Loonstrook | Waar moet je op letten?
Het is belangrijk om je loonstrook goed te controleren. Hierop staat namelijk precies hoe je salaris is opgebouwd en welke bedragen worden ingehouden. Een foutje is snel gemaakt, dus in dit artikel leggen we uit waar je op moet letten.
Een loonstrook is het overzicht van je salaris. Je krijgt elke maand, of elke vier weken, loon op je rekening gestort. Dat bedrag bestaat uit verschillende onderdelen. Op je loonstrook zie je bijvoorbeeld:
- Je brutoloon,
- Toeslagen en vergoedingen,
- Inhoudingen zoals belasting en pensioenpremie,
- Je nettoloon.
Je ontvangt een loonstrook vaak per mail, via een app, via een online personeelsportaal, of soms nog gewoon op papier. De meeste werknemers ontvangen iedere maand een loonstrook, maar dat hoeft niet. Het komt ook voor dat je per vier weken of wekelijks een loonstrook ontvangt. Het is voor de werkgever alleen verplicht om bij je eerste salaris een loonstrook te geven, en wanneer er iets verandert in je loon.
Je kunt hier een voorbeeld vinden van een loonstrook.
Het verschil tussen bruto en netto
Je brutoloon is het totale salaris dat je hebt verdiend voordat er belastingen en premies worden ingehouden. Van dit bedrag gaan bijvoorbeeld loonheffing en pensioenpremie af.
Wat er daarna overblijft is je nettoloon. Dit is het bedrag dat je daadwerkelijk op je bankrekening ontvangt.
Wat staat er op een loonstrook?
Iedere loonstrook ziet er anders uit, maar een aantal onderdelen moeten altijd vermeld worden:
- Persoonlijke gegevens; de naam van de werknemer en de naam van de werkgever,
- Het stamsalaris; dit is het brutosalaris dat je zou ontvangen wanneer je fulltime werkt,
- Het aantal gewerkte uren of het parttimepercentage; wanneer je parttime werkt moet je goed controleren of het aantal uren of het percentage klopt.
- Loontijdvak; de periode waarover je salaris wordt betaald, bijvoorbeeld april 2026,
- Vergoedingen; bijvoorbeeld reiskostenvergoeding of thuiswerkvergoeding,
- Wettelijk minimumloon,
- Vakantietoeslag,
- Inhoudingen; zoals pensioenpremie,
- Loonheffing; dit bestaat onder andere uit de loonbelasting, premies volksverzekeringen, premies werknemersverzekeringen, en de bijdrage Zorgverzekeringswet
Pensioenpremie
In veel cao’s is afgesproken dat werknemers pensioen opbouwen. Daar betaal je vaak zelf ook een deel aan mee. Dit zie je terug op je loonstrook. Wanneer jouw werkgever zonder pensioenregeling werkt wordt er mogelijk geen pensioenpremie ingehouden.
Loonheffingskorting
Wanneer je in Nederland werkt heb je meestal recht op belastinkorting via de loonheffingskorting. Let wel op: je mag de loonheffingskorting maar bij één werkgever laten toepassen, ook als je meerdere werkgevers hebt.
Je loonstrook controleren
Pak je arbeidscontract er eens bij en controleer ook de cao of het bedrijfsreglement als die van toepassing zijn. Vergelijk deze documenten met je loonstrook.
Controleer bijvoorbeeld:
- klopt het brutoloon?
- zijn toeslagen goed verwerkt?
- staat het juiste aantal uren vermeld?
- worden overuren correct uitbetaald?
- klopt de pensioeninhouding?
- is het nettoloon daadwerkelijk op je rekening gestort?
Het is ook raadzaam om zelf je gewerkte uren en overuren bij te houden. Zo kun je op tijd zien of er iets ontbreekt of niet klopt.
Hulp nodig?
Je loonstrook kan een ingewikkeld document zijn. Neem de tijd om je loonstrook te leren begrijpen en vraag uitleg als iets onduidelijk is.
Denk je dat er iets niet klopt op je loonstrook? Overleg dit met je werkgever of neem contact met ons op. Stuur een mail naar uta@fnv.nl . Wij kijken graag met je mee en helpen je om te controleren of je krijgt waar je recht op hebt.
5 mei: Vrij op Bevrijdingsdag?
Op 5 mei vieren we in Nederland Bevrijdingsdag. Volgens de wet is Bevrijdingsdag een officiële nationale feestdag, maar is het ook een vrije dag?
Dat 5 mei een nationale feestdag is betekend niet dat je automatisch ook vrij bent. Of dit wel of niet het geval is vind je terug in je cao of in je arbeidsovereenkomst. In artikel 3.4.1 van de cao Bouw & Infra, genaamd 'In de cao erkende feestdagen', staat dat de werknemer recht heeft op betaald verlof op nieuwjaarsdag, tweede paasdag, Koningsdag, Hemelvaartsdag, tweede pinksterdag, de beide kerstdagen, en eens in de vijf jaar op 5 mei (2025, 2030, enzovoort).
Dit jaar is Bevrijdingsdag dus niet een doorbetaalde vrije dag!
In de cao erkende feestdagen
Verder staat er in de cao Bouw & Infra in het artikel over in de cao erkende feestdagen dat de werkgever over de eerder genoemde feestdagen het vast overeengekomen loon of het salaris betaalt. En werkt de werknemer op een cao erkende feestdag in ploegendienst? Dan geeft de werkgever hem/haar op een andere dag betaald verlof.
Bekijk hier de lijst van de officiële feestdagen in Nederland in 2026.
Grensoverschrijdend gedrag
Iedereen heeft recht op een veilige werkplek. Toch hebben veel werkenden in Nederland te maken met grensoverschrijdend of ongewenst gedrag op het werk, ook in de bouwsector.
Grensoverschrijdend gedrag is ongewenst gedrag waar jij je niet goed bij voelt en waar jij geen toestemming voor hebt gegeven. Bij grensoverschrijdend gedrag brengt iemand je schade toe op een fysieke, mentale of emotionele manier. Dit kan in verschillende vormen voorkomen zoals discriminatie, pesten, (seksuele) intimidatie en agressie. Daders kunnen collega’s of leidinggevenden zijn, maar ook bijvoorbeeld patiënten, klanten of passagiers. Dit soort gedrag kan lastig zijn om aan te geven, zeker als diegene die jouw grenzen overschrijdt meer macht heeft dan jij.
Grensoverschrijdend gedrag kan iedereen treffen, maar het komt vaker voor bij vrouwen, jonge mensen, LHBTI’ers, mensen met een migratieachtergrond en mensen met een beperking. Daarnaast loop je ook meer risico op grensoverschrijdend gedrag als jij niet in vaste dienst bent binnen jouw organisatie. Denk daarbij aan een tijdelijk contract, flexibel contract, 0-uren contract of werk dat jij doet als zelfstandige.
Gevolgen grensoverschrijdend gedrag
De FNV doet al enkele jaren onderzoek naar dit onderwerp en de gevolgen voor het leven van slachtoffers. Op basis van eerdere data heeft de FNV een analyse gemaakt van de factoren die invloed hebben op de gevolgen van grensoverschrijdend gedrag. Klik hier om meer te lezen over de gevolgen.
Omstanderstraining
Om jou te helpen om dergelijk gedrag op de werkvloer te voorkomen en aan te pakken biedt de FNV (via de Stichting van de Arbeid) omstanderstrainingen aan. Tijdens deze training leer je wat je kunt doen als je getuige bent van ongewenst gedrag op de werkvloer. Je krijgt praktische tips en handvatten om in actie te komen. De training is gratis. Lees hier meer over de omstanderstraining van Social Safety.
Vertrouwenstelefoon FNV
Wanneer je grensoverschrijdend gedrag meemaakt of ziet kan je naar een vertrouwenspersoon stappen. De meeste organisaties en/of sectoren hebben zo’n vertrouwenspersoon. Helaas blijkt uit onderzoek van de FNV dat maar de helft van de werknemers de vertrouwenspersoon kent. Hiervan vindt 12 procent dat de vertrouwenspersoon niet deskundig is en heeft 15 procent geen vertrouwen in deze persoon. De FNV vertrouwenstelefoon kan een luisterend oor en advies bieden aan mensen die te maken hebben met grensoverschrijdend of ongewenst gedrag. Neem gerust contact met ons op!
Word lid en sta sterker in je werkschoenen
Met een lidmaatschap bij de FNV sta je sterker. Je hebt invloed op je eigen arbeidsvoorwaarden en aan de cao-tafel, je krijgt hulp bij letselschade en beroepsziekte, en persoonlijk advies over je werk en je loopbaan. Daarbij biedt de FNV altijd hulp bij een toekomstig arbeidsconflict. Meer weten? Klik dan hier voor meer informatie, of hier om je direct aan te melden.
Jeugdloon omhoog vanaf januari 2027
Het is officieel: het jeugdloon in Nederland gaat omhoog vanaf januari 2027. Jongeren van zestien tot en met twintig jaar gaan meer per uur verdienen. Het minimumjeugdloon stijgt voor alle leeftijden in deze groep, waardoor het inkomen dichter bij dat van volwassenen komt.
En dat is goed nieuws! Jarenlang heeft de FNV actie gevoerd tegen het jeugdloon, omdat je voor gelijk werk gelijk beloond hoort te worden. Jongeren in Nederland verdienen een percentage van het minimumloon voor volwassenen. Deze percentages gaan volgend jaar dus omhoog, waardoor het uurloon stijgt. De percentages stijgen als volgt:
- Voor zestienjarigen stijgt het minimumloon van 34,5 procent naar 40 procent
- Voor zeventienjarigen van 39,5 procent naar 50 procent
- Voor achttienjarigen van 50 procent naar 62,5 procent
- Voor negentienjarigen van 60 procent naar 75 procent
- Voor twintigjaren van 80 procent naar 87,5 procent
Nederland blijft achter in Europa
Evenwel blijft Nederland binnen Europa het slechtste jongetje van de klas als het gaat om eerlijke beloning van jongeren. Zelfs met deze aanpassing blijven jonge werkenden in ons land ver achter bij hun leeftijdsgenoten in andere landen. In landen als Duitsland en Frankrijk verdienen jongeren van 18 jaar al meteen een volwassen loon.
Daarnaast groeit nu de kloof met de jeugdlonen voor minderjarigen. Dat maakt jongeren onder de 18 jaar extra kwetsbaar op de arbeidsmarkt: ze worden goedkoop ingezet, maar zodra ze ouder worden, en dus meer gaan kosten, is het risico groot dat werkgevers van hen af willen. Zo blijft het ‘supermarktpensioen’ bestaan, waarbij jongeren snel vervangen worden zodra ze ouder worden en de bijbehorende loonsverhoging bereiken.
Strijd nog niet gestreden
De komende tijd gaat FNV in gesprek met de achterban om te horen wat jongeren hiervan vinden. Young & United organiseert bijeenkomsten, gaat supermarkten in en blijft zichtbaar op plekken waar jongeren werken.
De verhoging van het jeugdloon is dus een historische stap die gevierd mag worden, maar de FNV blijft strijdbaar. We gaan door totdat alle jongeren voor gelijk werk gelijk beloond worden! Sluit je aan.
Micro- en macro-agressie: wat is het en waarom is het belangrijk?
Als vakbond zien we dagelijks wat agressie op de werkvloer met mensen doet. Werknemers voelen zich onveilig, raken uitgeput of vallen uit. Toch wordt niet alle agressie herkend. Tijd om stil te staan bij het verschil tussen micro- en macro-agressie, en waarom dat ertoe doet.
Agressie op de werkvloer komt vaker voor dan veel mensen denken. Het is niet altijd zichtbaar of luidruchtig. Soms is het openlijk en confronterend, maar vaak zit het in kleine, subtiele gedragingen die zich opstapelen. Juist die combinatie maakt het een serieus arbeidsprobleem.
Als vakbond zien wij dagelijks wat de impact is: werknemers die zich onveilig voelen, uitvallen door stress of zelfs hun baan verlaten. Daarom is het belangrijk om onderscheid te maken tussen verschillende vormen van agressie, zoals macro- en micro-agressie.
Wat is macro-agressie?
Macro-agressie is de meest zichtbare en herkenbare vorm van grensoverschrijdend gedrag. Het gaat om openlijk, direct en vaak bewust gedrag dat iemand schaadt. Denk hierbij aan schelden, bedreigen, intimideren, of iemand publiekelijk vernederen. Dit soort gedrag laat weinig ruimte voor twijfel: het is duidelijk onacceptabel.
Als bond spreken wij helaas wekelijks werknemers die hiermee te maken krijgen. Een van hen verwoordde het zo: “Mijn leidinggevende begon te schreeuwen toen ik een fout maakte. Hij noemde me ‘waardeloos’ waar collega’s bij stonden. Ik voelde me compleet vernederd.”
Macro-agressie heeft vaak directe gevolgen, zoals angst, stressklachten en verminderde werkprestaties. Werkgevers zijn wettelijk verplicht om werknemers hiertegen te beschermen.
Wat is micro-agressie?
Micro-agressie is subtieler, maar zeker niet minder schadelijk. Het gaat om kleine, vaak onbewuste opmerkingen of gedragingen die iemand het gevoel geven er niet bij te horen of minder serieus genomen te worden. Voorbeelden zijn grapjes die eigenlijk kwetsend zijn, iemand structureel negeren of onderbreken, of aannames doen over iemands achtergrond, leeftijd of functie.
Een werknemer vertelde ons: “Mijn ideeën werden vaak genegeerd in meetings. Pas als een collega hetzelfde zei, werd het ineens serieus genomen. Het voelde alsof ik er niet toe deed.”
Omdat micro-agressie minder zichtbaar is, wordt het vaak gebagatelliseerd (“zo bedoelde ik het niet”). Toch kan juist deze vorm leiden tot langdurige stress, verminderde betrokkenheid en zelfs burn-outklachten.
Waarom dit onderwerp zo belangrijk is
Onderzoek van onder andere TNO en Centraal Bureau voor de Statistiek laat zien dat een aanzienlijk deel van de werknemers in Nederland te maken krijgt met ongewenst gedrag op de werkvloer, zoals intimidatie, pesten of discriminatie.
Daarnaast stelt de Arbowet dat werkgevers verplicht zijn om psychosociale arbeidsbelasting (PSA), waaronder agressie en intimidatie, te voorkomen of te beperken.
Voor werknemers betekent dit:
- Je hebt recht op een veilige werkplek
- Je hoeft agressie niet te accepteren
- Je kunt dit bespreekbaar maken, intern of via de FNV
Voor werkgevers betekent dit:
- Actief beleid voeren tegen ongewenst gedrag
- Een veilige meldcultuur creëren
- Leidinggevenden trainen in herkennen en aanpakken van agressie
De impact: vaak groter dan je denkt
Wat wij in de praktijk zien: vooral micro-agressie wordt onderschat. Maar juist de opeenstapeling van kleine incidenten kan grote gevolgen hebben. Werknemers raken minder zelfverzekerd en/of minder betrokken bij hun werk. Daarnaast blijkt dat werknemers onder invloed van micro-agressie sneller ziek of overspannen raken. In ernstige gevallen leidt het tot langdurig verzuim of vertrek uit de organisatie.
Wat kun je doen als werknemer?
Ervaar je zelf agressie of zie je het bij collega’s? Dan is het belangrijk om in actie te komen:
- Benoem het gedrag (als dat veilig kan)
- Houd voorbeelden bij
- Bespreek het met een vertrouwenspersoon, OR of HR
- Neem contact op met de FNV voor advies en ondersteuning. De FNV vertrouwenstelefoon kan een luisterend oor en advies bieden.
Je staat er niet alleen voor.
Word lid en sta sterker in je werkschoenen
Met een lidmaatschap bij de FNV sta je sterker. Je hebt invloed op je eigen arbeidsvoorwaarden en aan de cao-tafel, je krijgt hulp bij letselschade en beroepsziekte, en persoonlijk advies over je werk en je loopbaan. Daarbij biedt de FNV altijd hulp bij een toekomstig arbeidsconflict. Meer weten? Klik dan hier voor meer informatie, of hier om je direct aan te melden.
Kom in actie op 22 april: Ketelhuisplein, Eindhoven
De plannen uit het coalitieakkoord raken ons allemaal, ook in de bouwsector. Daarom komen we samen in actie! Op 22 april verzamelen we op het Ketelhuisplein in Eindhoven om een frietje te eten en het met elkaar te hebben over de toekomst.
Kom ook! Sta niet aan de zijlijn, samen maken we het verschil. Je kunt je frietje reserveren door op deze link te klikken. Nodig ook je collega’s uit om langs te komen!
(Dit bericht gaat verder onder de flyer)
Programma
Je bent van harte welkom op het Ketelhuisplein in Eindhoven, van 12:00 en 14:00. Tijdens de bijeenkomst krijg je, naast een frietje, ook informatie over de plannen uit het coalitieakkoord. We vertellen welke rol jij en de vakbond hierin spelen, en hoe we sterker kunnen staan.
Coalitieakkoord
De plannen van het minderheidskabinet D66, CDA, en VVD hebben de volgende plannen:
- De AOW-leeftijd verhogen
- De WW en de WIA afbreken
- Miljarden bezuinigen op de zorg
- En niets vragen van de allerrijksten in Nederland
Deze plannen zijn onnodig, oneerlijk en onverantwoord. De FNV wil het tegenovergestelde en pleit voor een eerlijke AOW-regeling, een sterk sociaal vangnet, zorg zonder kaalslag, en ee rechtvaardige verdeling van lasten. Kortom, de kabinetsplannen moeten van tafel.
Rekentool
FNV is inmiddels een petitie gestart tegen de kabinetsplannen en heeft ook een rekentool ontwikkeld waarmee werknemers zelf kunnen uitrekenen hoeveel geld zij minder krijgen als ze werkloos raken. In de petitie eist de vakbond het behoud een sterk sociaal vangnet in Nederland met:
- Geen verkorting of andere bezuiniging in de WW.
- Geen bezuinigingen, maar verbeteringen in de WIA.
- Premiegeld voor sociale zekerheid moet naar sociale zekerheid.
Kom in actie en sluit je aan. De toekomst is van ons! Hier vind je meer informatie.
Symposium Workers’ Memorial Day
Ieder jaar op 28 april staan we stil bij Workers’ Memorial Day, een dag waarop we werknemers herdenken die hun leven hebben verloren of gewond zijn geraakt door hun werk. Maar deze dag is meer dan alleen een moment van herdenking. Het is ook een oproep tot actie, een moment van reflectie én een kans om samen te werken aan echte verandering.
Die noodzaak is groot. Jaarlijks overlijden in Nederland meer dan 4.000 mensen als gevolg van een arbeidsongeval of beroepsziekte. Dat zijn er veel te veel. Veilig en gezond werk is geen luxe, maar een fundamenteel recht voor iedereen, óók voor arbeidsmigranten, die vaak onder extra kwetsbare omstandigheden werken.
Voor werknemers in de bouwsector is deze dag extra betekenisvol. Tussen hoge steigers en het constante geluid van machines lopen zij dagelijks risico. De bouw behoort in Nederland tot de sectoren met de meeste arbeidsongevallen. Dat onderstreept hoe belangrijk het is om veiligheid niet als vanzelfsprekend te zien, maar als iets waar we continu samen aan moeten werken.
Arbeidsveiligheid raakt ons allemaal. Of het nu gaat om het maken van realistische planningen, het inkopen van veilige materialen of het creëren van een werkomgeving waarin veiligheid bespreekbaar is. Iedereen draagt verantwoordelijkheid. Alleen samen kunnen we ervoor zorgen dat werk veilig blijft en dat collega’s op elkaar kunnen rekenen.
Symposium ‘Geen mens is wegwerpbaar’
In aanloop naar Workers’ Memorial Day organiseert de FNV samen met de Stichting Arbeidsongevallen op donderdag 23 april het symposium ‘Geen mens is wegwerpbaar’. Dit jaar staat het symposium in het teken van arbeidsongevallen onder arbeidsmigranten.
Tijdens de bijeenkomst gaan deelnemers met elkaar in gesprek over hoe de bescherming van arbeidsmigranten verbeterd kan worden. Ook delen werknemers hun ervaringen vanaf de werkvloer, waardoor duidelijk wordt wat er in de praktijk speelt.
Praktische informatie
- Wat: Symposium Geen mens is wegwerpbaar
- Wanneer: Donderdag 23 april, 13.30 – 16.30 uur (inloop vanaf 13.00 uur)
- Waar: Congres Centrum B&I op het Bouw&Infrapark, Ceintuurbaan 2-20 in Harderwijk
Sprekers
Onder anderen de volgende sprekers leveren een bijdrage:
- Rob Paumen, hoofd Arbo en plaatsvervangend directeur van de Arbeidsinspectie
- Hans Crombeen, bestuurder FNV Bouwen en Wonen
- David van Swol, strategisch expert sociale zaken en werk
- Klaas Zwart, voorzitter Stichting Arbeidsongevallen
Het symposium is bedoeld voor iedereen die zich bezighoudt met veilig en gezond werken. Klik hier om je aan te melden.
Samen herdenken we op Workers’ Memorial Day niet alleen het verleden, maar zetten we ook stappen richting een veiligere toekomst. Laten we ervoor zorgen dat iedere werknemer, van uitvoerder tot timmerman, aan het einde van de werkdag weer veilig thuiskomt.

1 mei: Dag van de Arbeid
Ieder jaar staat 1 mei wereldwijd in het teken van de Dag van de Arbeid. In Nederland is het (nog) geen vrije dag. Dat zou wel moeten!
Op 1 mei vieren we de Dag van de Arbeid in Amsterdam! Samen met miljoenen mensen over de hele wereld vieren we op deze dag wat we hebben bereikt. Neem je bouwhelm mee en kom samen met je collega’s op 1 mei naar Amsterdam. Laten we samen onze successen vieren én aandacht vragen voor de volgende actuele thema's:
- Eerlijke lonen en een goed sociaal vangnet.
- Recht op vrije tijd en een gezonde werk-privé balans.
- Vakbondsrechten en bescherming tegen uitbuiting (overuren niet uitbetaald krijgen).
- Duurzame arbeidsvoorwaarden in een snel veranderende economie.
Vier het in Amsterdam!
Op 1 mei staan we op voor wat écht belangrijk is: solidariteit. Dat is nu belangrijker dan ooit. De aandeelhouders worden nog steeds rijker. De boodschappen worden nog steeds duurder. En de ongelijkheid wordt nog steeds groter. Met de huidige wereldleiders zal de onzekerheid alleen maar toenemen en zullen de prijzen verder stijgen. Daarom is nu de tijd om onze stem te laten horen: voor een eerlijke verdeling van rijkdom, voor goede zorg en goed onderwijs, en voor een rechtvaardige samenleving.
-
14.00 uur: start Mars van de Arbeid Museumplein Amsterdam
-
16.00 uur: start Manifestatie Martin Luther Kingpark Amsterdam
-
19.00 uur: einde Dag van de Arbeid
Op 1 mei organiseert de FNV een gratis manifestatie in Amsterdam. Ben jij erbij? Meld je aan om gebruik te maken van het gratis busvervoer!
Wat er op het spel staat
Een greep uit het regeerakkoord:
-
Uitgeklede WW en WIA
-
Snoeiharde bezuinigingen op de zorg
-
AOW-leeftijd die steeds verder oploopt
-
Geen plannen voor de betaalbaarheid van woningen
-
Meer ongelijkheid; mensen met lage en middeninkomens gaan er alleen nog maar meer op achteruit
Dit zijn keuzes die onze zekerheden onder druk zetten. Zekerheden waar we jarenlang voor hebben gestreden. Dit laten we niet gebeuren. Samen laten we zien dat Nederland eerlijker kan én moet zijn. Pak samen met ons je toekomst terug!
Feestdag
In veel Europese landen is 1 mei een officiële, doorbetaalde feestdag. In Nederland is dat (nog) niet het geval. Dat komt deels omdat vroeger Koninginnedag op 30 april viel, en wij voornamelijk op kerkelijke feestdagen, zoals Pasen en kerst, vrij zijn. Een andere reden is dat de confrontaties tussen vakbonden en de overheid in ons land een stuk minder heftig waren dan in bijvoorbeeld Frankrijk of Spanje. Ons poldermodel heeft de scherpe randjes van de protesten gehaald, waardoor de Dag van de Arbeid in de loop der jaren eigenlijk meer naar de achtergrond is verdwenen.
Vieren én herdenken
In Nederland zou de Dag van de Arbeid ook een vrije dag moeten zijn. Niet alleen om de werknemers te vieren, maar ook om te herdenken, en onze internationale solidariteit te tonen. Zolang dat niet nationaal is geregeld, proberen vakbonden daar in de cao’s afspraken over te maken. Zo is bijvoorbeeld in de cao Schoonmaak wel afgesproken dat de werknemers vrij zijn op 1 mei.
Ontstaan van Dag van de Arbeid
Voor het ontstaan van de Dag van de Arbeid gaan we terug naar het jaar 1889. Op het congres van de Tweede Internationale van 1891 werd besloten om van de Dag van de Arbeid een jaarlijkse traditie te maken. In de Verenigde Staten en een groot deel van Europa gingen mensen de straat op voor de achturige werkdag, betere arbeidsvoorwaarden en het behoud van vrede. In de jaren hierna wordt de Dag van de Arbeid een jaarlijks terugkerende traditie.
Deregulering in Europa: minder regels, meer risico's
Terwijl de woningnood groeit en de energietransitie vraagt om vakmanschap, zet Europa, onder invloed van de werkgeverslobby, in op minder regels en snellere procedures. De deregulering moet onder andere de woningbouwopgave versnellen, maar dreigt juist de positie van werkenden en goedwillende bouwbedrijven te verzwakken. Wat betekent deze koers concreet voor de bouwarbeidsmarkt? En wie betaalt uiteindelijk de prijs van ‘minder regels’?
Wie in de bouw werkt, voelt het al jaren: de druk is hoog. Projecten moeten sneller, goedkoper en met minder mensen. Tegelijkertijd stapelen de maatschappelijke opgaven zich op: van de woningnood tot de energietransitie. Tegen deze achtergrond presenteert Europa nu een dereguleringsagenda. Dat betekent minder regels, meer ruimte voor bedrijven, en snellere procedures. Op papier klinkt dat aantrekkelijk. Maar achter die agenda schuilt een ontwikkeling die grote gevolgen kan hebben voor alle werkenden in de sector: bouwvakkers, technici én UTA’ers in de sector.
De FNV volgt deze plannen al een hele tijd. En wat nu op ons afkomt, vraagt om aandacht.
Een golf van deregulering
Begin 2025 kondigde de Europese Commissie haar werkprogramma aan. Kern van de boodschap: Europa moet concurrerender worden. Dat betekent volgens de Commissie dat bedrijven minder last moeten hebben van ‘overmatige regelgeving’. Deze gedachte komt niet uit de lucht vallen. Grote werkgeversorganisaties en multinationals lobbyen hier al jaren voor, zowel op Europees niveau in Brussel als in Den Haag. Ook de Nederlandse regering omarmt deze koers.
De bouwsector staat hierbij nadrukkelijk in de schijnwerpers. Volgens de Commissie remmen regels de innovatie en productiviteit in de sector, en zouden arbeidstekorten in de bouw zelfs een belangrijke oorzaak zijn van de woningcrisis. Dat is een eenzijdige analyse. Ja, er zijn tekorten. Maar die zijn mede het gevolg van jarenlange flexibilisering, versnippering en te weinig investeringen in vakmanschap.
Minder regels, meer risico’s
Deregulering klinkt misschien vaag, maar de gevolgen zijn wel concreet. Minder regels op bijvoorbeeld controle en handhaving van grensoverschrijdend werken raken sectoren waar handhaving nu al moeilijk is, zoals de bouw. Denk aan detachering, lange ketens van onderaanneming en het gebruik van uitzend- en bemiddelingsbureaus. In theorie geldt in Europa het principe ‘gelijk loon voor gelijk werk op dezelfde plek’. In de praktijk zien we dat dit bijna onmogelijk te controleren is.
Nederland is binnen de EU één van de grootste ontvangers van gedetacheerde bouwarbeiders. Vaak gaat het om laaggekwalificeerd werk, met mensen die vandaag hier werken en morgen ergens anders. Juist daarom is zicht op wie er op de bouwplaats rondloopt essentieel. Deregulering op controlerende maatregelen betekent concreet: meer werkenden onder de radar, meer kwetsbaarheid voor uitbuiting en meer oneerlijke concurrentie op arbeidsvoorwaarden.
Ook de veiligheid op de bouwplaats staat op het spel. De bouw is nog altijd een van de gevaarlijkste sectoren om in te werken. Regels, certificaten en toezicht zijn geen overbodige luxe, maar dienen een doel. Het schrappen van regels is dan ook geen oplossing. Wat wél werkt, zijn betere, efficiëntere regels, én consequente handhaving daarvan.
Europese plannen rond woningbouw
Ook presenteerde de Commissie eind 2025 een Europees plan voor betaalbaar wonen. Daarin wordt wonen terecht neergezet als grondrecht en als sociale pijler van Europa. De analyse is herkenbaar: huizenprijzen en huren zijn fors gestegen, investeringen in woningbouw blijven achter en vergunningverlening loopt vast.
Maar de oplossingen die Europa voorstelt, zijn dubbel. Aan de ene kant wil men investeren en innovatie stimuleren. Aan de andere kant wordt deregulering gepresenteerd als sleutel tot succes. Minder rapportageverplichtingen, soepelere milieuregels en makkelijker grensoverschrijdend werken in de bouw moeten de productie opvoeren.
Wat daarbij ontbreekt, is aandacht voor de mensen die het werk moeten doen. Arbeidstekorten worden aangegrepen om meer arbeidsmigratie, ook van buiten de EU, te faciliteren, zonder stevige garanties voor scholing, integratie en bescherming. Dat zet extra druk op cao’s, opleidingsstructuren en arbeidsomstandigheden.
Eén Europese norm?
Een voorstel dat speciale aandacht vraagt, is de Speciale Bouwwetgeving (Construction Services Act) die de Commissie het laatste kwartaal van dit jaar verwacht te presenteren. In dit voorstel wordt gesproken over het ontwikkelen van één ‘Social ID card’ op Europees niveau. Dit is een zorgwekkende ontwikkeling. In diverse lidstaten zijn in de bouwsector dit soort ‘Social ID cards’ ontwikkelt. Wij praten in Nederland zelf al jaren over de implementatie van BouwplaatsID. Deze kaarten zijn ontwikkeld in de context van het (juridische) regime dat in een lidstaat aanwezig is. Deze systemen zijn per definitie maatwerk bedoeld om o.a. handhaving van arbeidsvoorwaarden of veiligheid te faciliteren of te ondersteunen. Met de ontwikkeling van één ‘EU social ID’-card wordt niet handhaving op nationaal niveau bevorderd, maar wordt meer grensoverschrijdende dienstverlening gefaciliteerd en dreigt harmonisatie op basis van de laagste gemene deler. Nationale systemen die juist zijn ontwikkeld om grip te krijgen op misstanden, worden gezien als ‘belemmering’.
Wat staat er echt op het spel?
De bouw heeft geen race naar beneden nodig, maar een toekomstvisie. Kwaliteitsbanen, goed opgeleide vakmensen, veilige bouwplaatsen en eerlijke concurrentie. Dat vraagt juist om duidelijke regels, handhaving en investeringen in mensen.
Europa kan daarbij helpen, mits werknemersbelangen centraal staan. Dat betekent onder meer:
- zicht op wie er werkt via een nationaal bouwplaats-ID systeem;
- het beperken van lange ketens van onderaanneming;
- het kaderen van de rol van uitzendbureaus (met name bij grensoverschrijdend werken);
- sociale voorwaarden bij aanbestedingen;
- investeren in opleiding en integratie, in plaats van snelle flexoplossingen.
Blijf niet aan de zijlijn staan, teken de petitie
De plannen zijn nog niet allemaal definitief. Consultaties lopen en de wetgeving wordt voorbereid. Juist nu is invloed mogelijk. Vakbonden in heel Europa trekken samen op om werknemersrechten te verdedigen. Ook FNV zit hier volop in.
Maar draagvlak begint bij bewustwording. Deze dereguleringsagenda raakt jouw werk, jouw veiligheid en jouw toekomst in de bouw. Daarom blijven wij dit onderwerp agenderen. En daarom is het belangrijk dat werkenden hun stem laten horen. Teken de petitie en bescherm jouw rechten!
Wil je op de hoogte blijven over dit onderwerp, of heb je een vraag naar aanleiding van dit artikel? Neemt contact met ons op door een mail te sturen naar uta@fnv.nl
Vrouwen in de Bouw&Infra: Samen Sterk op Internationale Vrouwendag
Op Internationale Vrouwendag staan we stil bij de positie van vrouwen wereldwijd. Met nog geen 12 procent vrouwen in de bouwsector, blijft gelijkwaardigheid ver weg. Eén ding is duidelijk: verandering begint met het delen van verhalen en door samen sterk te staan.
8 maart was het Internationale Vrouwendag. Een dag om stil te staan bij de strijd van vrouwen wereldwijd. Ook in de Bouw & Infra is er nog veel terrein te winnen. Daarom kwamen we op donderdagavond 5 maart samen: vrouwen uit verschillende bedrijven, functies en disciplines, met één ding gemeen… we weten hoe het is om als vrouw in een mannenwereld te werken. Het werd een avond vol herkenning, inspiratie en verbinding.
Waarom samen komen zo belangrijk is
Hoewel er beweging is, blijven vrouwen in de bouw en infra duidelijk ondervertegenwoordigd. Slechts zo’n 12,2% van gehele sector bestaat uit vrouwen. Op de bouwplaats zelf is dat nog veel minder: één op de 400 bouwplaatsmedewerkers is vrouw.
Daarnaast verlaten vrouwen de sector vaker vroegtijdig dan mannen. Niet vanwege gebrek aan talent, maar door zaken als vooroordelen, ongepaste opmerkingen of “grapjes,” ontbrekende voorzieningen (zoals passende werkkleding, kolfruimte of toiletten), ongelijke beloning en beperkte doorgroeimogelijkheden. Veel vrouwen ervaren dat de lat voor hen hoger ligt, dat ze zich telkens opnieuw moeten bewijzen om serieus genomen te worden.
Werken als vrouw in de bouw vraagt dan ook om kracht, doorzettingsvermogen en soms om een extra dikke huid. Maar gelukkig kunnen we op elkaar bouwen. En dat is precies wat deze avond centraal stond.
Persoonlijke verhalen die raken
Na een warme inloop met een hapje en drankje, kregen twee vrouwen uit de sector het woord. Maaike Waals, timmervrouw bij Van Wijnen, en Iris van Uden, Projectleider Uitvoering bij MWPO, deelden openhartig hun ervaringen. Beiden zijn ze het eens: de bouw is een prachtige sector om in te werken. Toch zijn er ook dingen waar je als vrouw tegenaan kan lopen.
Iris vertelde hoe zij, na een periode als werkvoorbereider, al snel doorgroeide naar projectleider. Dat bracht nieuwe uitdagingen met zich mee: leiding geven aan ervaren, oudere, mannelijke collega’s die gewend waren aan hun eigen manier van werken. Iris: “Ik dacht dat ik precies zo moest worden om serieus genomen te worden. Ik ging mezelf spiegelen aan de mannelijke collega’s om mij heen. Ik legde mezelf gigantische druk op, en voor mij was de enige manier om te slagen door tientallen maskers op te zetten die niet van mij waren… Tot ik mezelf op een dag kwijt was.”
Ook andere herkenbare momenten kwamen voorbij: aangezien worden voor stagiaire, aangesproken worden met “meisje,” of vast blijven zitten in de titel ‘junior’ ondanks je verantwoordelijkheden en inzet. Iris: “Dat soort momenten doen iets met je. Je voelt dat je jezelf twee keer zo hard moet bewijzen als vrouw.”
Toch vond Iris haar kracht terug. Juist door haar maskers af te zetten en uit te gaan van haar eigen kwaliteiten als (vrouwelijk) leider. En dat is maar goed ook, want zoals ze zelf zegt: “Deze sector heeft vrouwen nodig. Niet als uitzondering, maar als aanvulling.”
Maaike is Timmervrouw bij Van Wijnen, één van de twee bij Van Wijnen West. Na haar middelbare school met techniek-profiel, durfde ze in eerste instantie niet de bouw in te gaan. Ze deed een opleiding tot onderwijsassistent, maar bleef daarnaast altijd klussen. Uiteindelijk kwam ze dan toch in de bouw en werd ze ook leermeester. Dat was soms lastig want, want qua leeftijd lagen zij en haar leerlingen heel dicht bij elkaar. Ze heeft meer dan eens meegemaakt dat mensen op de bouwplaats naar haar (mannelijke) leerling stappen, in plaats van naar haar.
Vrouwen zijn dan misschien (nog) niet vanzelfsprekend op de bouw, maar ze zijn zeker een goede toevoeging, vindt Maaike: "Wij kunnen die mannen veel leren, bijvoorbeeld om wat meer over hun emoties te praten." En meestal is het erg gezellig met de mannen. "We zijn een hecht team en ze nemen het echt voor je op."
In gesprek met elkaar
Na de inspirerende verhalen gingen de aanwezigen in kleine groepen met elkaar in gesprek over hun eigen ervaringen als vrouw in de bouw en infra. Er was ruimte voor herkenning, voor het delen van successen en voor het bespreken van knelpunten die velen nog dagelijks ervaren. De sfeer was open, energiek en verbindend.
Daarna speelden we een vrolijke pubquiz vol vragen over bekende (bouw)vrouwen, acties voor vrouwenrechten en iconische gebouwen. We sloten de avond af met een borrel, waar nog gezellig werd nagepraat en contacten werden uitgewisseld.
Samen bouwen we aan verandering
De avond voelde als een reminder: het werk is nog niet klaar, maar samen komen we verder. Door zichtbaar te zijn, door elkaar te versterken, door te blijven praten, én door de sector te laten zien dat vrouwen onmisbaar zijn. Wil jij ook samen met andere vrouwen meewerken aan een betere positie van vrouwen in de bouw en infra? Klik hier en stuur ons een bericht, dan gaan wij graag eens met je in gesprek.












