat het normaal wordt dat vrouwen in de bouw werken. Dat je niet hoeft te denken: “Kan ik dit wel, want ik ben een vrouw?” maar gewoon: “Ik wil dit, dus ik ga dit doen.” Meer zichtbare voorbeelden helpen daarbij.”
Wat zijn je dromen voor de toekomst?
“Eerst nog een paar jaar grondwerk doen. Dat vind ik nu echt leuk. Daarna wil ik graag uitvoerder worden binnen Heijmans, in de infra. Dat is mijn grote doel.”
Wat zou je willen zeggen tegen meisjes/vrouwen die een baan in de bouw overwegen?
“Gewoon doen! Echt. Niet te veel nadenken over wat anderen ervan vinden. Je weet pas of het iets voor je is als je het probeert.”
Welke boodschap wil je meegeven aan de mannen in de sector?
"Geef vrouwen een kans. Ga niet bij voorbaat denken dat ze iets niet kunnen. Je weet pas wat iemand kan als je haar ook echt de ruimte geeft het te laten zien.”
Doorbreek Blue (Mon)days: 8 tips
Feeling blue? Dat kan wel kloppen! Het is vandaag Blue Monday, de meest deprimerende dag van het jaar. Je hebt de gezellige feestdagen en vrije dagen van december achter de rug, en het duurt nog lang voor je weer lekker vrij bent. Voor dry januari doe je je best, maar dat wil ook niet echt lukken, want bier. Net zoals al je andere goede voornemens by the way.
Dit maakt deze maandag voor veel mensen de meest deprimerende dag van het jaar. Als we de Britse psycholoog Cliff Arnall mogen geloven, in ieder geval. Hij bedacht Blue Monday, een 'wetenschappelijke formule' waarmee hij beweerde dat de derde maandag van januari écht de meest deprimerende dag van het jaar is.
Maarrr laat je niet gek maken en breek door de Blue Monday heen met deze tips!
Geef een compliment
Het is heel leuk om een complimentje te krijgen, maar het is eigenlijk nóg leuker om er eentje te geven. Bovendien kun je er, als je er eentje geeft, ook een terug verwachten. Jij blij, je collega of vriend blij. Positive vibes!
Spreek af met een vriend of vriendin
Maandag? Boeie! Ga iets gezelligs doen met een vriend(in)! Ja, oké, het valt deze dagen niet mee om een leuk uitje te vinden. Maar ook thuis kun je er wat van maken! Ga bijvoorbeeld gezellig samen koken of een spelletje spelen, dat kan al wonderen doen voor je humeur.
Lach
Lachen blijft het beste medicijn! Uit onderzoek blijkt dat als je een lach opzet, je vanzelf écht gaat lachen. Dus, stap voor de spiegel en ga los! Begrijpelijk als je dat een beetje ongemakkelijk vindt, het kijken van grappige filmpjes of een goede komediefilm volstaat ook!
Ga naar buiten
Ga zo veel mogelijk naar buiten! Hoe vroeger op de dag je naar buiten gaat, hoe meer blauw licht er in de atmosfeer zit. Dit blauwe licht wordt in de hersenen vertaald naar geluksgevoelens. Als je ook nog een stukje wandelt of fietst ben je helemaal goed bezig, want na dertig minuten bewegen worden we op gelukshormonen getrakteerd. En daar kunnen we weer de hele dag van genieten.
Let there be light
In deze tijd van het jaar hebben we vaak te maken met donkere dagen. En waar we normaal onder de TL balken van het kantoor zaten te werken, zitten veel van ons nu thuis te werken. Hoewel het erg gezellig is om in een donkere kamer te zitten met wat kaarsjes aan, zorg ook thuis voor goede verlichting. Zo weet je lichaam dat het dag is!
Verwen jezelf!
Zit je steeds te denken aan dat ene paar schoenen, dat mooie horloge of dat lekkere, net te dure restaurant op Thuisbezorgd? Gewoon bestellen! (mits je hier niet financieel aan ten onder gaat natuurlijk :)) Want hallo! Wie verdient er nou meer een cadeau dan jij zelf?
Maak plannen
Plan leuke dingen in voor de nabije toekomst! Dat kunnen kleine dingen zijn zoals een avondje stappen (al zal je daar nu niemand tegenkomen), een cursus pottenbakken met je beste vrienden of een project in huis. Maar ook het uitstippelen van een uitgebreide vakantie verder in de toekomst, kan jouw nieuwe energie geven. De voorpret is net zo leuk als de reis zelf!
Ruim je huis/kamer op
Je moet er misschien niet aan denken, maar het gaat je toch echt helpen! Kun jij je helemaal doodergeren aan die ene kast die uitpuilt? Of weet je niet meer waar dat ene cadeau van je oma ligt, waar ze steeds naar vraagt? Dan is dat precies de reden dat het een goed idee is om eens stevig op te ruimen. Al die overbodige rommeltjes de deur uit! Clean house, clean mind.
Hestia Deborah Bosgoed: “Blijf vooral vrouw: dat is je kracht!”
Hestia is de Griekse godin van de bouwkunst. In deze rubriek wordt een moderne godin van de bouwwereld geïnterviewd. Over haar inspiratie, de bouwwereld, en wat ze het leukst vindt in haar werk. Deze keer is Deborah Bosgoed, bouwkundig expert, spreker en eigenaar van een bouwbedrijf gespecialiseerd in biobased renovatie en restauratie, aan het woord.
Functie: Eigenaar bouwbedrijf Bosgoed Bouw & Advies
Leeftijd: 49 jaar
Woonplaats: Empe
Opleiding: MBO bouwkunde, HBO bouwkunde (duaal), post-HBO aannemersopleiding
Wanneer ontdekte je dat je de bouw in wilde? 
“Volgens mij was ik een jaar of zes. Mijn vader werkte in de houtindustrie en houtskeletbouw, dus ik was al jong gewend aan het bouwleven. We stonden in de herfstvakantie zelfs met de caravan op de bouwplaats. Dat vond mijn moeder gezelliger.
Als klein meisje liep ik over de bouw en ik vond het heerlijk. Toen ik veertien was, ging ik een dag met mijn vader mee. We reden een dijk af en kwamen bij een bouwbedrijf. Aan de ene kant zat het kantoor en de werkplaats, aan de andere kant was het woonhuis. We gingen daar in de keuken koffiedrinken met de eigenaar en een paar medewerkers. Het was zo’n gezellige, huiselijke sfeer. Toen dacht ik: dit wil ik ook. Een eigen aannemersbedrijf. En dat idee heb ik nooit meer losgelaten.”
Hoe werd daarop gereageerd?
“Mijn ouders steunden me, maar op school liep ik tegen muren aan. Op de havo zei ik dat ik MTS bouwkunde wilde doen. Een leraar vroeg wat ik wilde worden. Toen ik zei dat ik uitvoerder wilde worden, zei hij: ‘Dat gaat je niet lukken, je bent een meisje.’
Maar ik ben eigenwijs, dus ik deed het toch.
Op de MTS werd het niet beter. De eerste dag van mijn laatste jaar liep een leraar de klas uit omdat hij me geen les wilde geven – ik was de enige vrouw in de richting uitvoering.
Ik heb keihard moeten knokken om erdoorheen te komen. En dat had niet gehoeven. Achteraf zie ik hoe diep die patronen zitten. Daarom wil ik nu de weg vrijmaken voor meiden na mij – zodat zij kunnen bouwen zonder zich eerst te moeten bewijzen.”
Wat maakt de bouw zo leuk?
“De bouw is geweldig. Ik heb er echt een enorme passie voor. Je bouwt van niks iets – iets tastbaars dat nog generaties meegaat. Dat geeft zo’n kick. Zeker als je werkt met natuurlijke materialen zoals hout en leem. Dan voelt het nóg waardevoller. En je maakt mensen blij, dat is het mooiste.”
Wie in de bouw inspireert jou?
“Ik probeer mezelf te inspireren door niet mee te gaan in het conservatieve denken van ‘zo doen we het al jaren’, maar door mijn eigen vrouwelijke blik te blijven inzetten. Die is anders, en die voegt iets toe.
Ik haal ook inspiratie uit anderen. Bijvoorbeeld uit een vrouw van 37 die bij mij solliciteerde als timmervrouw. Zij heeft haar leven omgegooid om iets nieuws te doen, en dat vind ik geweldig. Ze had moeite om een leermeester te vinden. Dat zegt veel over hoe moeilijk het nog steeds is.
En buiten de bouw bewonder ik mensen zoals Marlies Dekkers. Zij heeft de mannenwereld van de textielindustrie opengebroken. Dat vind ik krachtig. Zij maakt van haar werk ook een statement.”
Wat vind je het allerleukst aan je werk?
“Dat ik mijn werk helemaal zelf heb vormgegeven. Ik zit niet alleen op kantoor, ik werk ook mee op de bouw. Ik neem werk aan, regel dingen, ben overal bij betrokken. Die afwisseling vind ik heerlijk.
Wat ik ook heel mooi vind, is het contact met particulieren. We werken veel in bewoonde situaties, dus mensen zijn thuis. Dan kom ik binnen en zeggen vrouwen vaak: : ‘Wat fijn dat jij komt, ik durfde deze vragen niet aan een man te stellen.’ Dan besef ik weer hoe belangrijk representatie is, en hoe anders vrouwen bouwen – vaak met meer aandacht voor detail, samenwerking en duurzaamheid.’ Mannen hebben toch een andere houding. Ik ben toegankelijker. En ik luister echt. Gisteravond bijvoorbeeld kwam een vrouw met allemaal slimme suggesties. Dan denk ik: ja, vrouwen bouwen gewoon anders. En daar is niets mis mee.”
Wat zijn je dromen voor de toekomst?
“Dat er 25% vrouwen in de bouw werken. Daar denk ik al jaren over na. Soms fantaseer ik over een bouwbedrijf met alleen maar vrouwen. Maar uiteindelijk geloof ik meer in samenwerken. Mannen én vrouwen brengen allebei iets waardevols. Samen krijg je het mooiste resultaat.”
Wat zou je willen zeggen tegen meisjes of vrouwen die de bouw in willen?
“Ga ervoor. Maar weet dat je er echt vol voor moet gaan. Het is nog steeds niet makkelijk. En probeer geen man te worden. Blijf vooral vrouw. Veel meiden proberen stoerder te worden, gaan anders praten of lopen om erbij te horen. Maar als het niet bij je past, hou je het niet vol. Blijf wie je bent. Dat is je kracht.”
Wil je zelf nog iets toevoegen?
“Ja. Ik wil vrouwen aanmoedigen om zich uit te spreken. Als iemand iets zegt wat niet oké is, zeg dan dat het niet leuk is. Veel vrouwen durven dat niet, maar mannen hebben het vaak niet eens door. Pas als je het zegt, worden ze zich ervan bewust.
Ook werkgevers wil ik iets meegeven: als een vrouw bij je solliciteert, weet dan dat ze daar écht over nagedacht heeft. Geef haar het voordeel van de twijfel, en neem haar serieus als professional. Want vrouwen brengen vaak andere perspectieven mee – op samenwerking, communicatie en duurzaamheid – die de sector juist nu hard nodig heeft.
Het lichaam van een vrouw werkt ook anders dan dat van een man. Ik maak dingen als menstruatie bespreekbaar op de werkvloer. Dat deed ik vroeger niet en probeerde ik me groot te houden. Maar daar ga je aan onderdoor. Door het wél bespreekbaar te maken, maak je ruimte. Voor jezelf en voor anderen. En dat is waar het om gaat.
We bouwen niet alleen aan huizen, maar ook aan een nieuwe norm – eentje waarin plek is voor vakmanschap, diversiteit én de natuur.”
Het sneeuwt! Moet ik reizen naar mijn werk?
Het is weer winter en daar hoort soms een pak sneeuw bij. Dit kan zorgen voor onveilige situaties op de weg. Maar wat moet je doen als je door slecht weer (zoals wanneer het sneeuwt, door ijzel of hagel) moeilijk met de auto of het openbaar vervoer naar je werk kunt reizen? Dit is afhankelijk van de omstandigheden en het soort werk dat je doet. Ga in ieder geval in gesprek met je werkgever.
Je kijkt op social media en ziet dat een van je vrienden een foto heeft gepost van verse sneeuw. Vervolgens kijk je naar buiten en zie je inderdaad een dikke laag sneeuw liggen. Je moet straks naar je werk en vraagt jezelf af of je naar je werk moet reizen.
Het korte antwoord is ‘ja’. Als werknemer moet je altijd proberen om naar je werk te gaan. Dit is jouw eigen verantwoordelijkheid. Als het echt niet lukt vanwege overmacht, zoals een weeralarm, dan kan je met je leidinggevende bespreken of er een mogelijkheid is om thuis te werken. Als je geen belangrijke afspraken hebt die dag of als je je afspraken kunt verzetten, is het gebruikelijk dat je werkgever je thuis laat werken. Sinds de coronacrisis is dit natuurlijk al een stuk makkelijker.
Ik kan niet thuiswerken
Thuiswerken is helaas niet voor iedereen een oplossing. Er zijn beroepen die niet vanuit huis uitgevoerd kunnen worden. Dit kan gaan om docenten, zorgpersoneel of pakketbezorgers. Deze mensen zullen waarschijnlijk wel gewoon naar hun werk moeten reizen. Uit rechtspraak volgt dat normale bedrijfsrisico’s voor rekening van de werkgever komen. Ga vooral dus in gesprek met je werkgever over de mogelijkheden.
Vakantiedagen
Indien je thuis kan werken, ben je aan het werk en mag dit jou geen verlofdag kosten. Ook als jouw werkgever zegt dat je thuis mag blijven, dan kost dit je in principe geen vakantiedag. Als je zelf besluit niet naar het werk te reizen, dan kost dit je meestal wel een vakantiedag. Het is namelijk je eigen verantwoordelijkheid om op het werk te komen. In je cao, personeelsreglement of arbeidsovereenkomst kunnen hier afspraken over zijn gemaakt.
Code Rood
Je werkgever moet in ieder geval maatregelen nemen als het KNMI of de Rijksoverheid afraden om de weg op te gaan of de trein te pakken. Het bedrijf kan eerder sluiten of jij en je collega’s kunnen verzocht worden om thuis te blijven. Dan hoef je in principe geen verlofdagen op te nemen. Ook kan je afspraken maken met je werkgever over het inhalen van het werk op een ander moment.
Onwerkbaar weer
In de bouw komt het regelmatig voor dat het werk bij slechte weersomstandigheden stil komt te liggen. In de cao Onwerkbaar weer Bouw & Infra zijn hierover afspraken gemaakt. Hier staat bijvoorbeeld in dat werknemers bij een gevoelstemperatuur van -6°C of lager het werk mogen neerleggen. Werknemers hebben dan gewoon recht op loondoorbetaling. Ook kunnen werknemers recht hebben op een WW-uitkering bij onwerkbaar weer. Hiervoor gelden strenge vereisten.
Hestia Ruth Langemeijer: “Mannen moeten leren hoe ze met vrouwen omgaan op de bouw”
Hestia is de Griekse godin van de bouwkunst. In deze rubriek wordt een moderne godin van de bouwwereld geïnterviewd. Over haar inspiratie, de bouwwereld, en wat ze het leukst vindt in haar werk. Deze week is Ruth Langemeijer, zelfstandig uitvoerder, aan het woord.
Naam: Ruth Langemeijer
Functie: Uitvoerder (12 jaar zelfstandig)
Opleiding: MTS bouwkunde, MTS weg- en waterbouwkunde, aannemersopleiding, diverse cursussen en studies waaronder milieu, inkoopopleiding (NEVI) en bedrijfskunde
Wanneer ontdekte je dat je de bouw in wilde?
“Eigenlijk al als kind. Ik wilde architect worden, maar op de havo kon ik me slecht concentreren en bleef ik twee keer zitten. Toen dacht ik: ik wil iets praktisch doen. Ik ben naar de MTS gegaan en dacht: ik kan altijd nog verder studeren. Dat verder studeren deed ik naast mijn werk. Tien jaar lang werken en leren tegelijk, heerlijk. Ik volgde diverse opleidingen waaronder de aannemersopleiding, milieukunde, bachelor bedrijfskunde – richting verandermanagement. Leren en meteen in praktijk brengen.
Hoe werd daarop gereageerd?
“Dat was dertig jaar geleden. Toen was het nog veel minder normaal dan nu. Ik ging de aannemersopleiding volgen en daarnaast aan de slag als assistent-uitvoerder bij een aannemer. Al heel snel werd ik uitvoerder. Mensen moesten duidelijk wennen aan een jonge vrouw in zo’n functie. Maar het ging niet alleen om mijn gender – ook mijn leeftijd speelde mee. Je moet gewoon overwicht hebben en stressbestendig zijn. Dat leer je met de jaren. Nu, als 51-jarige, heb ik mijn strepen wel verdiend.”
Wat vind je het allerleukst aan je werk?
“Van niets iets maken. Dat je straks langs een gebouw kunt lopen en kunt zeggen: “Dat heb ik helpen realiseren.” Ik vind het geweldig om samen met vakmensen te werken, problemen op te lossen en elke dag buiten te zijn. De dynamiek van de bouw, dat maakt het voor mij het mooiste vak dat er is. Het is nooit saai.”
Wat is een moment in je carrière waar je trots op bent?
“Dat ik al twaalf jaar succesvol als zelfstandige uitvoerder werk. Ik regel mijn klussen zelf, zonder tussenpersonen. Bedrijven vragen mij rechtstreeks, via-via. Dat vind ik een groot compliment. Ik begon tijdens de crisis, en dat het me is gelukt om sindsdien te blijven draaien, maakt me trots.”
Je werkt nu 30 jaar in de bouw. Zijn er dingen die inmiddels makkelijker zijn geworden voor vrouwen, en wat blijft juist hardnekkig hetzelfde?
“Mensen blijven zich verbazen over een vrouwelijke uitvoerder. Er werken tegenwoordig wel wat meer vrouwen in de bouw, en dat maakt het makkelijker. De acceptatie is iets toegenomen. Maar er zijn nog steeds veel vooroordelen. Een vrouw zou niet sterk genoeg zijn voor op de bouw, of niet zo hard kunnen werken als een man. En wat me erg tegenvalt, is dat vaak wordt gezegd dat vrouwen zich ‘weerbaarder’ moeten maken. Ze moeten er maar tegen kunnen, zo'n werkomgeving. Dat vind ik zo verkeerd. Nee, vrouwen moeten zich niet weerbaarder maken, mannen moeten leren hoe ze met vrouwen omgaan op de bouwplaats. Dat is niet aan de vrouwen, dat is aan de mannen. En daar hebben we nog een hele slag te slaan.
Ook wordt er vaak gezegd dat er geen uitzonderingspositie voor vrouwen moet komen. Maar het ís een uitzonderingspositie. Laten we dat nou met elkaar erkennen. Ik weet bijvoorbeeld 100% zeker dat ik nog steeds minder verdien dan een mannelijke uitvoerder. Nou interesseert mij dat toevallig helemaal geen biet, maar ik bedoel, de vrouwenemancipatie, waar hebben we het over? We staan aan het begin.”
Werk je veel met andere vrouwen samen, of ben je vaak de enige? Hoe is dat?
“Ik ben meestal de enige vrouw op de bouw. Af en toe heb ik een vrouwelijke stagiaire of vakvrouw op de bouwplaats, en dan zorg ik altijd dat er voorzieningen zijn, zoals een eigen toilet. Ik zeg ook altijd: als er iets is, kom naar mij toe. Gewoon zorgen dat er een vertrouwende omgeving is voor zo'n dame. Dat is super belangrijk en dat zouden mannelijke uitvoerders ook moeten doen.”
Wie in de bouw inspireert jou?
“Ik heb niet echt een rolmodel. Wat mij inspireert, zijn de vakmensen. De jongens die elke dag voor dag en dauw opstaan, kilometers rijden en heel, heel zwaar werk doen. Vooral de vaklieden in de nieuwbouw. Die hebben een ongelooflijk zwaar beroep, en daar mogen we best meer respect voor hebben.”
Als je één ding kon veranderen om de sector beter te maken voor vrouwen – wat zou dat zijn?
“Het is niet één ding. Het gaat om een cultuurverandering. En het bespreekbaar maken. Dus de kwetsbaarheid eraf halen door juist aan te geven hoe kwetsbaar het is om als éénling tussen al die anderen te lopen.
Leidinggevenden moeten oog hebben voor kwetsbare mensen op de bouw. Dat kunnen vrouwen zijn, maar ook homo's, of allochtone mannen, of oudere mensen. Haal die kwetsbaarheid eraf door iemand niet in z'n eentje te laten zwemmen.
En durf onderscheid te maken. Durf te zeggen: jij bent een timmerman van 60 plus en ik vind het prima als jij even extra pauze houdt, of soms even wat eerder naar huis gaat, want jij sjouwt met diezelfde zware spullen als die jonge mensen en jouw lichaam is al een beetje op. Mensen moeten niet allemaal hetzelfde behandeld worden, want we zijn allemaal verschillend. Iedereen snapt dat je als jonge God net even wat meer sjouwt dan een oude man van boven de 60.”
Wat zijn je dromen voor de toekomst?
“Ik wil nog een paar bijzondere gebouwen realiseren, zoals bijvoorbeeld een ziekenhuis, zwembad of hotel. Ik werk nu vooral aan woningbouw, vaak op lastige locaties. Dat vind ik leuk: projecten met logistieke uitdagingen. Later hoop ik door Amsterdam te fietsen en te kunnen zeggen: “Dat gebouw heb ik geregisseerd.”
Wat zou je willen zeggen tegen meisjes/vrouwen die een baan in de bouw overwegen?
“Wees niet bang voor de omgeving. Laat zien wat je kunt, en je wordt omarmd. De bouw is een heerlijke wereld: buiten werken, aanpakken, samenwerken. Als je eenmaal je plek hebt gevonden, is het echt een grote familie.”
Welke boodschap wil je meegeven aan de mannen in de sector?
“Hou af en toe even je mond. Denk na over wat je zegt. Niet elke opmerking hoeft eruit. En kijk om je heen: hoe voelt de sfeer voor anderen? Een beetje meer bewustzijn zou de bouw voor iedereen prettiger maken.”
Is er iets dat je zelf graag wilt toevoegen?
“We moeten jongeren beter leren kijken naar wat bij hen past. Niet iedereen is gemaakt voor een kantoorbaan. Kijk naar je karakter: kun je niet stilzitten, ben je graag buiten, houd je van aanpakken? Dan is de bouw misschien juist dé plek voor jou. Ga doen wat bij jou past en waar jouw kracht ligt, in plaats van wat gezien wordt als ‘hoger’ of beter.”
Een loopbaancoach, iets voor jou?
Stel jij jezelf ook wel eens vragen als: Is dit het? Wat zou ik nog meer kunnen? Hoe krijg ik meer uitdaging in mijn werk? Wil ik de komende jaren voor dit bedrijf blijven werken? Hoe organiseer ik meer balans tussen werk en privé?
Ook een opleiding volgen kan tot de opties behoren, maar wat past er nou en hoe combineer je zoiets? Met loopbaanadvies van de FNV of Volandis word je geholpen om achter de antwoorden op dit soort vragen te komen.
Wanneer jij antwoorden zoekt op dit soort vragen, dan is dan is een loopbaancoach mogelijk iets voor jou!
Professionele loopbaanadviseurs
Als je verandering wilt in je werk, advies over je loopbaan of gewoonweg je werkplezier wilt vergroten, dan kun je terecht bij onze ervaren loopbaancoaches. Zij werken met jou aan een persoonlijk toekomstplan. Creëer je eigen weg, de coach zorgt voor individueel maatwerk! Een traject met onze loopbaancoaches is gratis wanneer je lid bent van de FNV.
Kijk voor meer info op Mijn Loopbaancoach of lees hier de folder.
Loopbaan coaching via de FNV
Ook via de FNV bieden we loopbaan coaching aan. Samen met onze consulenten en trainers kom jij erachter waar jouw kracht ligt en waar je echt gelukkig van wordt. Loopbaan FNV zit door heel Nederland en is ook gratis voor leden. Je kunt hier meer informatie vinden.
Hestia: Giny en Wytske: “Mijn moeder maakte de weg vrij, voor mij voelde de bouw nooit als een rare keuze.”
Hestia is de Griekse godin van de bouwkunst. In deze rubriek wordt een moderne godin van de bouwwereld geïnterviewd. Over haar inspiratie, de bouwwereld, en wat ze het leukst vindt in haar werk. Deze week zijn Giny Steggink, Projectleider Bouwteamprojecten bij Heijmans en haar dochter Wytske Maat, Manager Verwerving Services bij Hegeman Bouw & Infra, aan het woord.
Naam: Giny Steggink
Functie: Projectleider bouwteamprojecten bij Heijmans
Leeftijd: 57
Opleiding: HTS Civiele Techniek, Master Bedrijfskunde
Naam: Wytske Maat
Functie: Manager Verwerving Services bij Hegeman Bouw & Infra
Leeftijd: 27
Opleiding: Bestuurskunde (bachelor) en Bedrijfskunde (master) aan de Radboud Universiteit
Wanneer ontdekte je dat je de bouw in wilde?
Giny: “Mijn vader werkte in de bouw. Als kind ging ik in het weekend met hem mee, bijvoorbeeld om te helpen de betonnen vloeren weer nat te maken. Mijn opa had ook een aannemersbedrijf, dus ik groeide ermee op. Toch koos ik eerst voor laboratoriumonderwijs. In datzelfde gebouw zat Civiele Techniek en toen ik die studenten zag lopen met hun tekenkokers, dacht ik: dát lijkt me interessanter! Zo stapte ik over naar HTS Civiele Techniek. Eind jaren ’80 waren er nauwelijks vrouwen in de bouw – ik was de tweede vrouw ooit op de HTS Civiele Techniek. Ik denk dat het daardoor ook niet eerder in mij op kwam om voor die opleiding te kiezen. Het is een beetje via een omweg gegaan.”
Hoe werd daarop gereageerd?
Giny: “Toen ik mijn eerste baan kreeg bij een aannemer, twijfelde de directie of ze wel een vrouw moesten aannemen. Een van de directieleden had ’s avonds tegen zijn vrouw gezegd: ‘Eigenlijk vinden we die dame wel de beste. Maar ja, een vrouw in de aannemerij, moeten we dat nu wel doen?’ ‘Natuurlijk wel!’ had zijn vrouw gereageerd. En zo ben ik daar dus binnen gekomen.
Een week later moest ik voor een aanbesteding inlichtingen ophalen op het gemeentehuis. Zat ik daar tussen allemaal mannelijke aannemers. Toen ik terugkwam op kantoor hadden er allemaal mensen gebeld: ‘hebben jullie echt een vrouw in dienst?’ Ook dachten mensen vaak dat ik de secretaresse was als ik de telefoon opnam.
Wytske: Ik had laatst nog dat ik bij een universiteit aan kwam voor een schouw. Nog voor ik me kon aanmelden zei iemand al: ‘Oh, de studenten moeten de andere kant op.’
Giny: Toch heb ik over het algemeen positieve ervaringen gehad. Als je inhoudelijk sterk bent, accepteren ze je. Soms had ik zelfs het gevoel dat het een voordeel was – je valt op en mensen onthouden je sneller.”
Wanneer ontdekte jij dat jij de bouw in wilde, Wytske? Heeft de baan van jouw moeder daar ook aan bijgedragen?
Wytske: “Zeker. Ik heb bestuurs- en bedrijfskunde gestudeerd, dus technisch lag niet voor de hand. Maar omdat mijn ouders beiden in de bouw werkten, kreeg ik er thuis al veel van mee. Mijn eerste bijbaan was bij mijn vader op een groot infra project in Amsterdam. Dat beviel zo goed dat ik tijdens mijn studie ben blijven werken in de sector. Zo rolde ik er vanzelf in. Inmiddels werk ik ruim vier jaar fulltime bij Hegeman. Ik denk dat de vanzelfsprekendheid waarmee ik in de bouw stapte, zeker komt door mijn moeder. Voor mij voelde het nooit als een rare keuze.”
Welke verschillen zien jullie tussen de tijd dat jij begon (moeder) en nu (dochter) als vrouw in de sector?
Wytske: “Er zijn meer vrouwen, ook bij ons bedrijf. Soms zelfs zóveel dat er grapjes worden gemaakt door vrouwen zelf: ‘doe er maar geen vrouw meer bij.’ Dat was in mijn moeders tijd echt ondenkbaar.”
Giny: “Klopt. Toen ik begon, was ik vaak de enige. Voor dingen als kolven was helemaal geen plek, dat moest ik op de WC of in de auto doen. Ik denk dat dat nu wel beter is. Toevallig is bij ons pas nog besloten om te gaan zorgen voor passende werkkleding voor vrouwen.”
Wytske: Ik heb veel collega’s die niet full time werken, ook mannelijke collega’s. Voor niet alle functies wordt meer 40 uur gevraagd. Dat maakt het ook makkelijker voor vrouwen om hier te komen werken, zeker als ze kinderen hebben.
Giny: Ik ben op een gegeven moment wel naar 32 uur gegaan bij die aannemer, maar dat vond men destijds wel lastig. Er was toen ook een vacature voor afdelingshoofd. Die paste echt bij mij dus heb ik gesolliciteerd. Maar de directeur zei: nee, want jij werkt parttime. Ik denk dat er nu bij onze directie zeker wel meer bewustzijn is, omdat ze in de praktijk ervaren hebben dat het goed is om ook vrouwen in je teams te hebben. Het is gewoon beter voor het bedrijf, voor het resultaat van je projecten en voor de sfeer, om wat meer een mengelmoes te hebben.
Wat maakt de bouw zo leuk?
Wytske: “Voor mij is dat de diversiteit. Elk project is anders. Nieuwe klanten, nieuwe teams, telkens opnieuw verdiepen. Dat maakt het heel dynamisch. En ook de diversiteit qua teams. We hebben een lekkere mengelmoes qua mannen en vrouwen. Maar dat het ietsje meer mannen zijn, vind ik eerlijk gezegd wel fijn. Ik werk graag met mannen.”
Giny: “Jij gaat je ook altijd helemaal inlezen in de techniek, ook al heb je geen technische functie of achtergrond. En dan vertel je daar thuis over, bijvoorbeeld over hoe een damwandconstructie werkt. Dat vind ik leuk om te zien.
Voor mij is het teamwork het allermooiste aan de bouw. Je werkt met allerlei mensen samen – van kraanmachinisten tot ingenieurs – en je maakt iets tastbaars waar je trots op kunt zijn. Dat geeft veel voldoening.”
Wat is een moment in de carrière van je moeder/dochter dat je trots op haar was?
Giny: “Ik ben trots dat Wytske zich zo goed staande houdt in een mannenwereld en zichzelf blijft. Dat is niet altijd makkelijk. Je moet je toch meer bewijzen als vrouw. Wytske doet dat heel goed en maakt mooie stappen.”
Wytske: “Wat ik mooi vind bij mijn moeder is hoe ze in haar rol als projectleider de samenwerking centraal stelt. Ze blijft rustig en empathisch, en daardoor draaien projecten beter. Daar kan ik veel van leren.”
Zijn er dingen die inmiddels makkelijker zijn geworden voor vrouwen – en wat blijft juist hardnekkig hetzelfde?
Giny: “Parttime werken en voorzieningen zoals kolfruimtes en werkkleding zijn beter geregeld. Maar voor hogere functies moet je als vrouw nog steeds extra moeite doen om zichtbaar te maken dat je het kunt.”
Wytske: “Ja, en je merkt dat assertief gedrag bij vrouwen nog steeds anders wordt beoordeeld dan bij mannen. Als ik fel ben, krijg ik opmerkingen als ‘pittige tante,’ terwijl een man dat niet te horen krijgt.”
Wie is jullie rolmodel?
Wytske: “Mijn moeder is mijn grootste rolmodel. Daardoor vond ik het vanzelfsprekend om in de bouw te werken.”
Giny: “Vroeger had ik nauwelijks rolmodellen. Nu zie ik bij directies soms vrouwen – dat vind ik knap en inspirerend.”
Als jullie samen één ding mochten veranderen in de sector om het voor vrouwen aantrekkelijker te maken – wat zou dat zijn?
Giny: “Ik houd niet van een voorkeursbehandeling, maar als vrouw moet je vaak toch nog meer vechten voor je positie. Iets vaker kiezen voor de vrouwelijke in plaats van de mannelijke collega maakt het wellicht wat eerlijker. Als die vrouw van de directeur destijds niet had gezegd dat hij mij moest aannemen, was ik het niet geworden.”
Wytske: “En meer bewustwording bij directies: bespreek ambities en kansen ook expliciet met je vrouwelijke medewerkers.”
Wat zijn jullie dromen voor de toekomst?
Wytske: “Ooit een directiefunctie bekleden. Met mijn achtergrond kan ik juist daar bijdragen aan strategie en verandering in de bouw.”
Giny: “Nog grotere projecten leiden waarin samenwerking centraal staat. Vroeger had ik misschien een eigen bureau willen starten, maar dat zie ik nu meer als iets voor de volgende generatie.”
Wat zouden jullie tegen jonge vrouwen zeggen die twijfelen om deze sector in te stappen?
Giny: “Gewoon doen! Het is een prachtige sector met veel kansen.”
Wytske: “Ja, de bouw is divers, dynamisch en belangrijk voor de toekomst. Er is altijd wel een rol die bij je past – ook als je geen technische opleiding hebt.”
Is er iets dat jullie zelf graag willen toevoegen?
Wytske: “Wij zijn positief, maar we weten dat er ook andere verhalen zijn. Juist daarom is het goed dat deze verhalen zichtbaar worden.”
Giny: “Precies. Als je praat over de dingen waar je tegenaan loopt, merk je pas: misschien ligt het niet aan mij als persoon, misschien is het ook het vrouw zijn wat het moeilijker maakt.
Ik heb zelf ervaren dat het moeilijk kan zijn om door te groeien naar een hogere functie. Toen ik dat besprak met mijn man zei hij: ‘dat komt denk ik ook echt wel doordat jij een vrouw bent’. In zo’n situatie benoem ik dat dan niet expliciet. En misschien moet je dat inderdaad toch soms wél benoemen. Dat zorgt gewoon voor bewustwording, waardoor het beter wordt.”
Wytske: “En dat is natuurlijk ook makkelijker als er meer vrouwen zijn. Ik denk dat dat misschien ook nog wel een verschil is met toen jij begon. Dat ik het minder ervaar omdat er echt wel meer vrouwen in de bouw werken nu.”
Laat geen geld liggen, download je contributie jaaropgave!
De vergoeding die je van je werkgever dit jaar terugkrijgt voor je lidmaatschap bij FNV is €61,50 netto. Het is een afspraak in de cao Bouw & Infra dat je deze één keer in het jaar kan terugvragen en je kunt nu nog je jaaropgave downloaden en de contributie declareren.
De voorwaarden zijn dat je je werkgever vraagt de vergoeding te betalen, en dat je een bewijs laat zien van de contributiebetalingen aan de FNV. Dit bewijs is de jaaropgave, die klaarstaat in je MijnFNV-account.
Dit moet je doen
- Ga naar mijnFNV.nl
- Log in met je account, of maak een nieuw account aan als je dit nog niet hebt
- Geef aan of je UTA of bouwplaats medewerker bent!
- Download, print en onderteken je jaaropgave
- Lever de jaaropgave in bij je werkgever of afdeling personeelszaken. Bij de meeste werkgevers moet je de jaaropgave vóór half november inleveren, maar soms kan het ook later zijn. Informeer dus altijd even bij jouw bedrijf
- Je werkgever verrekent het voordeel en zorgt dat je het netto bedrag bij het salaris gestort krijgt
ZZP
Ben je ZZP’er of freelancer? Dan kun je de kosten voor het lidmaatschap van de vakbond opvoeren als beroepskosten bij de aangifte inkomensbelasting.
Meerdere werkgevers
Heb je dit jaar voor meerdere werkgevers gewerkt? Geen probleem, want je kunt de jaaropgave gewoon inleveren bij je huidige werkgever. De gehele vergoeding wordt bij die werkgever verrekend.
Pensioen/uitkering
Als je gepensioneerd bent of een uitkering krijgt, dan kun je helaas geen gebruikmaken van de regeling. De teruggave van een deel van de vakbondscontributie geldt alleen voor werkenden. De regeling wordt namelijk in de cao geregeld.
Heb je vragen of lukt het niet om je jaaropgave te downloaden? Neem dan contact met ons op door een mail te sturen naar uta@fnv.nl .
Zet je Out-of-Office aan op Equal Pay Day
Wist je dat vrouwen in Nederland gemiddeld nog altijd 10,5% minder per uur verdienen dan mannen?
De loonkloof is hardnekkig en zichtbaar in vrijwel alle sectoren. Dit probleem los je niet op met excuses, maar met concrete stappen van werkgevers voor eerlijke beloning. Daarom vragen we jouw hulp om de loonkloof zichtbaarder te maken.
24 november: Equal Pay Day
Equal Pay Day symboliseert het moment waarop vrouwen door de loonkloof de rest van het jaar ‘gratis’ werken. Doe mee met de ‘Out-of-Office’-actie op 24 november! Zet je automatische antwoord aan met een boodschap over de loonkloof en maak het onderwerp bespreekbaar.
Wet Loontransparantie
Veel vrouwen in Nederland verdienen nog steeds minder dan mannen, ook als ze hetzelfde werk doen. Dat is al tientallen jaren zo en zorgt ervoor dat vrouwen minder geld hebben en minder onafhankelijk zijn. De nieuwe wet Loontransparantie kan hier iets aan veranderen.
Out-of-Office-voorbeeld
Beste,
Dank voor je e-mail. Vandaag is het Equal Pay Day* en staat mijn out-of-office aan.
De loonkloof tussen mannen en vrouwen is in Nederland gemiddeld 10,5%. Dat betekent dat vrouwen voor hetzelfde werk nog steeds minder verdienen. Daarom ruil ik vandaag mijn takenlijst in voor een standpunt: dicht die loonkloof! Je leest het goed, 10,5% gemiddeld minder per uur. Dat betekent dat mijn persoonlijke loonkloof duizenden euro’s per jaar is. Dat moet toch anders kunnen?
Wil je weten wat jouw potentiële loonkloof is? Check het hier: www.fnv.nl/persoonlijkloonschandaal. Laten we samen voor meer openheid en eerlijkheid in beloning zorgen. Meer over deze actie lees je hier: www.fnv.nl/loonschandaal.
Ik ben terug op 25 november en beantwoord je e-mail dan zo snel mogelijk.
*Equal Pay Day is een jaarlijkse dag waarop we stilstaan bij de loonkloof tussen vrouwen en mannen. Op 24 november, Equal Pay Day, heeft een gemiddelde man het volledige jaarsalaris van een vrouw al verdiend, terwijl de vrouw dan nog tot het eind van het jaar door moet werken.
Hartelijke groet,
Heb ik de winterblues of een winterdepressie?
Omdat het minder lang licht is en het daglicht ook zwakker is dan in een ander seizoen, kun je je deze winter somber en neerslachtig voelen. Veel mensen hebben last van een winterdip of de zogenoemde ‘winterblues’. 1 op de 10 Nederlanders krijgt last van een winterdip of een winterdepressie.
Op het eerste gezicht lijken een winterdip en een winterdepressie op elkaar. Ze komen beide veel vaker voor als de dagen korter worden, zijn allebei hartstikke vervelend, en hebben beide een negatieve invloed op de gemoedstoestand. Maar vergis je niet, het zijn toch twee totaal verschillende dingen. Iemand met een dip kan de dagelijkse bezigheden ondanks de dip nog wel volhouden, terwijl iemand met een winterdepressie echt niet of nauwelijks meer in staat is te functioneren. De winterdip heeft ongeveer 8.5% van de Nederlanders last van. Het heeft vergelijkbare klachten met de winterdepressie, maar zijn dus wel milder. Daarnaast krijgt ongeveer 3% van de Nederlanders dit seizoen te maken met een winterdepressie. De een heeft meer aandacht nodig dan de ander. Dit zijn de belangrijkste kenmerken:
Winterdip:
- Een neveneffect van je lichaam, omdat het zich moet aanpassen op de donkere dagen dit seizoen,
- Je bent prikkelbaar,
- Je kan je minder goed concentreren/ je bent besluiteloos,
- Minder of geen behoefte aan sociale contacten,
- Je eten smaakt niet meer, of je wil juist meer eten,
- Gaat na een week of twee weer over, wanneer je lichaam helemaal is aangepast aan het nieuwe ritme dit seizoen,
- Heeft geen behandeling nodig.
Winterdepressie:
- Is een psychische aandoening,
- Gaat meestal niet over zonder behandeling. Bijvoorbeeld lichttherapie onder een speciale lamp kan helpen (als je 1x per dag in het licht van deze lamp zit, is er vaak al verbetering na een week). Of je kunt vragen om een doorverwijzing naar de psycholoog,
- Duurt het hele herfst- en winterseizoen, wordt vanaf het voorjaar weer minder,
- Heeft ergere symptomen; je kunt niet meer functioneren, je bent extreem prikkelbaar, en je hebt helemaal nergens meer zin in, je hebt meer slaap nodig (soms wel 14 uur op een nacht en je hebt meer eetlust (vooral koolhydraatrijk en zoet),
- Zorgt voor een permanente negatieve stemming.
- Je mag van een winterdepressie spreken als je tenminste 2 jaar achter elkaar deze klachten hebt.
Praat erover
Dit is misschien wel de belangrijkste tip die we je kunnen geven. Lucht je hart, het kan wonderen doen. Blijf er niet zelf mee zitten, maar praat over de winterblues of -depressie met je partner, vriend, of collega. Misschien ervaren zij wel hetzelfde en ben je niet de enige die het op het moment wat moeilijker heeft. En blijf je je neerslachtig en somber voelen, aarzel dan vooral niet en bespreek de klachten met je huisarts.
Als je door de depressie (bang bent dat je binnenkort) niet in staat bent om je werk uit te kunnen voeren, kun je contact opnemen met de bedrijfsarts. Dit contact is vertrouwelijk. De bedrijfsarts kan je persoonlijk advies geven met betrekking tot jouw situatie.
Lees hier alles over de kenmerken van een winterdepressie en wat je er tegen kunt doen.
Tips tegen de winterblues
Is het geen winterdepressie maar kun je wel een opkikker gebruiken deze winter? Nu de kans op sneeuw en daarmee sneeuwpret alsmaar afneemt, kun je hier nog wat tips vinden om de winterdip van je af te schudden, of nog beter; het te voorkomen!
- Neem tijd voor jezelf
Door de winterdip kun je je sneller futloos en vermoeid voelen. Negeer deze signalen vooral niet, en gun jezelf wat tijd om je energie weer aan te vullen. Wat geeft jou energie? Zoek een rustige activiteit die je mentale gesteldheid een boost geeft. Bijvoorbeeld een warm bad, een massage, of gewoon lekker op de bank zitten met een film of boek en kop warme chocolademelk. - Ga op tijd naar bed
In deze periode is het belangrijk om je slaapritme goed in de gaten te houden. Als je van jezelf al weet dat je gevoelig bent voor de winterdip, zorg dan dat je voor 11 uur ’s avonds in je bed ligt, en ook op een regelmatig tijdstip weer opstaat. Het is soms een uitdaging, maar acht uur slaap per dag is altijd belangrijk, dus ook nu. - De deur uit
Bah, guur, koud, nat.. Toch is het goed om naar buiten te gaan en je dagelijkse portie daglicht te krijgen. In deze tijd van het jaar gaan veel mensen in het donker richting hun werk, en komen ook pas weer thuis als het donker is. Probeer overdag een rondje te lopen buiten en een frisse neus te halen. Bij voorkeur in de ochtend, zodat het brein zoveel mogelijk wordt blootgesteld aan zonlicht om de biologische klok te reguleren en de stemming te verbeteren. - Beweeg
Eerder plaatsen we een artikel over dat we teveel zitten en dat daar gezondheidsrisico’s aanzitten. Te weinig bewegen kan er ook voor zorgen dat je een winterdip krijgt. Van een half uurtje bewegen per dag krijg je al een aardige dosis endorfine en serotonine; twee stofjes die ervoor zorgen dat je je beter in je vel voelt. - Haal groen in huis
Onderschat de kamerplant vooral niet. Al die kale bomen buiten kunnen onbewust je humeur beïnvloeden. Mensen reageren van nature goed op de natuur. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt bovendien dat planten in huis je stressniveau naar beneden brengen. Sterker nog, zelfs een plaatje van een plant heeft al effect. - Wees positief
Even klagen over bijvoorbeeld het weer is natuurlijk super lekker, maar we worden er ook negatiever van. Probeer eens de positievere kanten te noemen. Je kan vragen of een vriend of vriendin je winterbuddy wil zijn. App elkaar elke dag een winters hoogtepunt. Bijvoorbeeld dat je kan genieten van de knusse kerstverlichting of iets moois wat het winterse weer teweeg heeft gebracht. - Mooie vooruitzichten
Er is echt geen beter moment om je zomerplannen te maken. Door alle voorpret en te dagdromen over de zomer, komt de lente een stuk sneller dichterbij.










