Hestia Deborah Bosgoed: “Blijf vooral vrouw: dat is je kracht!”
Hestia is de Griekse godin van de bouwkunst. In deze rubriek wordt een moderne godin van de bouwwereld geïnterviewd. Over haar inspiratie, de bouwwereld, en wat ze het leukst vindt in haar werk. Deze keer is Deborah Bosgoed, bouwkundig expert, spreker en eigenaar van een bouwbedrijf gespecialiseerd in biobased renovatie en restauratie, aan het woord.
Functie: Eigenaar bouwbedrijf Bosgoed Bouw & Advies
Leeftijd: 49 jaar
Woonplaats: Empe
Opleiding: MBO bouwkunde, HBO bouwkunde (duaal), post-HBO aannemersopleiding
Wanneer ontdekte je dat je de bouw in wilde? 
“Volgens mij was ik een jaar of zes. Mijn vader werkte in de houtindustrie en houtskeletbouw, dus ik was al jong gewend aan het bouwleven. We stonden in de herfstvakantie zelfs met de caravan op de bouwplaats. Dat vond mijn moeder gezelliger.
Als klein meisje liep ik over de bouw en ik vond het heerlijk. Toen ik veertien was, ging ik een dag met mijn vader mee. We reden een dijk af en kwamen bij een bouwbedrijf. Aan de ene kant zat het kantoor en de werkplaats, aan de andere kant was het woonhuis. We gingen daar in de keuken koffiedrinken met de eigenaar en een paar medewerkers. Het was zo’n gezellige, huiselijke sfeer. Toen dacht ik: dit wil ik ook. Een eigen aannemersbedrijf. En dat idee heb ik nooit meer losgelaten.”
Hoe werd daarop gereageerd?
“Mijn ouders steunden me, maar op school liep ik tegen muren aan. Op de havo zei ik dat ik MTS bouwkunde wilde doen. Een leraar vroeg wat ik wilde worden. Toen ik zei dat ik uitvoerder wilde worden, zei hij: ‘Dat gaat je niet lukken, je bent een meisje.’
Maar ik ben eigenwijs, dus ik deed het toch.
Op de MTS werd het niet beter. De eerste dag van mijn laatste jaar liep een leraar de klas uit omdat hij me geen les wilde geven – ik was de enige vrouw in de richting uitvoering.
Ik heb keihard moeten knokken om erdoorheen te komen. En dat had niet gehoeven. Achteraf zie ik hoe diep die patronen zitten. Daarom wil ik nu de weg vrijmaken voor meiden na mij – zodat zij kunnen bouwen zonder zich eerst te moeten bewijzen.”
Wat maakt de bouw zo leuk?
“De bouw is geweldig. Ik heb er echt een enorme passie voor. Je bouwt van niks iets – iets tastbaars dat nog generaties meegaat. Dat geeft zo’n kick. Zeker als je werkt met natuurlijke materialen zoals hout en leem. Dan voelt het nóg waardevoller. En je maakt mensen blij, dat is het mooiste.”
Wie in de bouw inspireert jou?
“Ik probeer mezelf te inspireren door niet mee te gaan in het conservatieve denken van ‘zo doen we het al jaren’, maar door mijn eigen vrouwelijke blik te blijven inzetten. Die is anders, en die voegt iets toe.
Ik haal ook inspiratie uit anderen. Bijvoorbeeld uit een vrouw van 37 die bij mij solliciteerde als timmervrouw. Zij heeft haar leven omgegooid om iets nieuws te doen, en dat vind ik geweldig. Ze had moeite om een leermeester te vinden. Dat zegt veel over hoe moeilijk het nog steeds is.
En buiten de bouw bewonder ik mensen zoals Marlies Dekkers. Zij heeft de mannenwereld van de textielindustrie opengebroken. Dat vind ik krachtig. Zij maakt van haar werk ook een statement.”
Wat vind je het allerleukst aan je werk?
“Dat ik mijn werk helemaal zelf heb vormgegeven. Ik zit niet alleen op kantoor, ik werk ook mee op de bouw. Ik neem werk aan, regel dingen, ben overal bij betrokken. Die afwisseling vind ik heerlijk.
Wat ik ook heel mooi vind, is het contact met particulieren. We werken veel in bewoonde situaties, dus mensen zijn thuis. Dan kom ik binnen en zeggen vrouwen vaak: : ‘Wat fijn dat jij komt, ik durfde deze vragen niet aan een man te stellen.’ Dan besef ik weer hoe belangrijk representatie is, en hoe anders vrouwen bouwen – vaak met meer aandacht voor detail, samenwerking en duurzaamheid.’ Mannen hebben toch een andere houding. Ik ben toegankelijker. En ik luister echt. Gisteravond bijvoorbeeld kwam een vrouw met allemaal slimme suggesties. Dan denk ik: ja, vrouwen bouwen gewoon anders. En daar is niets mis mee.”
Wat zijn je dromen voor de toekomst?
“Dat er 25% vrouwen in de bouw werken. Daar denk ik al jaren over na. Soms fantaseer ik over een bouwbedrijf met alleen maar vrouwen. Maar uiteindelijk geloof ik meer in samenwerken. Mannen én vrouwen brengen allebei iets waardevols. Samen krijg je het mooiste resultaat.”
Wat zou je willen zeggen tegen meisjes of vrouwen die de bouw in willen?
“Ga ervoor. Maar weet dat je er echt vol voor moet gaan. Het is nog steeds niet makkelijk. En probeer geen man te worden. Blijf vooral vrouw. Veel meiden proberen stoerder te worden, gaan anders praten of lopen om erbij te horen. Maar als het niet bij je past, hou je het niet vol. Blijf wie je bent. Dat is je kracht.”
Wil je zelf nog iets toevoegen?
“Ja. Ik wil vrouwen aanmoedigen om zich uit te spreken. Als iemand iets zegt wat niet oké is, zeg dan dat het niet leuk is. Veel vrouwen durven dat niet, maar mannen hebben het vaak niet eens door. Pas als je het zegt, worden ze zich ervan bewust.
Ook werkgevers wil ik iets meegeven: als een vrouw bij je solliciteert, weet dan dat ze daar écht over nagedacht heeft. Geef haar het voordeel van de twijfel, en neem haar serieus als professional. Want vrouwen brengen vaak andere perspectieven mee – op samenwerking, communicatie en duurzaamheid – die de sector juist nu hard nodig heeft.
Het lichaam van een vrouw werkt ook anders dan dat van een man. Ik maak dingen als menstruatie bespreekbaar op de werkvloer. Dat deed ik vroeger niet en probeerde ik me groot te houden. Maar daar ga je aan onderdoor. Door het wél bespreekbaar te maken, maak je ruimte. Voor jezelf en voor anderen. En dat is waar het om gaat.
We bouwen niet alleen aan huizen, maar ook aan een nieuwe norm – eentje waarin plek is voor vakmanschap, diversiteit én de natuur.”
Dit verandert er in 2026 in de bouwsector
Nieuw jaar, nieuwe regels! Er veranderen meerdere dingen in de Bouw & Infra dit jaar. In dit artikel lees je over de belangrijkste veranderingen voor jou en de bouwsector in 2026.
Er zijn nieuwe cao-afspraken gemaakt, regels rond overwerk en pensioen worden aangepast en de zwaarwerkregeling wordt verbeterd. Ook voor zzp’ers en bbl-leerlingen veranderen er belangrijke zaken. Daarnaast blijft de woningbouw een groot aandachtspunt, met nieuwe plannen van het kabinet en een blijvend woningtekort. In dit artikel zetten we de belangrijkste veranderingen en ontwikkelingen overzichtelijk voor je op een rij, zodat je weet waar je in 2026 rekening mee kunt houden.
Cao Bouw & Infra
De nieuwe cao Bouw & Infra in een notendop:
- Looptijd: 27 maanden (van 1 januari 2025 – 1 april 2027)
- Loonsverhogingen: 2025: 3,5% (1 mei), 1% (1 juli); 2026: 4% (1 jan.); 2027: 1,5% (1 jan.)
- Bouwplaats: reisuren naar loongroep B, bestuurderstoeslag gaat omhoog.
Benieuwd naar alle veranderingen in de cao? De gehele cao Bouw & Infra vind je hier.
Zwaarwerkregeling blijft en wordt verbeterd
Goed nieuws: de zwaarwerkregeling wordt vanaf 2026 voor onbepaalde tijd voortgezet. Dat geeft meer zekerheid voor werknemers die door de zwaarte van hun werk eerder moeten stoppen.
Daarnaast gaat het bedrag van de zwaarwerkuitkering per 1 januari 2026 met €250,- bruto per maand omhoog. Deze verhoging geldt niet alleen voor nieuwe aanvragen, maar ook voor mensen die de zwaarwerkuitkering nual ontvangen.
Wil je meer informatie over het aanvragen van de zwaarwerkregeling? Neem dan contact op met een van onze vakbondsconsulenten door hier te klikken, of Stuur een e-mail naar bouw@fnv.nl , dan helpen we je graag verder.
Overuren voor UTA-uitvoerders: wat verandert er in 2026?
Dit jaar komt er een nieuwe overuren-regeling voor uitvoerders die minder dan drie keer het minimumloon verdienen.
Val je binnen deze groep? Dan geldt vanaf 1 januari 2026:
Overuren worden in principe gecompenseerd in vrije tijd (tijd-voor-tijd):
- voor ieder gewerkt overuur krijg je één uur vrij.
- Als jij en je werkgever het samen eens zijn, kunnen overuren ook worden uitbetaald tegen het uurloon.
- De eerste 15 minuten vóór en ná werktijd tellen niet als overwerk.
- Overwerk moet plaatsvinden in opdracht van de werkgever en kan vooraf of achteraf worden goedgekeurd.
Wanneer verandert er niets voor jou?
Voor sommige uitvoerders blijft alles zoals het nu is. Dat is het geval als:
- Je meer dan drie keer het minimumloon verdient (inclusief vakantietoeslag). Dat is ongeveer € 7.895 bruto per maand.
- Er vóór 1 januari 2026 afspraken over overwerk zijn vastgelegd in je arbeidsovereenkomst.
- De ondernemingsraad (OR) of personeelsvertegenwoordiging vóór 1 januari 2026 een overwerkregeling heeft afgesproken die onderdeel is van je arbeidsovereenkomst.
In deze situaties blijft de bestaande afspraak gewoon gelden.
Alle informatie over UTA-overuren vind je hier.
Pensioen: wat verandert er vanaf 1 januari 2026?
Per 1 januari 2026 is bpfBOUW overgestapt op de nieuwe regels voor pensioen. Alle bestaande pensioenen zijn automatisch overgezet naar het vernieuwde pensioenstelsel. Bij de overstap is voor iedereen berekend wat het pensioen waard was in de oude én de nieuwe regeling. In november 2025 ontving je al een voorlopig overzicht. In 2026 krijg je een definitief pensioenoverzicht.
Bouwde je op 31 december 2025 pensioen op bij bofBOUW en was je toen ouder dan 28 en jonger dan 67 jaar? Dan kom je mogelijk in aanmerking voor compensatie.
Meer informatie over wat er verandert bij bpfBOUW vind je hier. Hulp of advies nodig rond je pensioen? Stuur dan gerust een mailtje naar bouw@fnv.nl
Doorbetaalde schooldag
Goed nieuws voor bbl-leerlingen in de Bouw & Infra! In de nieuwe cao is afgesproken dat de wekelijkse schooldag wordt doorbetaald.
Vanaf 1 januari 2026 ontvangen studenten die een bbl2- of bbl3-opleiding volgen een schooldagbonus voor de dag dat zij naar school gaan. De werkgever betaalt deze bonus iedere loonperiode uit, samen met het salaris, en vermeldt deze apart op de loonstrook.
De hoogte van de Schooldagbonus is vastgesteld in de cao en verschilt per leeftijd en opleiding. Hierbij wordt gekeken naar de leeftijd van de student bij de start van de opleiding. Alle informatie rond de doorbetaalde schooldag vind je hier.
Nieuw kabinet: plannen voor woningbouw
Begin december presenteerden D66 en CDA hun gezamenlijke agenda voor een nieuwe coalitie. Een belangrijk punt daarin is de woningbouw. De partijen houden vast aan het doel om jaarlijks 100.000 woningen toe te voegen. Om dit mogelijk te maken, willen zij onder andere het aantal bezwaarprocedures verminderen, woningdelen toegankelijker maken, en bouwnormen standaardiseren, zodat gemeenten en provincies geen extra eisen kunnen stellen die de bouw vertragen.
Daarnaast pleiten de partijen voor een actief grondbeleid van gemeenten. Hierbij moeten winsten op grond vaker ten goede komen aan de samenleving, bijvoorbeeld voor voorzieningen en infrastructuur. Ook bevat de agenda plannen voor 21 grootschalige nieuwbouwlocaties van nationaal belang, verspreid over Nederland. Dit kan gaan om nieuwe wijken, maar ook om volledig nieuwe steden.
Woningtekort
De bouwsector staat (nog steeds) voor een grote opgave. Volgens de Nationale Woonagenda moeten er tot 2030 jaarlijks 100.000 nieuwe woningen worden gebouwd. In de praktijk blijkt dat lastig. In 2023 werden 73.638 nieuwbouwwoningen opgeleverd en in 2024 68.129. Daarnaast kwamen er jaarlijks ongeveer 8.000 woningen bij door de transformatie van bijvoorbeeld kantoorgebouwen naar woningen.
Ook voor 2025 en 2026 wordt verwacht dat de productie niet boven de 70.000 woningen per jaar uitkomt. Tegelijkertijd is er een woningtekort van circa 400.000 woningen dat moet worden ingehaald. De mogelijkheden voor transformatie nemen bovendien af.
Wat verandert er in 2026 voor zzp’ers?
Voor zzp’ers brengt 2026 een aantal belangrijke financiële veranderingen met zich mee. Het is goed om hier alvast rekening mee te houden, zodat je niet voor verrassingen komt te staan.
Aanpassing inkomstenbelasting (box 1)
De schijven en tarieven in box 1 van de inkomstenbelasting zijn in 2026 aangepast. Dit kan invloed hebben op hoeveel belasting je betaalt over je inkomen. Wat dit concreet voor jou betekent, hangt af van je totale winst en persoonlijke situatie. Wil je hier advies over? De consulenten van FNV ZZP staan voor je klaar.
Contant betalen boven €3.000 niet meer toegestaan
Reken je grote bedragen wel eens contant af? Vanaf 1 januari 2026 is dat niet meer toegestaan voor bedragen boven de 3.000 euro. Betalingen moeten dan via pin, bankoverschrijving of een andere digitale betaalmethode verlopen. De overheid wil met deze maatregel witwassen en fraude tegengaan.
Zelfstandigenaftrek verder omlaag
De zelfstandigenaftrek wordt in 2026 opnieuw verlaagd. In 2025 was deze aftrek nog 2.470 euro, maar in 2026 daalt dit bedrag naar 1.200 euro. Dit bedrag mag je aftrekken van je winst, waardoor je minder belasting betaalt. Let op: om recht te hebben op de zelfstandigenaftrek moet je minimaal 1.225 uur per kalenderjaar in je bedrijf werken. De komende jaren wordt deze aftrek verder afgebouwd.
Meer informatie over deze en andere wetswijzigingen voor ondernemers vind je hier.
Trends in de bouwsector
Nederland wordt duurzamer
Nederland wil de CO₂-uitstoot in 2030 met 60% verminderen ten opzichte van 1990 en in 2050 zelfs met 95%. Gebouwen zijn verantwoordelijk voor bijna 12% van de totale uitstoot, waarvan ongeveer 2% door de bouwsector zelf wordt veroorzaakt. Het terugdringen hiervan vraagt om andere bouwmethoden, materialen en installaties.
Nederland wordt meer circulair
Bij circulair bouwen draait het om het verminderen van bouwafval, het hergebruik van bouwmaterialen en het ontwerpen van gebouwen die eenvoudig aanpasbaar zijn. Nog duurzamer is het wanneer bestaande gebouwen via renovatie of transformatie een nieuw leven krijgen.
De bevolkingssamenstelling verandert
De Nederlandse bevolking blijft naar verwachting groeien, vooral door migratie en een stijgende levensverwachting. Volgens scenario’s van CBS en NIDI kan het aantal inwoners in 2050 oplopen tot 21,8 miljoen. Dit zorgt niet alleen voor meer vraag naar woningen, maar ook voor een andere vraag: kleiner, flexibeler en geschikt voor verschillende levensfasen.
Technologie verhoogt de productiviteit
Digitalisering en industrialisatie veranderen het bouwproces. Ontwerp en productie worden steeds vaker digitaal ondersteund en deels verplaatst naar fabrieken. De bouwplaats wordt meer een assemblageplek. Dit maakt maatwerk mogelijk binnen gestandaardiseerde processen en helpt om de groeiende woningvraag op te vangen, ondanks de toenemende arbeidsschaarste.
Voor meer trends en cijfers over de bouwsector kun je kijken op deze website van de ING.
Bureau Opruimdag | 12 januari 2026
Iedere tweede maandag van januari wordt gewijd aan het flink onder handen nemen van je bureau. Waarom Bureau Opruimdag vieren? Omdat je aan een opgeruimd bureau aanzienlijk beter werkt.
Uit onderzoek blijkt dat werknemers met een rommelige werkplek vaker en sneller gefrustreerd raken dan werknemers met een georganiseerde en schone werkplek. Tevens blijkt dat een opgeruimd bureau voor een productievere werknemer zorgt.
Misschien heb jij altijd een opgeruimd bureau, maar voor degenen onder ons die dagelijks aan het werk zijn tussen een chaos van documenten en overbodige prullen is deze dag een uitgelezen mogelijkheid om de boel eens te organiseren. Je zou er op kantoor zelfs een teambuilding moment van kunnen maken met je collega’s.
Rommelig
Wanneer je regelmatig aan je bureau aan het werk bent is het niet te voorkomen dat het soms rommelig wordt. Losse papieren, koffiekopjes die niet terug naar de keuken gaan, en kantoorartikelen die je vergeet terug te zetten lijken soms uit het niets te komen. Zelfs als het je lukt om je bureau relatief georganiseerd te houden, is het toch goed om minstens eens per jaar je bureau compleet te reorganiseren.
Voordelen van een opgeruimd bureau
Een ongeorganiseerde werkplek kan niet alleen je werk, maar ook je humeur negatief beïnvloeden. Een schoon en opgeruimd bureau helpt je juist beter je werk te doen. Hieronder staan een aantal voordelen van een opgeruimde werkplek:
- Een opgeruimd bureau zorgt voor een opgeruimd hoofd. Als je werkplek netjes is, kun je je beter focussen op je werkzaamheden.
- Door een opgeruimd bureau krijg je een gevoel van controle. Dit helpt om stress tijdens het werk te verminderen.
- Een schone werkplek draagt bij aan een gezondere werkomgeving.
- Rommel leidt af. Zonder afleiding is het voor jou makkelijker om ideeën te genereren en creatief te zijn.
- Een goed georganiseerd bureau draagt bij aan efficiëntie, omdat jij niet hoeft te zoeken naar spullen die je nodig hebt.
- Een opgeruimde werkplek zorgt voor een professionele uitstraling. Het is een teken van organisatie en aandacht voor detail.
- Ook op kantoor draagt een opgeruimde werkplek bij aan de algemene vitaliteit van je organisatie.
Hoe dan?
Zie je door de bomen het bos niet meer en weet je niet waar je moet beginnen? Probeer van groot naar klein te werken.
Stap1: Begin met het afval weg te gooien, en het eventuele prullenbakje te legen.
Stap 2: Verzamel vervolgens alles dat ruimte in beslag neemt, maar wat je niet meer nodig hebt. Denk aan oude papieren, verpakkingen die gerecycled kunnen worden, kopjes, bonnetjes, snoeren, en mappen. Breng dit allemaal naar de plek waar het hoort.
Stap 3: Heb je veel losse papieren? Probeer deze indien mogelijk te digitaliseren door ze in te scannen (of een goede foto te maken). Archiveer ze in ieder geval op de juiste manier. De kans dat je documenten kwijtraakt is groter op een rommelige werkplek. Ook in het kader van informatiebeveiliging is het belangrijk dat vertrouwelijke informatie niet in handen komt van verkeerde personen. Dit is onder andere een onderdeel van de ISO 27001 norm.
Stap 4: Maak je bureau of werkplek schoon. Haal ook een lapje over de spullen de erop staan.
Stap 5: Wanneer je twijfelt of je iets bovenop je bureau wilt laten liggen, vraag jezelf dan af of je het in de komende twee dagen nodig hebt. Ja? Laat maar liggen. Nee? Dan berg je het op. Vraag je ook af of je écht drie perforators nodig hebt.
Stap 6: Uiteindelijk is het de bedoeling dat je alleen de meest nuttige spullen overhoudt. Probeer je bureaublad zo leeg mogelijk te houden. Sorteer je nuttige spullen in twee categorieën: dingen die je regelmatig nodig hebt, en dingen die je soms nodig hebt. De spullen die je soms nodig hebt kun je wegstoppen in een kast, of in de laagste lades van je bureau. De spullen die je vaker gebruikt kun je op plekken leggen die makkelijker toegankelijk zijn, zoals in de hogere lades. Zo liggen de meest gebruikte spullen binnen handbereik, en wordt jouw workflow versoepeld.
Goed begin!
Er zijn natuurlijk andere methodes die misschien veel beter aansluiten bij jouw werkplek of manier van werken. Ongeacht welke methode je gebruikt, het zorgt in ieder geval voor een schone en opgeruimde werkplek. Een mooi begin van 2025!
Het sneeuwt! Moet ik reizen naar mijn werk?
Het is weer winter en daar hoort soms een pak sneeuw bij. Dit kan zorgen voor onveilige situaties op de weg. Maar wat moet je doen als je door slecht weer (zoals wanneer het sneeuwt, door ijzel of hagel) moeilijk met de auto of het openbaar vervoer naar je werk kunt reizen? Dit is afhankelijk van de omstandigheden en het soort werk dat je doet. Ga in ieder geval in gesprek met je werkgever.
Je kijkt op social media en ziet dat een van je vrienden een foto heeft gepost van verse sneeuw. Vervolgens kijk je naar buiten en zie je inderdaad een dikke laag sneeuw liggen. Je moet straks naar je werk en vraagt jezelf af of je naar je werk moet reizen.
Het korte antwoord is ‘ja’. Als werknemer moet je altijd proberen om naar je werk te gaan. Dit is jouw eigen verantwoordelijkheid. Als het echt niet lukt vanwege overmacht, zoals een weeralarm, dan kan je met je leidinggevende bespreken of er een mogelijkheid is om thuis te werken. Als je geen belangrijke afspraken hebt die dag of als je je afspraken kunt verzetten, is het gebruikelijk dat je werkgever je thuis laat werken. Sinds de coronacrisis is dit natuurlijk al een stuk makkelijker.
Ik kan niet thuiswerken
Thuiswerken is helaas niet voor iedereen een oplossing. Er zijn beroepen die niet vanuit huis uitgevoerd kunnen worden. Dit kan gaan om docenten, zorgpersoneel of pakketbezorgers. Deze mensen zullen waarschijnlijk wel gewoon naar hun werk moeten reizen. Uit rechtspraak volgt dat normale bedrijfsrisico’s voor rekening van de werkgever komen. Ga vooral dus in gesprek met je werkgever over de mogelijkheden.
Vakantiedagen
Indien je thuis kan werken, ben je aan het werk en mag dit jou geen verlofdag kosten. Ook als jouw werkgever zegt dat je thuis mag blijven, dan kost dit je in principe geen vakantiedag. Als je zelf besluit niet naar het werk te reizen, dan kost dit je meestal wel een vakantiedag. Het is namelijk je eigen verantwoordelijkheid om op het werk te komen. In je cao, personeelsreglement of arbeidsovereenkomst kunnen hier afspraken over zijn gemaakt.
Code Rood
Je werkgever moet in ieder geval maatregelen nemen als het KNMI of de Rijksoverheid afraden om de weg op te gaan of de trein te pakken. Het bedrijf kan eerder sluiten of jij en je collega’s kunnen verzocht worden om thuis te blijven. Dan hoef je in principe geen verlofdagen op te nemen. Ook kan je afspraken maken met je werkgever over het inhalen van het werk op een ander moment.
Onwerkbaar weer
In de bouw komt het regelmatig voor dat het werk bij slechte weersomstandigheden stil komt te liggen. In de cao Onwerkbaar weer Bouw & Infra zijn hierover afspraken gemaakt. Hier staat bijvoorbeeld in dat werknemers bij een gevoelstemperatuur van -6°C of lager het werk mogen neerleggen. Werknemers hebben dan gewoon recht op loondoorbetaling. Ook kunnen werknemers recht hebben op een WW-uitkering bij onwerkbaar weer. Hiervoor gelden strenge vereisten.
Gewond door vuurwerk: betaalt werkgever loon door?
Het is bijna oud en nieuw en er wordt al aardig wat vuurwerk afgestoken. Sommige personen zijn er bang voor en anderen geven honderden tot duizenden euro’s uit aan de hardste klappen of kleurrijkste potten, zeker nu volgend jaar het landelijke vuurwerkverbod ingaat. Maar hoe zit het als het fout gaat en je daardoor niet meer kan werken? Betaalt je werkgever dan je loon door?
De wet (artikel 7:629 BW) bepaalt dat je recht hebt op loondoorbetaling wanneer je door arbeidsongeschiktheid niet in staat bent je werk te doen. Een vuurwerkongeluk kan hier dus ook onder vallen. Toch is er een uitzondering op het recht op loondoorbetaling bij ziekte. Namelijk als de ziekte door opzet van de werknemer is veroorzaakt.
Wat denk jij? Stel dat je gewond raakt door het afsteken van (illegaal) vuurwerk. Denk je dat dit als opzet gezien wordt?
Opzet
De opzet moet gericht zijn geweest op het veroorzaken van de arbeidsongeschiktheid. Dit betekent dat opzettelijk risicovol gedrag dat leidt tot arbeidsongeschiktheid, niet altijd leidt tot verlies van loonaanspraak. Hierover oordeelde de rechter ook in een zaak waarbij een werknemer in zijn vrije tijd vuurwerk maakte, waarbij hij zwaar letsel aan zijn pols en hand had opgelopen. De rechter oordeelde dat dit geen opzet gericht op het veroorzaken van de arbeidsongeschiktheid was. De werknemer had daarom recht op loon bij ziekte.
Toch is dit nu geen vrijbrief om roekeloos om te gaan met vuurwerk. Er zijn namelijk ook andere uitspraken van rechters geweest die anders oordeelden. Gewoon uitkijken met vuurwerk dus!
Als FNV-lid hulp bij letselschade
Heb je een ongeluk gehad op je werk, in het verkeer of in een andere situatie? Als FNV-lid krijgen jij én je gezinsleden juridische hulp bij letselschade die door iemand anders is veroorzaakt. Onze specialisten bekijken of je in aanmerking komt voor een schadevergoeding. Klik hier voor meer informatie over hulp bij letselschade.
2026
Via deze weg willen we je in ieder geval alvast een heel fijn en gezond 2026 wensen. Ga je lekker knallen op oudjaarsnacht? Blijf veilig!
Hestia Ruth Langemeijer: “Mannen moeten leren hoe ze met vrouwen omgaan op de bouw”
Hestia is de Griekse godin van de bouwkunst. In deze rubriek wordt een moderne godin van de bouwwereld geïnterviewd. Over haar inspiratie, de bouwwereld, en wat ze het leukst vindt in haar werk. Deze week is Ruth Langemeijer, zelfstandig uitvoerder, aan het woord.
Naam: Ruth Langemeijer
Functie: Uitvoerder (12 jaar zelfstandig)
Opleiding: MTS bouwkunde, MTS weg- en waterbouwkunde, aannemersopleiding, diverse cursussen en studies waaronder milieu, inkoopopleiding (NEVI) en bedrijfskunde
Wanneer ontdekte je dat je de bouw in wilde?
“Eigenlijk al als kind. Ik wilde architect worden, maar op de havo kon ik me slecht concentreren en bleef ik twee keer zitten. Toen dacht ik: ik wil iets praktisch doen. Ik ben naar de MTS gegaan en dacht: ik kan altijd nog verder studeren. Dat verder studeren deed ik naast mijn werk. Tien jaar lang werken en leren tegelijk, heerlijk. Ik volgde diverse opleidingen waaronder de aannemersopleiding, milieukunde, bachelor bedrijfskunde – richting verandermanagement. Leren en meteen in praktijk brengen.
Hoe werd daarop gereageerd?
“Dat was dertig jaar geleden. Toen was het nog veel minder normaal dan nu. Ik ging de aannemersopleiding volgen en daarnaast aan de slag als assistent-uitvoerder bij een aannemer. Al heel snel werd ik uitvoerder. Mensen moesten duidelijk wennen aan een jonge vrouw in zo’n functie. Maar het ging niet alleen om mijn gender – ook mijn leeftijd speelde mee. Je moet gewoon overwicht hebben en stressbestendig zijn. Dat leer je met de jaren. Nu, als 51-jarige, heb ik mijn strepen wel verdiend.”
Wat vind je het allerleukst aan je werk?
“Van niets iets maken. Dat je straks langs een gebouw kunt lopen en kunt zeggen: “Dat heb ik helpen realiseren.” Ik vind het geweldig om samen met vakmensen te werken, problemen op te lossen en elke dag buiten te zijn. De dynamiek van de bouw, dat maakt het voor mij het mooiste vak dat er is. Het is nooit saai.”
Wat is een moment in je carrière waar je trots op bent?
“Dat ik al twaalf jaar succesvol als zelfstandige uitvoerder werk. Ik regel mijn klussen zelf, zonder tussenpersonen. Bedrijven vragen mij rechtstreeks, via-via. Dat vind ik een groot compliment. Ik begon tijdens de crisis, en dat het me is gelukt om sindsdien te blijven draaien, maakt me trots.”
Je werkt nu 30 jaar in de bouw. Zijn er dingen die inmiddels makkelijker zijn geworden voor vrouwen, en wat blijft juist hardnekkig hetzelfde?
“Mensen blijven zich verbazen over een vrouwelijke uitvoerder. Er werken tegenwoordig wel wat meer vrouwen in de bouw, en dat maakt het makkelijker. De acceptatie is iets toegenomen. Maar er zijn nog steeds veel vooroordelen. Een vrouw zou niet sterk genoeg zijn voor op de bouw, of niet zo hard kunnen werken als een man. En wat me erg tegenvalt, is dat vaak wordt gezegd dat vrouwen zich ‘weerbaarder’ moeten maken. Ze moeten er maar tegen kunnen, zo'n werkomgeving. Dat vind ik zo verkeerd. Nee, vrouwen moeten zich niet weerbaarder maken, mannen moeten leren hoe ze met vrouwen omgaan op de bouwplaats. Dat is niet aan de vrouwen, dat is aan de mannen. En daar hebben we nog een hele slag te slaan.
Ook wordt er vaak gezegd dat er geen uitzonderingspositie voor vrouwen moet komen. Maar het ís een uitzonderingspositie. Laten we dat nou met elkaar erkennen. Ik weet bijvoorbeeld 100% zeker dat ik nog steeds minder verdien dan een mannelijke uitvoerder. Nou interesseert mij dat toevallig helemaal geen biet, maar ik bedoel, de vrouwenemancipatie, waar hebben we het over? We staan aan het begin.”
Werk je veel met andere vrouwen samen, of ben je vaak de enige? Hoe is dat?
“Ik ben meestal de enige vrouw op de bouw. Af en toe heb ik een vrouwelijke stagiaire of vakvrouw op de bouwplaats, en dan zorg ik altijd dat er voorzieningen zijn, zoals een eigen toilet. Ik zeg ook altijd: als er iets is, kom naar mij toe. Gewoon zorgen dat er een vertrouwende omgeving is voor zo'n dame. Dat is super belangrijk en dat zouden mannelijke uitvoerders ook moeten doen.”
Wie in de bouw inspireert jou?
“Ik heb niet echt een rolmodel. Wat mij inspireert, zijn de vakmensen. De jongens die elke dag voor dag en dauw opstaan, kilometers rijden en heel, heel zwaar werk doen. Vooral de vaklieden in de nieuwbouw. Die hebben een ongelooflijk zwaar beroep, en daar mogen we best meer respect voor hebben.”
Als je één ding kon veranderen om de sector beter te maken voor vrouwen – wat zou dat zijn?
“Het is niet één ding. Het gaat om een cultuurverandering. En het bespreekbaar maken. Dus de kwetsbaarheid eraf halen door juist aan te geven hoe kwetsbaar het is om als éénling tussen al die anderen te lopen.
Leidinggevenden moeten oog hebben voor kwetsbare mensen op de bouw. Dat kunnen vrouwen zijn, maar ook homo's, of allochtone mannen, of oudere mensen. Haal die kwetsbaarheid eraf door iemand niet in z'n eentje te laten zwemmen.
En durf onderscheid te maken. Durf te zeggen: jij bent een timmerman van 60 plus en ik vind het prima als jij even extra pauze houdt, of soms even wat eerder naar huis gaat, want jij sjouwt met diezelfde zware spullen als die jonge mensen en jouw lichaam is al een beetje op. Mensen moeten niet allemaal hetzelfde behandeld worden, want we zijn allemaal verschillend. Iedereen snapt dat je als jonge God net even wat meer sjouwt dan een oude man van boven de 60.”
Wat zijn je dromen voor de toekomst?
“Ik wil nog een paar bijzondere gebouwen realiseren, zoals bijvoorbeeld een ziekenhuis, zwembad of hotel. Ik werk nu vooral aan woningbouw, vaak op lastige locaties. Dat vind ik leuk: projecten met logistieke uitdagingen. Later hoop ik door Amsterdam te fietsen en te kunnen zeggen: “Dat gebouw heb ik geregisseerd.”
Wat zou je willen zeggen tegen meisjes/vrouwen die een baan in de bouw overwegen?
“Wees niet bang voor de omgeving. Laat zien wat je kunt, en je wordt omarmd. De bouw is een heerlijke wereld: buiten werken, aanpakken, samenwerken. Als je eenmaal je plek hebt gevonden, is het echt een grote familie.”
Welke boodschap wil je meegeven aan de mannen in de sector?
“Hou af en toe even je mond. Denk na over wat je zegt. Niet elke opmerking hoeft eruit. En kijk om je heen: hoe voelt de sfeer voor anderen? Een beetje meer bewustzijn zou de bouw voor iedereen prettiger maken.”
Is er iets dat je zelf graag wilt toevoegen?
“We moeten jongeren beter leren kijken naar wat bij hen past. Niet iedereen is gemaakt voor een kantoorbaan. Kijk naar je karakter: kun je niet stilzitten, ben je graag buiten, houd je van aanpakken? Dan is de bouw misschien juist dé plek voor jou. Ga doen wat bij jou past en waar jouw kracht ligt, in plaats van wat gezien wordt als ‘hoger’ of beter.”
Vrij op eerste en tweede Kerstdag?
De sint is terug naar Spanje, dus Santa Claus is coming to town! Kerstmis vindt plaats op donderdag 25 en vrijdag 26 december 2025. En of je nu de geboorte van Jezus viert, gezellig gaat gourmetten, cadeautjes uitpakt onder de kerstboom, of iets anders: eerste en tweede kerstdag wil je het liefst vrij zijn. It’s the most wonderful time of the year!
Kerstdagen zijn officieel erkende feestdagen, maar dat houdt niet in dat iedereen in Nederland dan automatisch vrij is. Verlof op officiële feestdagen en/of het salaris doorbetalen van feestdagen is namelijk niet landelijk of wettelijk geregeld, maar in de cao of in je arbeidsovereenkomst.
Cao Bouw&Infra
In de cao Bouw&Infra zijn beide kerstdagen erkend. Dat betekent dat je recht het op betaald verlof met Kerst. You hear those sleigh bells jingling, Ring ting tingling too? Dat is goed nieuws toch?!
Andere feestdagen waarop dit gegeven van toepassing is zijn: nieuwjaarsdag, tweede paasdag, Koningsdag, Hemelvaartsdag en tweede pinksterdag.
Op deze feestdagen betaalt je werkgever je salaris dus gewoon door. Dit staat in artikel 3.4.1. in de cao.
Als jij op een cao erkende feestdag in ploegendienst werkt? Dan geeft de werkgever jou op een andere dag betaald verlof. Ook dit vindt je terug in artikel 3.4.1 van de cao.
Extra vakantiedag
In de huidige cao Bouw&Infra staat in artikel 3.1.1 dat je als werknemer één extra vakantiedag krijgt in elk jaar waarin tussen Kerstmis en Nieuwjaar vijf werkdagen vallen. De eerste keer dat er tussen Kerstmis en Nieuwjaar vijf werkdagen vallen is in 2027.
Bekijk hier de lijst van de Officiële feestdagen van 2025 en 2026.
We wish you a merry Christmas, and a happy new year!
Een loopbaancoach, iets voor jou?
Stel jij jezelf ook wel eens vragen als: Is dit het? Wat zou ik nog meer kunnen? Hoe krijg ik meer uitdaging in mijn werk? Wil ik de komende jaren voor dit bedrijf blijven werken? Hoe organiseer ik meer balans tussen werk en privé?
Ook een opleiding volgen kan tot de opties behoren, maar wat past er nou en hoe combineer je zoiets? Met loopbaanadvies van de FNV of Volandis word je geholpen om achter de antwoorden op dit soort vragen te komen.
Wanneer jij antwoorden zoekt op dit soort vragen, dan is dan is een loopbaancoach mogelijk iets voor jou!
Professionele loopbaanadviseurs
Als je verandering wilt in je werk, advies over je loopbaan of gewoonweg je werkplezier wilt vergroten, dan kun je terecht bij onze ervaren loopbaancoaches. Zij werken met jou aan een persoonlijk toekomstplan. Creëer je eigen weg, de coach zorgt voor individueel maatwerk! Een traject met onze loopbaancoaches is gratis wanneer je lid bent van de FNV.
Kijk voor meer info op Mijn Loopbaancoach of lees hier de folder.
Loopbaan coaching via de FNV
Ook via de FNV bieden we loopbaan coaching aan. Samen met onze consulenten en trainers kom jij erachter waar jouw kracht ligt en waar je echt gelukkig van wordt. Loopbaan FNV zit door heel Nederland en is ook gratis voor leden. Je kunt hier meer informatie vinden.
Hestia: Giny en Wytske: “Mijn moeder maakte de weg vrij, voor mij voelde de bouw nooit als een rare keuze.”
Hestia is de Griekse godin van de bouwkunst. In deze rubriek wordt een moderne godin van de bouwwereld geïnterviewd. Over haar inspiratie, de bouwwereld, en wat ze het leukst vindt in haar werk. Deze week zijn Giny Steggink, Projectleider Bouwteamprojecten bij Heijmans en haar dochter Wytske Maat, Manager Verwerving Services bij Hegeman Bouw & Infra, aan het woord.
Naam: Giny Steggink
Functie: Projectleider bouwteamprojecten bij Heijmans
Leeftijd: 57
Opleiding: HTS Civiele Techniek, Master Bedrijfskunde
Naam: Wytske Maat
Functie: Manager Verwerving Services bij Hegeman Bouw & Infra
Leeftijd: 27
Opleiding: Bestuurskunde (bachelor) en Bedrijfskunde (master) aan de Radboud Universiteit
Wanneer ontdekte je dat je de bouw in wilde?
Giny: “Mijn vader werkte in de bouw. Als kind ging ik in het weekend met hem mee, bijvoorbeeld om te helpen de betonnen vloeren weer nat te maken. Mijn opa had ook een aannemersbedrijf, dus ik groeide ermee op. Toch koos ik eerst voor laboratoriumonderwijs. In datzelfde gebouw zat Civiele Techniek en toen ik die studenten zag lopen met hun tekenkokers, dacht ik: dát lijkt me interessanter! Zo stapte ik over naar HTS Civiele Techniek. Eind jaren ’80 waren er nauwelijks vrouwen in de bouw – ik was de tweede vrouw ooit op de HTS Civiele Techniek. Ik denk dat het daardoor ook niet eerder in mij op kwam om voor die opleiding te kiezen. Het is een beetje via een omweg gegaan.”
Hoe werd daarop gereageerd?
Giny: “Toen ik mijn eerste baan kreeg bij een aannemer, twijfelde de directie of ze wel een vrouw moesten aannemen. Een van de directieleden had ’s avonds tegen zijn vrouw gezegd: ‘Eigenlijk vinden we die dame wel de beste. Maar ja, een vrouw in de aannemerij, moeten we dat nu wel doen?’ ‘Natuurlijk wel!’ had zijn vrouw gereageerd. En zo ben ik daar dus binnen gekomen.
Een week later moest ik voor een aanbesteding inlichtingen ophalen op het gemeentehuis. Zat ik daar tussen allemaal mannelijke aannemers. Toen ik terugkwam op kantoor hadden er allemaal mensen gebeld: ‘hebben jullie echt een vrouw in dienst?’ Ook dachten mensen vaak dat ik de secretaresse was als ik de telefoon opnam.
Wytske: Ik had laatst nog dat ik bij een universiteit aan kwam voor een schouw. Nog voor ik me kon aanmelden zei iemand al: ‘Oh, de studenten moeten de andere kant op.’
Giny: Toch heb ik over het algemeen positieve ervaringen gehad. Als je inhoudelijk sterk bent, accepteren ze je. Soms had ik zelfs het gevoel dat het een voordeel was – je valt op en mensen onthouden je sneller.”
Wanneer ontdekte jij dat jij de bouw in wilde, Wytske? Heeft de baan van jouw moeder daar ook aan bijgedragen?
Wytske: “Zeker. Ik heb bestuurs- en bedrijfskunde gestudeerd, dus technisch lag niet voor de hand. Maar omdat mijn ouders beiden in de bouw werkten, kreeg ik er thuis al veel van mee. Mijn eerste bijbaan was bij mijn vader op een groot infra project in Amsterdam. Dat beviel zo goed dat ik tijdens mijn studie ben blijven werken in de sector. Zo rolde ik er vanzelf in. Inmiddels werk ik ruim vier jaar fulltime bij Hegeman. Ik denk dat de vanzelfsprekendheid waarmee ik in de bouw stapte, zeker komt door mijn moeder. Voor mij voelde het nooit als een rare keuze.”
Welke verschillen zien jullie tussen de tijd dat jij begon (moeder) en nu (dochter) als vrouw in de sector?
Wytske: “Er zijn meer vrouwen, ook bij ons bedrijf. Soms zelfs zóveel dat er grapjes worden gemaakt door vrouwen zelf: ‘doe er maar geen vrouw meer bij.’ Dat was in mijn moeders tijd echt ondenkbaar.”
Giny: “Klopt. Toen ik begon, was ik vaak de enige. Voor dingen als kolven was helemaal geen plek, dat moest ik op de WC of in de auto doen. Ik denk dat dat nu wel beter is. Toevallig is bij ons pas nog besloten om te gaan zorgen voor passende werkkleding voor vrouwen.”
Wytske: Ik heb veel collega’s die niet full time werken, ook mannelijke collega’s. Voor niet alle functies wordt meer 40 uur gevraagd. Dat maakt het ook makkelijker voor vrouwen om hier te komen werken, zeker als ze kinderen hebben.
Giny: Ik ben op een gegeven moment wel naar 32 uur gegaan bij die aannemer, maar dat vond men destijds wel lastig. Er was toen ook een vacature voor afdelingshoofd. Die paste echt bij mij dus heb ik gesolliciteerd. Maar de directeur zei: nee, want jij werkt parttime. Ik denk dat er nu bij onze directie zeker wel meer bewustzijn is, omdat ze in de praktijk ervaren hebben dat het goed is om ook vrouwen in je teams te hebben. Het is gewoon beter voor het bedrijf, voor het resultaat van je projecten en voor de sfeer, om wat meer een mengelmoes te hebben.
Wat maakt de bouw zo leuk?
Wytske: “Voor mij is dat de diversiteit. Elk project is anders. Nieuwe klanten, nieuwe teams, telkens opnieuw verdiepen. Dat maakt het heel dynamisch. En ook de diversiteit qua teams. We hebben een lekkere mengelmoes qua mannen en vrouwen. Maar dat het ietsje meer mannen zijn, vind ik eerlijk gezegd wel fijn. Ik werk graag met mannen.”
Giny: “Jij gaat je ook altijd helemaal inlezen in de techniek, ook al heb je geen technische functie of achtergrond. En dan vertel je daar thuis over, bijvoorbeeld over hoe een damwandconstructie werkt. Dat vind ik leuk om te zien.
Voor mij is het teamwork het allermooiste aan de bouw. Je werkt met allerlei mensen samen – van kraanmachinisten tot ingenieurs – en je maakt iets tastbaars waar je trots op kunt zijn. Dat geeft veel voldoening.”
Wat is een moment in de carrière van je moeder/dochter dat je trots op haar was?
Giny: “Ik ben trots dat Wytske zich zo goed staande houdt in een mannenwereld en zichzelf blijft. Dat is niet altijd makkelijk. Je moet je toch meer bewijzen als vrouw. Wytske doet dat heel goed en maakt mooie stappen.”
Wytske: “Wat ik mooi vind bij mijn moeder is hoe ze in haar rol als projectleider de samenwerking centraal stelt. Ze blijft rustig en empathisch, en daardoor draaien projecten beter. Daar kan ik veel van leren.”
Zijn er dingen die inmiddels makkelijker zijn geworden voor vrouwen – en wat blijft juist hardnekkig hetzelfde?
Giny: “Parttime werken en voorzieningen zoals kolfruimtes en werkkleding zijn beter geregeld. Maar voor hogere functies moet je als vrouw nog steeds extra moeite doen om zichtbaar te maken dat je het kunt.”
Wytske: “Ja, en je merkt dat assertief gedrag bij vrouwen nog steeds anders wordt beoordeeld dan bij mannen. Als ik fel ben, krijg ik opmerkingen als ‘pittige tante,’ terwijl een man dat niet te horen krijgt.”
Wie is jullie rolmodel?
Wytske: “Mijn moeder is mijn grootste rolmodel. Daardoor vond ik het vanzelfsprekend om in de bouw te werken.”
Giny: “Vroeger had ik nauwelijks rolmodellen. Nu zie ik bij directies soms vrouwen – dat vind ik knap en inspirerend.”
Als jullie samen één ding mochten veranderen in de sector om het voor vrouwen aantrekkelijker te maken – wat zou dat zijn?
Giny: “Ik houd niet van een voorkeursbehandeling, maar als vrouw moet je vaak toch nog meer vechten voor je positie. Iets vaker kiezen voor de vrouwelijke in plaats van de mannelijke collega maakt het wellicht wat eerlijker. Als die vrouw van de directeur destijds niet had gezegd dat hij mij moest aannemen, was ik het niet geworden.”
Wytske: “En meer bewustwording bij directies: bespreek ambities en kansen ook expliciet met je vrouwelijke medewerkers.”
Wat zijn jullie dromen voor de toekomst?
Wytske: “Ooit een directiefunctie bekleden. Met mijn achtergrond kan ik juist daar bijdragen aan strategie en verandering in de bouw.”
Giny: “Nog grotere projecten leiden waarin samenwerking centraal staat. Vroeger had ik misschien een eigen bureau willen starten, maar dat zie ik nu meer als iets voor de volgende generatie.”
Wat zouden jullie tegen jonge vrouwen zeggen die twijfelen om deze sector in te stappen?
Giny: “Gewoon doen! Het is een prachtige sector met veel kansen.”
Wytske: “Ja, de bouw is divers, dynamisch en belangrijk voor de toekomst. Er is altijd wel een rol die bij je past – ook als je geen technische opleiding hebt.”
Is er iets dat jullie zelf graag willen toevoegen?
Wytske: “Wij zijn positief, maar we weten dat er ook andere verhalen zijn. Juist daarom is het goed dat deze verhalen zichtbaar worden.”
Giny: “Precies. Als je praat over de dingen waar je tegenaan loopt, merk je pas: misschien ligt het niet aan mij als persoon, misschien is het ook het vrouw zijn wat het moeilijker maakt.
Ik heb zelf ervaren dat het moeilijk kan zijn om door te groeien naar een hogere functie. Toen ik dat besprak met mijn man zei hij: ‘dat komt denk ik ook echt wel doordat jij een vrouw bent’. In zo’n situatie benoem ik dat dan niet expliciet. En misschien moet je dat inderdaad toch soms wél benoemen. Dat zorgt gewoon voor bewustwording, waardoor het beter wordt.”
Wytske: “En dat is natuurlijk ook makkelijker als er meer vrouwen zijn. Ik denk dat dat misschien ook nog wel een verschil is met toen jij begon. Dat ik het minder ervaar omdat er echt wel meer vrouwen in de bouw werken nu.”
Laat geen geld liggen, download je contributie jaaropgave!
De vergoeding die je van je werkgever dit jaar terugkrijgt voor je lidmaatschap bij FNV is €61,50 netto. Het is een afspraak in de cao Bouw & Infra dat je deze één keer in het jaar kan terugvragen en je kunt nu nog je jaaropgave downloaden en de contributie declareren.
De voorwaarden zijn dat je je werkgever vraagt de vergoeding te betalen, en dat je een bewijs laat zien van de contributiebetalingen aan de FNV. Dit bewijs is de jaaropgave, die klaarstaat in je MijnFNV-account.
Dit moet je doen
- Ga naar mijnFNV.nl
- Log in met je account, of maak een nieuw account aan als je dit nog niet hebt
- Geef aan of je UTA of bouwplaats medewerker bent!
- Download, print en onderteken je jaaropgave
- Lever de jaaropgave in bij je werkgever of afdeling personeelszaken. Bij de meeste werkgevers moet je de jaaropgave vóór half november inleveren, maar soms kan het ook later zijn. Informeer dus altijd even bij jouw bedrijf
- Je werkgever verrekent het voordeel en zorgt dat je het netto bedrag bij het salaris gestort krijgt
ZZP
Ben je ZZP’er of freelancer? Dan kun je de kosten voor het lidmaatschap van de vakbond opvoeren als beroepskosten bij de aangifte inkomensbelasting.
Meerdere werkgevers
Heb je dit jaar voor meerdere werkgevers gewerkt? Geen probleem, want je kunt de jaaropgave gewoon inleveren bij je huidige werkgever. De gehele vergoeding wordt bij die werkgever verrekend.
Pensioen/uitkering
Als je gepensioneerd bent of een uitkering krijgt, dan kun je helaas geen gebruikmaken van de regeling. De teruggave van een deel van de vakbondscontributie geldt alleen voor werkenden. De regeling wordt namelijk in de cao geregeld.
Heb je vragen of lukt het niet om je jaaropgave te downloaden? Neem dan contact met ons op door een mail te sturen naar uta@fnv.nl .










