Recht op negen weken betaald ouderschapsverlof

Waar je als ouders voorheen recht had op 26 weken onbetaald ouderschapsverlof, kunnen ouders door een nieuwe Europese richtlijn vanaf 2 augustus negen weken betaald ouderschapsverlof opnemen. In dit artikel lees je meer over de voorwaarden van betaald ouderschapsverlof, hoe je betaald ouderschapsverlof aanvraagt en of je in aanmerking komt voor betaald ouderschapsverlof (ook als je kind vóór de invoering van de wet is geboren).

Sinds de invoering van het ouderschapsverlof is er altijd sprake geweest van onbetaald ouderschapsverlof, tenzij hier andere afspraken over zijn gemaakt in jouw cao. Een grote verandering dus, maar niet op eigen initiatief. Het was namelijk de EU die alle lidstaten een wettelijke minimumstandaard oplegde van minimaal vier maanden ouderschapsverlof waarvan minimaal twee maanden betaald. Ook Nederland moest dus aan de bak.

Negen weken betaald ouderschapsverlof

Ouders krijgen straks gedurende negen weken ouderschapsverlof een UWV-uitkering ter hoogte van 70 procent van hun dagloon (tot 70 procent van het maximum dagloon). Voorwaarde is dat zij deze negen weken opnemen in het eerste levensjaar van het kind. Deze negen weken betaald verlof komen bovenop de zestien weken zwangerschaps- en bevallingsverlof voor de moeder en de zes weken geboorteverlof voor de partner.

Betaald ouderschapsverlof bij kinderen die al geboren zijn vóór de invoering van de wet zijn geboren

Het ouderschapsverlof geldt ook voor sommige ouders die vóór 2 augustus 2022 en kind krijgen of hebben gekregen. Het kind moet op het moment dat de wet ingaat jonger zijn dan één jaar. Daarnaast moeten ouders op dat moment in loondienst zijn en nog niet het volledige recht op ouderschapsverlof hebben opgenomen.

Voorbeeld

Een werknemer is op 2 augustus 2022 ouder van een zes maanden oude baby. Hij of zij heeft al negentien weken (wettelijk onbetaald) ouderschapsverlof opgenomen. Deze werknemer heeft nog zes maanden om zeven weken ouderschapsverlof op te nemen. Dan is het kind één jaar oud. Tijdens die zeven weken heeft hij of zij recht op een uitkering.

Hoe vraag ik betaald ouderschapsverlof aan?

De werkgever kan vanaf 2 augustus 2022 de aanvraag voor gedeeltelijk betaald ouderschapsverlof indienen bij het UWV. De werknemer dient het betaald en onbetaald ouderschapsverlof ten minste twee maanden van te voren, schriftelijk aan te vragen bij de werkgever.

Betaald ouderschapsverlof bij adoptie- of pleegouderschap

In het geval van adoptie- of pleegouderschap is betaald ouderschapsverlof ook mogelijk voor kinderen onder de acht jaar. Dit geldt alleen voor het eerste jaar na de dag van de feitelijke adoptie of plaatsing.

ZZP’ers

Zelfstandigen kunnen helaas geen aanspraak maken op het ouderschapsverlof; betaald of onbetaald.

De feiten kort op een rij

  • Beide ouders/verzorgers hebben recht op ouderschapsverlof,
  • Je hebt per kind recht op 26 weken ouderschapsverlof, maal het aantal uren dat je per week werkt,
  • Het ouderschapsverlof kun je inzetten tot het achtste levensjaar van je kind, daarna vervalt het niet-ingezette ouderschapsverlof,
  • Vanaf 2 augustus 2022 hebben ouders/verzorgers recht op negen weken betaald ouderschapsverlof tegen 70 procent van hun dagloon. Dit percentage kan ook hoger liggen, mits opgenomen in de cao,
  • Voorwaarde van het betaalde ouderschapsverlof is dat het wordt opgenomen in het eerste levensjaar van het kind,
  • De resterende 17 weken ouderschapsverlof zijn onbetaald, tenzij anders opgenomen in de cao,
  • Een werknemer die valt onder de cao Bouw & Infra heeft bij de bevalling van de partner recht op één dag betaald verlof. De werkgever betaalt het vast overeengekomen loon of salaris,
  • Het ouderschapsverlof komt bovenop de 16 weken zwangerschaps- en bevallingsverlof van de moeder,
  • Het ouderschapsverlof komt ook bovenop de zes weken partnerverlof van de partner. Het partnerverlof bestaat uit twee delen. - Partnerverlof van eenmaal het aantal werkuren per week. De werkgever betaalt het vast overeengekomen loon of het salaris (100 procent),
  • Aanvullend partnerverlof van maximaal vijfmaal het aantal werkuren per week. Het UWV betaalt een uitkering van 70 procent van het dagloon.

Annemiek Suijkerbuijk

‘Het gevoel dat ik bij een stageplek krijg, is het allerbelangrijkst’

Het zal je maar overkomen, dat jouw stagebegeleider na één werkdag aangeeft dat ze je toch niet kunnen begeleiden. Annemiek Suijkerbuijk (24) weet hier alles van. Gelukkig vond ze direct na deze misser de leukste stageplek waar ze tot nu toe gezeten heeft, bij bouwbedrijf Vrolijk in Breda.

Annemiek Suijkerbuijk
Annemiek Suijkerbuijk

Annemiek is vierdejaars student aan het Avans en studeert daar Human Resource Management. Op dit moment is zij bezig met haar afstudeerstage in de bouwsector, waarin zij onderzoek doet naar werkdruk. Annemiek was aan het begin van dit schooljaar al gestart met een andere stage, in de technische sector, maar haar stagebegeleider liet haar na één dag weten dat ze haar niet konden begeleiden. "Het is zó belangrijk om op je gevoel af te gaan. Want het voelde al niet helemaal goed toen ik daar op gesprek ging, maar ik wilde gewoon zo snel mogelijk een stageplaats regelen, omdat ik de hele zomer in Griekenland zou gaan werken," vertelt Annemiek. "Maar ik heb er de hele zomer een slecht gevoel bij gehad. En terecht."

Bouwsector

Annemiek moest dus dringend op zoek naar een andere stageplaats en heeft hierbij de hulp van haar ouders ingeschakeld. Zo is ze in de bouwsector terecht gekomen. Haar vader werkt namelijk ook in de bouw en is een klant van Vrolijk. Hij heeft hen gevraagd of ze nog een stagiair nodig hadden en toen mocht Annemiek op gesprek komen. Dat klikte meteen van twee kanten en gelukkig kon ze daar direct aan de slag. "Het is dus eigenlijk helemaal toevallig dat ik in de bouwsector terecht ben gekomen. Maar ik vind het wel hartstikke leuk! Mijn vader zit natuurlijk ook in de bouw, dus ik krijg van jongs af aan wel wat mee over de bouw en nu zie ik ook echt wat ze daar allemaal doen, dus dat vind ik wel heel leuk om te zien." Ook haar vader vindt het tof om zijn dochter als stagiair in de bouwsector aan de slag te zien. Zo kwam hij hoogstpersoonlijk het kerstpakket brengen op kantoor, die Annemiek in ontvangst mocht nemen, zo komen ze elkaar nog eens tegen.

Dag op kantoor

De (werk)sfeer en het contact met collega’s sluit helemaal aan bij hoe Annemiek het graag ziet. Het team is heel hecht en iedereen kent elkaar. Dat is iets wat zij ook erg belangrijk vindt bij een volgende werkgever.

Hoewel Annemiek in een mannenwereld terecht is gekomen, merkt ze hier op kantoor niet veel van. "Ik heb hier voornamelijk vrouwen om mij heen, waarschijnlijk omdat ik aan de administratieve kant zit op het kantoor. Ik weet het niet precies, maar ik denk dat de verhouding hier op kantoor zo’n 85/15 is."

Annemiek draait (zoals bij een werkstage) niet mee op de werkvloer, maar voert een onderzoek uit. Ze is daarom twee dagen in de week aanwezig op kantoor, op maandag en vrijdag, waarop zij aan haar onderzoek werkt. Haar twee andere collega’s op de HR-afdeling lichten haar in over wat er allemaal gebeurd is binnen het bedrijf, welke zaken belangrijk zijn en daarnaast woont ze meetings bij. Ook heeft ze de afgelopen periode veel stakeholders gesproken, zoals het hoofd van de bouwstudies op Avans, Bouwend Nederland, FNV, studenten van de Bouwschool, een detacheringsbureau en natuurlijk de mensen op kantoor. Alle informatie die hieruit voortkomt verwerkt zij vervolgens in haar afstudeeronderzoek.

Annemiek geeft aan veel verschillende dingen interessant te vinden en vind het dan ook het leukst om zich met verschillende onderwerpen bezig te houden. "Als ik kijk naar wat ik zelf interessant vind, dan zijn dat vaak de uitdagingen, de punten die om verbetering vragen. Zoals werkdruk, of waarom een bedrijf een hoog ziekteverzuim heeft en hoe we dat kunnen oplossen. Dat vind ik altijd wel leuk."

Afstudeeronderzoek

Annemiek is met de organisatie in gesprek gegaan over waar zij het beste onderzoek naar zou kunnen doen. Direct kwam het onderwerp werkdruk ter sprake, dit is een belangrijk punt in de gehele bouwsector, zo ook voor het stagebedrijf. Dit komt natuurlijk helemaal overeen met wat Annemiek interessant vindt. Daarom focust ze zich in haar onderzoek op de werkdruk en het behouden van personeel/ het vinden van nieuw personeel. "In de bouw is het lastig om werknemers te vinden, dus mijn hoofdvraag is: Hoe houden we de voordeur open en hoe houden we de achterdeur dicht? Want iedereen hier wordt benaderd via LinkedIn door andere bedrijven, omdat zij ook een personeelstekort hebben en een hoge werkdruk. Mijn volgende gedachte is dan gelijk: Hoe kunnen we de werkdruk verlagen als we niet aan nieuwe werknemers kunnen komen?"

Annemiek heeft voor alsnog twee deelvragen opgesteld om dit verder uit te zoeken:

  1. Waarom kan Vrolijk op dit moment niet aan voldoende werknemers komen?
  2. Zijn de huidige werknemers van Vrolijk tevreden met de huidige situatie? En zo niet, hoe kunnen ze hun huidige medewerkers dan wel tevreden houden?

Annemiek loopt nog tot eind mei stage en heeft twee van de vier deadlines achter de rug. Onlangs heeft ze het onderdeel diagnose ingeleverd, waarin haar hele onderzoek is uitgewerkt. "Hieruit kan ik al wat conclusies trekken, dus daarmee kan ik al wel een beetje bedenken wat voor advies ik ga geven. Maar dat advies moet natuurlijk wel goed passen binnen de organisatie." Over zeven weken moet Annemiek dit advies inleveren en zeven weken daarna moet ook het deel implementatie klaar zijn.

Stage kiezen: waar moet je op letten?

Annemiek let vooral op het gevoel dat zij bij een bedrijf krijgt. “In de maand dat ik geen stageplaats had, heb ik best wel wat aanbiedingen gekregen en ben ik ook op gesprek geweest bij een aantal bedrijven. Maar het voelde steeds niet goed. Dus ik dacht ‘Ja, dan kan ik wel een stageplaats kiezen bij een bedrijf waar ik totaal geen goed gevoel bij heb, omdat ik anders vertraging oploop óf ik wacht gewoon even op het juiste moment’. En dat heb ik gedaan. Het gevoel dat ik bij een stagebegeleider of bedrijf krijg, vind ik wel echt het allerbelangrijkste.” Ook een goede werksfeer vindt Annemiek erg belangrijk, maar ze geeft aan dat je dat natuurlijk lastig kunt zien tijdens een voorgesprek. "Het eerste gesprek bij Vrolijk was gelijk goed, dat speelde ook een rol. Ze vertelden me niet zo zeer wat zij van mij verwachtten, maar ik mocht juist aangeven waar mijn interesses lagen en wat ik graag wilde onderzoeken. Ik had daar dus echt inspraak in."

Annemiek heeft over haar stage bij Vrolijk dan ook niks negatiefs te zeggen. "Dit is echt een van de betere stages die ik gehad heb. Nu denk ik dat ik daar altijd wel geluk mee heb gehad, maar als ik mezelf de vraag stel van ‘Bij welk bedrijf waar ik stage heb gelopen zou ik wel willen werken?’ dan zou deze wel het meest bij me passen." Deze stage zet voor haar dan ook zeker de deur open om in de bouwsector te gaan werken.

Stagetip van Annemiek | Ga op je gevoel af. Voelt het niet helemaal goed? Ga dan op zoek naar een andere stageplaats waar je je wel op je gemak voelt.

Ben jij benieuwd naar de uitkomsten van het onderzoek van Annemiek? Dat komt goed uit, want wij ook! In juni spreken we haar nog een keer over de bevindingen uit haar onderzoek.


Campagne 'Mijn naam is Peter' illustreert ongelijkheid

Van 24 tot en met 28 januari veranderen veel vrouwen hun naam op LinkedIn in Peter. Women Inc. en BrandedU hebben deze oproep gedaan om aandacht te vragen voor het feit dat er in 2022 meer CEO’s in Nederland zijn met de voornaam ‘Peter’ dan vrouwelijke CEO’s.

FNV|UTA spreekt Cécile Wansink van Women Inc. “De campagne Mijn naam is Peter is nu belangrijk omdat er op dit moment geen gelijke kansen op de arbeidsmarkt zijn.” Zegt Cécile. “De naam Peter staat symbool voor wat nu nog vaak geldt als de norm op de werkvloer: vaak een wat oudere witte man. Wij vinden dat die norm verbreed zou moeten worden zodat ook mensen die niet op Peter lijken kans hebben om CEO maar ook andere functies te vervullen.”

De campagne ‘Mijn naam is Peter’ trekt veel aandacht. Veel vrouwen doen mee met de campagne, en ook mannen veranderen hun naam in ‘Petra’ uit solidariteit.

Fix the system, not the women

De ongelijkheid in de hoeveelheid mannen en vrouwen op besluitvormende posities heeft volgens Women Inc. en BrandedU verschillende oorzaken. Zo besteden vrouwen gemiddeld 1,5 keer meer tijd aan onbetaalde zorgtaken dan mannen. Women Inc. vindt dat de overheid hierin verantwoordelijkheid heeft.

“Ik hoop dat vrouwen met deze campagne geïllustreerd zien dat het een systeemprobleem is, dus niet een individueel probleem. De leus van Women Inc. is ‘Fix the system, not the women’”, zegt Cécile Wansink. “Als vrouwen zelf struggelen met bijvoorbeeld het combineren van werk en zorg, dan ligt dat niet aan hen. We hebben ook een overheid en werkgevers die van alles kunnen doen om dat beter te faciliteren. En wat ons betreft moeten ze dat ook doen.”

Women Inc. en BrandedU (en wij ook) hebben er alle vertrouwen in dat vrouwen het verder zelf goed kunnen. Wanneer de voorwaarden er komen, zullen er voor iedereen meer kansen komen. “Dat is ook voor de samenleving beter”, zegt Cécile. “Diversiteit in besluitvorming komt ook de kwaliteit van beslissingen ten goede. We hopen dat mensen dat steeds meer gaan inzien.”

Het gaat verder dan alleen vrouwen

Cécile: “In deze campagne hebben we het specifiek over vrouwen op de werkvloer. Maar het gaat ons wel, Women Inc. en BrandedU, om diversiteit in breedste zin. Niet alleen dat vrouwen gelijke kansen krijgen, maar ook andere groepen waarbij dat nu nog niet het geval is. Bijvoorbeeld mensen van kleur, of mensen met een beperking.”


Historische stap betaald ouderschapsverlof

De Eerste Kamer heeft vorige week ingestemd met de Wet Betaald Ouderschapsverlof, die beide ouders het recht geeft op 9 weken verlof. Ook is er ingestemd met een motie om het betalingsniveau te verhogen van 50 naar 70 procent.  

Kitty Jong, vicevoorzitter FNV: ‘We zijn blij dat na een strijd van tientallen jaren de stap naar betaling van het ouderschapsverlof is gezet. Het is goed dat de Eerste Kamer het betalingsniveau heeft aangepast. Evengoed blijven we zorgen houden dat niet alle inkomensgroepen het verlof op zullen nemen. Bij het geboorteverlof voor partners zien we nu al dat met name de lage inkomensgroepen het verlof niet opnemen.’

Nederland liep achter

Vanaf de jaren ’80 pleit de FNV al voor invoering van betaald ouderschapsverlof, omdat dit bijdraagt aan gelijkere verdeling van werk en zorgtaken en daarmee aan een betere positie van vrouwen op de arbeidsmarkt. Nederland liep de laatste decennia achter op het gebied van verlof voor ouders na de geboorte van een kind. Het is dan ook een grote en historische stap dat ouders vanaf augustus 2022 recht krijgen op 9 weken betaald ouderschapsverlof.

Minimaal 80 procent

Ondanks de verhoging van de Eerste Kamer van 50 naar 70 procent doorbetaling blijft de FNV zorgen houden over het betalingsniveau van het ouderschapsverlof. Ouders krijgen dus maximaal 70 procent van hun loon doorbetaald tijdens het verlof. Veel ouders kunnen zo’n gedeelte van hun loon niet missen. De ILO berekende eerder dat het betalingsniveau van verlof minimaal 80 procent moet zijn, willen vooral vaders bereid zijn dit verlof op te nemen. Kitty Jong: ‘Daarmee dreigt het betaald verlof alleen voor mensen met hogere inkomens toegankelijk te zijn. Daarmee komt emancipatie en een gelijkere werk-zorgverdeling voor minder goed betaalde ouders echt te langzaam op gang.’


diplomabonus bbl

Diplomabonus van € 2.500 voor BBL-studenten in de Bouw & Infra

Ben jij werknemer in de Bouw en Infra en haal je een BBL-diploma? Dan heb je waarschijnlijk recht op een diplomabonus van € 2.500 bruto. De afspraak geldt alleen als je onder de cao Bouw & Infra valt.

Wat houdt de regeling in?

  1. Je hebt een diploma voor een opleiding BBL-2, BBL-3 of BBL-4 gehaald in het domein: Bouw en infra, Afbouw, Hout en onderhoud of Techniek en procesindustrie.
  2. Tijdens deze opleiding heb je minimaal 6 maanden een arbeidsovereenkomst én een beroepspraktijkvormingsovereenkomst gehad met de werkgever waar je de opleiding hebt gevolgd.
  3. Je ontvangt de diplomabonus eenmalig van de werkgever waar je de opleiding hebt gevolgd.
  4. Je overhandigt deze werkgever een afschrift van je diploma.

Op de website van Volandis vind je meer informatie over de regeling, veelgestelde vragen, de voorwaarden, en het aanvraagproces voor de diplomabonus. Heb je vragen? Stel ze gerust door te mailen naar uta@fnv.nl


Hestia: Paulina Logchies

Deze keer hebben wij een speciale Hestia, namelijk één van de genomineerden voor de titel Bouwvrouw van het jaar, Paulina Logchies. Paulina is Algemeen Directeur van Logchies Renovatie en Onderhoud en zit in het bestuur van de sector Totaal bij OnderhoudNL. Ze vertelt ons over haar nominatie, carrière en uitdagingen.

Naam: Paulina Logchies
Functie: Algemeen Directeur Logchies Renovatie en Onderhoud
Leeftijd: 47 jaar
Woonplaats: Limmen
Opleiding: HEAO/ International Business
Bedrijfsjargon: "Goed voor elkaar!"

Je bent genomineerd voor de titel Bouwvrouw van het Jaar, gefeliciteerd! Kun je vertellen waarom je genomineerd bent?

"Ten eerste had ik deze nominatie totaal niet verwacht en ben ik oprecht blij verrast. Vooral vrouwen van de grotere bouwers kwamen in aanmerking voor deze titel, met name vanwege het omzetcriterium voor de nominatie. De thema’s duurzaamheid, diversiteit, innovatie en veiligheid zijn nu aspecten die meewegen bij deze bouwvrouw nominatie. Dit zijn intrinsiek belangrijke thema’s voor mij en voor onze bedrijfsvoering. Ik denk dat mijn nominatie te maken heeft met mijn inzet op deze onderwerpen."

Waarom ben je voor een carrière in de bouw gegaan?

"Ook al werkten mijn vader, opa en ooms in de bouw, toch heb ik de bouw niet van huis uit meegekregen. Ik heb veel internationaal werk gedaan in de ICT en telecom. Acht jaar geleden vroeg mijn vader of ik strategisch wilde meekijken naar het organisatiebeleid. Dit heb ik gedaan, een aantal dingen gingen al goed, maar ik zag ook dat er op veel vlakken nog stappen gemaakt konden worden. Toen mijn vader vroeg of ik in het bedrijf wilde stappen heb ik ja gezegd en binnen een maand werkte ik hier volledig."

Voor welke uitdagingen ben je komen te staan en hoe ging je daar mee om?

"Woningcorporaties wilden langdurige samenwerkingen, in co-making, met minder partners. Ook wilden zij meer naar een regierol en zochten daarom naar partners die een adviserende rol kunnen vervullen. Wij hebben daar al vroeg op ingespeeld en ontwikkelden een duidelijke toekomstvisie. Er moest gezorgd worden dat wij het juiste kennisniveau in huis kregen. Dit was een uitdaging voor ons bedrijf en vroeg ook beweging van onze medewerkers. Deze duidelijke transitie van onze organisatie heeft er voor gezorgd dat wij nu duurzame samenwerkingen hebben met onze opdrachtgevers en ketenpartners. We zijn zowel een uitvoerende partij als een strategische partner en zitten vanuit onze rol als vastgoedadviseur met de woningcorporaties om de tafel."

Wat maakt de bouw zo leuk?

"Je kunt een verschil maken voor wat het meest belangrijk is; iemands (t)huis. Het is heel tastbaar. Wij kunnen echt wat betekenen voor bewoners, voor iemands huis en leefomgeving. Je bent bezig met de eerste levensbehoefte. Je gaat een commitment aan met de bewoners, de buurt, de wijk maar natuurlijk ook met woningcorporaties. Ook vind ik de bouw zo leuk omdat je bezig bent met verbinden. Dit zie je steeds meer op verschillende vlakken. Er wordt meer samengewerkt, meer gedigitaliseerd en circulariteit wordt steeds belangrijker. Daarnaast is de bouw lekker nuchter, daar hou ik van!"

Wie (in de bouw) inspireert jou?

"Als je maar open staat om geïnspireerd te raken, dan kun je door velen geïnspireerd raken. Elon Musk inspireert mij bijvoorbeeld door zijn ongelofelijke commitment en vasthoudendheid. Ook Boyan Slat is inspirerend, hij is zo vasthoudend bezig met zijn doel; plastic afval verwijderen uit rivieren en oceanen."

Wat vind je het allerleukst aan je werk?

"Mensen in beweging krijgen en verbinden, dát drijft mij. Ik ben gek op beweging en de bouw is volop in beweging. Het is mooi om een bijdrage te kunnen leveren aan de transformatie van de sector én om voortgang en succes te zien. Het inspireert me om te zien dat medewerkers zichzelf kunnen verbazen. Kortom, ik word er blij van dat ik kan meewerken aan de transformatie van de bouw, medewerkers en verschillende samenwerkingen in de keten."

Wat zijn je dromen voor de toekomst?

" “Onbereikbare” doelen helpen je in beweging te komen. Wij hebben bij Logchies een BHAG (Big Hairy Audacious Goal). In 2023 willen wij onze projecten totaal circulair kunnen uitvoeren. Versterkt door de branche waarin wij werken, zijn wij ons bewust van de verantwoordelijkheid en onze invloed op het gebied van duurzaamheid, milieu, leefomgeving, veiligheid en welzijn. Wij kijken graag verder en zetten met onze medewerkers extra stappen voor een duurzame wereld door hen bewust te maken en te laten zien wat ze kunnen betekenen. Intern beginnen is extern winnen."

Wat zou je willen zeggen tegen meisjes/vrouwen die twijfelen de bouw in te gaan?

"Een goed werkend team in de bouw heeft vrouwen nodig! In een team heb je teamleden nodig met verschillende competenties. Maar het gaat om meer dan alleen de verdeling tussen mannen en vrouwen. Diversiteit gaat over verschillende profielen. In onze organisatie werken wij veel in teams. Bij de samenstelling van deze teams gaat het over welke eigenschappen iedereen heeft. Door een diverse samenstelling creëren we sterke teams die samen beter worden. Daarnaast is het heel belangrijk om mensen uit andere sectoren in je organisatie te krijgen. Zij stellen andere vragen en benaderen zaken vanuit een andere invalshoek. Dit zorgt voor nieuwe inzichten en ideeën."

Is er iets dat je zelf graag nog wilt toevoegen?

"Jazeker! Het is belangrijk dat we onze beroepsgroep ‘sexyer’ maken voor jonge mensen. De onderhoud- en renovatiesector is uitdagend en interessant. Wij buigen ons over de meest complexe vragen voor de verduurzaming van de bestaande bouw. Er is een enorme diversiteit aan beroepen. Er zijn nu al dringend veel meer (jonge) mensen nodig. Daarbij hebben we als sector nog een ander belangrijk aandachtspunt: Er is onvoldoende toegang tot materialen. Het is daarom belangrijk dat we  gezamenlijk strategisch en structureel kijken naar hoe om te gaan met de totale bouwomgeving. Kortom, er is een gezonde continuïteit nodig in de toestroom van werknemers en materialen, hier moeten wij samen voor zorgen. En: Wanneer iemand die dit leest hierover met mij verder wil praten dan nodig ik je bij deze van harte uit om contact met mij op te nemen!"


Hestia: Tonny van de Groenendaal

“Er zijn zoveel mogelijkheden in de bouw, net zo goed voor vrouwen!"

Hestia is de Griekse godin van de bouwkunst. In deze rubriek wordt iedere week een moderne godin van de bouwwereld geïnterviewd. Over haar inspiratie, de bouwwereld, en wat ze het leukst vindt in haar werk. Deze keer is Tonny onze Hestia.

 

Naam: Tonny van de Groenendaal
Functie: Kopersbegeleider bij Heijmans
Leeftijd: 48 jaar
Woonplaats: Vught
Opleiding: Administratieve en secretariële opleiding/ Elementaire bouwkunde en installatietechnieken/ Opleiding kopersbegeleiding
Lievelingsbouwjargon: Bouwen doen wij samen

Wanneer ontdekte je dat je de bouw in wilde?
"Het was eigenlijk niet een heel bewuste keuze geweest voor mij. Ik ben 20 jaar geleden begonnen als secretaresse HR bij Heijmans. Toen ik de bouw leerde kennen greep het mij wel meteen aan. Het is allemaal echt heel machtig om te zien. Later ben ik de kant van de woningbouw opgegaan en nu ben ik kopersbegeleider. Ik vind het zo knap hoe dingen bedacht worden. Eerst op tekening en vervolgens zie je het uitgevoerd worden. Bouw was dan niet een heel bewuste keuze maar zeker wel de juiste keuze voor mij!"

Hoe werd daarop gereageerd?
"Ik zit er eigenlijk al zo lang, het is heel normaal. Ik krijg nu wel vaak te horen dat men het knap vindt dat ik mij binnen Heijmans omgeschoold heb naar de functie van kopersbegeleider en nu veel directer bij het bouwproces betrokken ben."

Wat maakt de bouw zo leuk?
"Het hele traject. Van het begin tot het einde. Als kopersbegeleider ben je bij het hele proces betrokken, dit maakt het werk leuk en tastbaar. Ik zit aan de voorkant van een project er al bij. Zodra een woning is gekocht heb ik persoonlijk contact met de kopers. Zij krijgen zoveel informatie en als kopersbegeleider kun je ze dan steunen. Wanneer zij blij zijn dan geeft mij dat energie. Ik heb veel verschillende contacten en moet veel verbanden leggen. Dit maakt mijn werk divers. Ook heb ik vaak te maken met deadlines, dit geeft druk maar juist ook voldoening als de kopers uiteindelijk tevreden zijn! Ik mag ontzorgen, dat zit ook in mijn karakter en het is leuk dat ik dat in mijn werk zo naar voren kan laten komen."

Wie in de bouw inspireert jou?
"Heleen Herbert inspireert mij enorm. Zij is commercieel directeur van Heijmans. Hoe zij als vrouw in de mannenwereld van de bouw haar mannetje staat vind ik echt inspirerend. Daarnaast inspireert mijn teamleider mij, hij leert mij heel veel.
Verder was er voorheen bij Heijmans een project genaamd La Heijmans. In dit project werd aandacht gegeven aan vrouwen in de bouw. Het liet zien dat de bouw ook een leuke wereld is voor vrouwen. Dit project werkte ook echt inspirerend."

Wat vind je het allerleukst aan je werk?
"Het contact met de kopers, ze begeleiden, ontzorgen en zorgen dat ze blij zijn. De afwisseling, ik ben binnen en buiten aan het werk. Ik heb echt het gevoel dat ik betrokken ben bij het werk in de functie die ik nu heb. Ik ben Heijmans ook heel dankbaar dat ze mij deze kans hebben gegeven."

Wat zijn je dromen voor de toekomst?
"Mijn droom is in mijn functie verder door te groeien. Ik kan nog veel leren. Ook zou ik het leuk vinden om nieuwe collega’s te begeleiden. Verder vind ik het belangrijk om het plezier wat ik nu in mijn werk heb te behouden. Ik word namelijk echt blij van mijn werk. De energie die het geeft wil ik graag vasthouden tot aan mijn pensioen!"

Wat zou je willen zeggen tegen meisjes/vrouwen die twijfelen de bouw in te gaan?
"Ik raad ze aan stage te gaan lopen op verschillende plekken binnen een bouwbedrijf. Op deze manier kunnen zij zelf proeven en aftasten wat ze leuk vinden. Er is namelijk heel veel mogelijk en dat kunnen zij zo ontdekken."

Is er iets dat je zelf graag nog wilt toevoegen?
"Ik ben heel erg blij met mijn werk en het bedrijf waarvoor ik werk. Er zijn zoveel mogelijkheden in de bouw, net zo goed voor vrouwen!"


Hestia: Sytske de Jong

“Je moet gaan doen wat je leuk vind, of dat nu kapster, timmervrouw of architect is. Doe iets wat jou blij maakt."

Hestia is de Griekse godin van de bouwkunst. In deze rubriek wordt iedere week een moderne godin van de bouwwereld geïnterviewd. Over haar inspiratie, de bouwwereld, en wat ze het leukst vindt in haar werk. Deze week is Sytske onze Hestia.

Naam: Sytske de Jong
Functie: Projectmanager UBA project ontwikkeling
Leeftijd: 30 jaar
Woonplaats: Amersfoort
Opleiding: TU Eindhoven Master Architecture / HBO Bouwkunde Hanze hogeschool Groningen / MBO Bouwkunde Friesland College Leeuwarden
Lievelingsbouwjargon: "Bouwen doe je samen!"

Wanneer ontdekte je dat je de bouw in wilde?
“Op de basisschool al. Ik hield altijd al van knutselen en wanneer er in huis iets verbouwd werd, hielp ik mijn vader. Wij kregen op de basisschool een documentaire over verschillende beroepen te zien. Toen zag ik het beroep van architect langskomen en dacht meteen, zoiets wil ik later gaan doen.
Op de mavo mocht ik in het 3e jaar stage gaan lopen. Dat heb ik op een architectenbureau gedaan en dat vond ik meteen heel leuk. Vervolgens heb ik besloten om MBO Bouwkunde te gaan studeren. Tijdens deze studie heb ik stage gelopen bij een bouwbedrijf. Ik mocht toen mee naar buiten, de bouwplaats op. Ik weet nog goed dat ik daar toen de enige vrouw was.
Na het MBO ben ik HBO Bouwkunde gaan studeren. Na mijn HBO dacht ik, ik wil hier nog meer over leren en heb vervolgens nog de Master Architecture aan de TU Eindhoven behaald. Ik heb best lang gestudeerd maar ben heel blij met mijn keuzes.”

Hoe werd daarop gereageerd?
“Goed! De ouders van mijn oma hadden al een timmerbedrijf, dus mijn oma vond het super leuk dat ik ook de bouw in ging. Mijn vader is ook heel trots en mijn moeder vindt dat iedereen moet doen wat hij of zij wil. Iedereen reageerde dus eigenlijk positief en niemand was echt verbaasd.”

Wat maakt de bouw zo leuk?
“De bouw is heel dynamisch. Er gebeurt van alles en er is geen fase hetzelfde. Dit maakt voor mij de bouw zo leuk, elke dag is anders.”

Wat inspireert jou?
“Dat de bouw zo’n belangrijk deel van je omgeving is. Zeker de woningbouw, je kunt mensen een mooi thuis geven, dat vind ik best bijzonder.”

Wie in de bouw inspireert jou?
“Mijn moeder inspireert mij enorm, zij is een ondernemende en sterke vrouw. Als ik naar de bouw kijk dan vind ik Marlies Rohmer heel goed. Zij is architect en ontwerpt onder andere scholen. Hierbij kijkt zij vanuit het oogpunt van een kind, echt heel gaaf!”

Wat vind je het allerleukst aan je werk?
“Naast dat je veel met techniek bezig bent is het een sociale baan. Je hebt contact met kopers, onderaannemers en collega’s. Daarnaast ben je ook vaak lekker buiten. Er zijn dus veel facetten die dit werk leuk maken.”

Wat zijn je dromen voor de toekomst?
“In mijn werk wil ik nieuwe dingen leren en doen. Verder zou ik graag aan nog meer mooie projecten deelnemen.” 

Wat zou je willen zeggen tegen meisjes/vrouwen die twijfelen de bouw in te gaan?
“Ga met mensen praten die het werk doen wat jij wil gaan doen. Op deze manier krijg je meer inzicht en kun je makkelijker een beslissing maken. Er zijn veel mannen, dat klopt maar ze zijn wel echt aardig! Het werken in de bouw is ook zeker wat voor vrouwen, je moet heel precies werken en dat is voor ons vrouwen weggelegd. Het zou echt leuk zijn wanneer er meer vrouwen in de bouw komen werken.”

Is er iets dat je zelf graag nog wilt toevoegen?
“Je moet gaan doen wat je leuk vind, of dat nu kapster, timmervrouw of architect is. Doe iets wat jou blij maakt. Niet teveel denken wat een ander ervan zou vinden, dan komt het vanzelf goed!”


Discus Project: Digitalisering van de bouw in Europa

Afgelopen 23 januari was George Evers van FNV Bouwen en Wonen in Rome. Vertegenwoordigers uit verschillende Europese landen waren bijeen voor het Discus project. Dit project is bedoeld om de ontwikkeling van de digitalisering van de bouw in verschillende landen te inventariseren en na te gaan hoe de arbeidsverhoudingen veranderen. Zo werd er onder andere stilgestaan bij de samenwerking tussen mens en machine.

Het Discus Project (Digital Transformation in the Construction Sector) denkt in het bijzonder na over hoe de samenwerking tussen sociale partners ertoe kan leiden dat digitalisering niet direct negatieve gevolgen heeft voor de werkgelegenheid en de kwaliteit van het werk.

Technologische vernieuwingen

De komende jaren krijgt de bouwsector te maken met een veelheid aan technologische vernieuwingen, waaronder het toepassen van kunstmatige intelligentie (AI), robotisering, drones, BIM, inzet van gamification en Internet of Things. Een belangrijke ontwikkeling in de bouw is het werken met data die al deze vernieuwingen met zich meebrengen.
Er wordt ook gesproken over datagedreven bouwen. De digitalisering staat niet op zichzelf, het kan in samenhang worden gezien met de discussie over de energietransitie.
In de discussie over digitalisering lag aanvankelijk het accent op het verdwijnen van banen. Inmiddels gaat de discussie meer over de samenwerking tussen mens en machine: welke taken passen het best bij een robot, en welke taken bij de mens?

De onderwerpen die spelen bij de veranderingen door digitalisering zijn:

  • Het verdwijnen van banen of delen daarvan en het ontstaan van nieuwe banen,
  • De wijze waarop het werk wordt georganiseerd met het oog op duurzame inzetbaarheid,
  • Arbeidsomstandigheden: wordt het werk veiliger door de inzet van technologie? De vraag is of er ook nieuwe risico’s ontstaan en welke dat dan precies zijn,
  • Privacy van werknemers: nu steeds meer data wordt verzameld is de bescherming van gegevens van werknemers een belangrijk onderwerp. Mogelijkheden om werknemers te volgen zitten inmiddels ingebakken in systemen zoals track and trace en gps,
  • Tenslotte is er discussie over het niveau waarop activiteiten ondernomen kunnen worden: sectoraal, regionaal, landelijk en/of Europees.

Landenvergelijking

Er zijn veel overeenkomsten tussen de landen (België, Bulgarije, Duitsland, Engeland, Frankrijk, Italië en Spanje) die een presentatie hielden tijdens de bijeenkomst in Rome. Hieronder volgen de belangrijkste overeenkomsten tussen de landen:

  • De bouw is een belangrijke economische sector, die fors is getroffen door de crisis. De bouw trekt inmiddels weer flink aan, mede vanwege de opgave van de klimaatverandering. Er wordt verwacht dat de klimaatverandering veel werkgelegenheid zal opleveren.
  • Er zijn veel kleine bedrijven en zelfstandig ondernemers actief in de bouw. Hiermee in samenhang is dat het innovatievermogen als gering wordt gezien. Er wordt weinig geïnvesteerd in R&D (Research en Development).
  • Er moet fors worden geïnvesteerd in werknemers om aan de opgave die er ligt te kunnen voldoen. Daarom zijn er twijfels of het huidige opleidingsstelsel in staat is om de snelle veranderingen bij te houden en de opleidingsprogramma’s aan te passen.
  • Datadelen wordt een must wil de samenwerking in de keten in de bouw van de grond komen.
  • De kwaliteit van het werk moet naar een hoger plan worden getild en er moet worden voorkomen dat werk op een arbeidsdelige manier wordt georganiseerd.

Er is een aantal onderwerpen benoemd die belemmerend kunnen werken als het gaat om digitalisering:

  • Op de bouwplaats zijn niet voldoende digitale middelen aanwezig (zoals een iPad). Daarnaast is er geen rekening gehouden met verschillende talen.
  • De constatering is dat er sprake is van weerstand onder medewerkers op de bouwplaats om digitaal te werken. Dit komt mede omdat zij nog niet in voldoende mate digivaardig zijn. De medewerkers worden onvoldoende betrokken bij het implementatieproces van de digitalisering en worden geconfronteerd met andere manieren van werken.

Per land vallen een aantal specifieke punten te benoemen in het kader van digitalisering en technologische ontwikkelingen.

Duitsland:

  • Digitalisering wordt gezien als een kans, maar de verwachting is dat de werkgelegenheid zal afnemen.
  • BIM wordt gezien als een centraal thema voor alle delen van bouwbedrijven, waarbij de belemmering is dat er nog niet echt sprake is van standaardisatie. Voor deze standaardisatie wordt actie vanuit de overheid verlangd. Een belangrijk vraagstuk is wie precies de eigenaar is van de data. Daarnaast worstelen bedrijven met de vraag hoe digitalisering meer gaat leven bij werknemers.
  • De vakbond zet in op het in stelling brengen van de ondernemingsraden door digitalisering bij hen op de agenda te zetten. Aandachtspunten zijn de negatieve gevolgen van digitalisering, de werktijden en de controle van werknemers.

Frankrijk:

  • Digitalisering beperkt zich niet tot BIM, maar BIM speelt zeker een belangrijke rol bij het innovatieproces in Frankrijk. De overheid heeft de afgelopen jaren een programma gehad om BIM te promoten, maar dat is niet gelukt. Om die reden heeft de overheid nu het programma BIM 2022 gelanceerd met als doel om in dat jaar alle bedrijven aangesloten te krijgen op BIM. Er is voor dit programma een stuurgroep in het leven geroepen, bestaande uit de overheid en werkgevers. De vakbonden zijn hier niet bij betrokken.
  • Er zijn veel BIM trainingen, maar de implementatie op de werkvloer verloopt traag. Daarom is er twijfel of dit overheidsprogramma zijn doelstellingen zal halen. Er is een apart programma ontwikkeld om het bewustzijn over digitalisering onder werknemers te stimuleren.
  • Een aandachtspunt is het gebruik van data. Door BIM komt er veel data beschikbaar (big data) die voor beleidsdoelen en sturing gebruikt kan worden. De discussie moet gaan over het verzamelen en het gebruik van deze data (inclusief de data die wordt verzameld over werknemers).
  • In Frankrijk speelt verder platformwerk (digitale platforms waarop vraag en aanbod van tijdelijk werk bij elkaar gebracht worden), dus op welke wijze platformwerk wordt ingezet en gebruikt in sectoren.

België:

  • Er zijn steeds meer andere groepen werknemers in de bouw aanwezig, zoals meer kantoorpersoneel. Er zijn veel kleine bedrijven in de bouw, die een afwachtende houding hebben als het gaat om het implementeren van digitalisering. De kleine bedrijven kijken de kat uit de boom, want zij willen niet nu investeren als niet duidelijk is of de nieuwe technologie in de toekomst stand houdt.
  • De verwachting is een verlies aan banen, maar ook de komst van nieuwe banen zoals BIM experts en drone piloten. Verder is de verwachting meer veiligheid, welzijn en autonomie van werknemers, maar ook meer controle en psychosociale arbeidsbelasting (psa).

Bulgarije:

  • Dit land heeft een apart probleem, niet zozeer of er BIM opgeleid personeel is, want er is bijna geen bouwpersoneel aanwezig. De meeste werknemers werken in andere landen van de EU vanwege de betere verdiensten.

Democratie is belangrijk bij digitalisering
In Rome klonk de waarschuwing vanuit de vakbonden dat technologische ontwikkelingen vooral door Amerikaanse bedrijven wordt gedomineerd en dat de EU zich meer zou moeten inspannen om deze dominantie te doorbreken.
De kleine bedrijven die te weinig innovatief zijn moeten worden geholpen bij het vergroten van hun innovatievermogen. De overheid kan hierbij een rol spelen.
De vakbonden moeten zich bezig houden met digitalisering, waarbij de slogan is: ‘zit je aan tafel of sta je op de menukaart.’
Tenslotte werd gesteld dat democratie een belangrijke waarde is bij digitalisering. Dat betekent dat er sprake moet zijn van zeggenschap bij alle betrokkenen. Uitdrukkelijk werd verwezen naar China waar de zeggenschap bij digitaliseringsontwikkelingen zeer beperkt is en waar een tendens bestaat naar een totalitaire staatsvorm gefaciliteerd door digitalisering.


Privacy Preference Center

Deze website maakt gebruik van cookies om u de beste ervaring te geven. Geef goedkeuring door op de 'Accepteer' knop te klikken.