Jelle Nieuwenstein
Hestia Maaike Waals: “Die mannen zijn echt niet zo eng als ze eruitzien”
Hestia is de Griekse godin van de bouwkunst. In deze rubriek wordt een moderne godin van de bouwwereld geïnterviewd. Over haar inspiratie, de bouwwereld, en wat ze het leukst vindt in haar werk. Deze week is Maaike Waals, timmervrouw bij Van Wijnen aan het woord.
Naam: Maaike Waals 
Functie: Timmervrouw bij Van Wijnen
Leeftijd: 24 jaar
Woonplaats: Papendrecht
Opleiding: MBO Timmerman niveau 2
Wanneer ontdekte je dat je de bouw in wilde?
"Eigenlijk wist ik het al vrij jong. Als kind liep ik vaak mee met mijn vader, die kraanmachinist is. Ik vond dat altijd al leuk, maar dacht er toen nog niet serieus over na. Op de middelbare school moesten we aan het einde van het tweede jaar kiezen welke richting we op wilden. Economie, zorg of koken waren niks voor mij, dus ik koos techniek. Toch durfde ik toen nog niet gelijk voor de bouw te gaan.
Ik heb eerst nog de opleiding Onderwijsassistent gedaan, omdat ik het leuk vind om mensen iets te leren. Tegelijkertijd bleef ik klussen naast mijn opleiding, en toen merkte ik dat ik dat eigenlijk veel leuker vond. Uiteindelijk ben ik dus toch de bouw in gegaan."
Hoe werd daarop gereageerd?
"Thuis waren ze supertrots. Mijn vader, mijn oma’s vonden het geweldig. Ook mijn vrienden waren positief. Alleen mijn favoriete docent op het mbo vond het zonde dat ik in mijn laatste jaar stopte. Maar zelfs zij zei: ‘Dat had je veel eerder moeten doen.’
Echt negatieve reacties heb ik niet gehad. Hooguit mensen die voorzichtig vroegen: ‘Weet je het zeker?’ Maar dat zie ik eerder als bezorgdheid dan negativiteit."
Wat maakt de bouw zo leuk?
"De variatie en het bezig zijn met je handen. Je maakt iets tastbaars. Soms kijk ik terug en zie ik dat er op een plek waar eerst alleen zand lag nu een heel gebouw staat. Dat heb je dan toch maar mooi neergezet met elkaar. Dat geeft voldoening."
Wie in de bouw inspireert jou?
"Mijn leermeester van mijn vorige werk. Hij en zijn collega leerden me niet alleen het vak, maar ook hoe ik mezelf moest zijn. Hij had zelf dochters, dus hij begreep me. Hij merkte het zelfs als ik ongesteld was, gewoon aan mijn gedrag. Dat voelde heel veilig en vertrouwd. Die mannen hebben me echt geleerd om voor mezelf op te komen. Ze beschermden me in het begin, maar gaven me ook het zelfvertrouwen om m’n plek te pakken in de bouw."
Wat vind je het allerleukst aan je werk?
"Het werk zelf! Gewoon lekker met je handen bezig zijn. En de samenwerking met collega’s en hoe je samen naar een eindresultaat toewerkt. Natuurlijk is niet elk project hetzelfde, maar dat maakt het juist leuk."
Wat zijn je dromen voor de toekomst?
"Ik wilde altijd leermeester worden en dat ben ik inmiddels, dus dat doel heb ik behaald. Nu wil ik me vooral verder ontwikkelen en meer doen met educatie. Bijvoorbeeld zelf activiteiten organiseren voor basisscholen om kinderen kennis te laten maken met de bouw. Laatst hadden we op de zaak een open dag voor basisscholen, en dan merk je dat kinderen anders reageren als ze zien dat er ook een vrouw in de bouw werkt. Ze worden opener en enthousiaster. Daar wil ik meer mee doen."
Wat zou je willen zeggen tegen meisjes/vrouwen die een baan in de bouw overwegen?
"Gewoon doen! Die mannen zijn echt niet zo eng als ze eruitzien. Ik dacht dat eerst ook, maar het valt reuze mee. Ze lijken soms wat lomp, maar meestal zijn ze gewoon hartstikke aardig. En als je ergens werkt waar het niet goed voelt, zoek dan een andere plek. Niet elk bedrijf is hetzelfde. Er zijn ook bedrijven waar het wel goed geregeld is, waar je serieus genomen wordt en je gewoon fijne collega's hebt."
Is er iets dat je zelf graag wilt toevoegen?
"Dat het belangrijk is dat vrouwen passende werkkleding krijgen. Toen ik begon, had ik alleen mannen broeken. Ik ben in een jaar tijd door zeven broeken heen gescheurd, omdat ze gewoon niet goed pasten. Nu hebben we kleding die wél goed zit en dat maakt een wereld van verschil. Het zit niet alleen lekkerder, het voelt ook professioneler en veiliger.
Werkgevers zouden verplicht moeten worden om fatsoenlijke werkkleding voor vrouwen te regelen. Want als je je comfortabel voelt in je kleding, voel je je ook serieuzer genomen."
Samen sterker: van NS tot bouw – menstruatie- en overgangsmaatregelen in de cao
Bij NS is er iets bijzonders gebeurd. Dankzij de inzet van FNV-kaderlid Silvana en haar collega Liane zijn er in de nieuwe cao afspraken gemaakt over maatwerk bij menstruatie- en overgangsklachten. NS-werknemers met (chronische) klachten hoeven zich voortaan niet meer (maandelijks) ziek te melden, maar hebben nu de mogelijkheid om tijdelijk het werk aan te passen, zodat zij gewoon aan het werk kunnen blijven. Dit kunnen we ook regelen in de cao Bouw & Infra, als we ons er samen sterk voor maken.
Hoe het begon
Silvana is al jaren actief binnen FNV Spoor. Haar motivatie om dit onderwerp aan te kaarten, komt uit eigen ervaring. “Toen ik jong was en bij de NS werkte als lokettiste, had ik veel last van mijn menstruatie. Gelukkig werkte ik binnen. Met een kruik op mijn buik hield ik het wel vol. Maar ik dacht: hoe doen die meiden dat nu? In de trein of buiten heb je die luxe niet.”
Later kreeg Silvana zelf veel last van overgangsklachten. “Ik merkte dat ik fouten maakte in mijn werk en vroeg mijn leidinggevende mij daarop aan te spreken, zodat ik er iets mee kon. Dat deed ze, en dat was fijn.” Maar niet iedereen vindt het makkelijk om dit aan te geven bij een leidinggevende. Door dit vast te leggen in de cao, maak je ruimte om het te bespreken en afspraken op maat te maken.
Van idee naar cao-afspraak
In haar rol als voorzitter van de divisieraad en lid van de cao-commissie wist Silvana hoe ze dit onderwerp op de agenda kon krijgen. Samen met collega Liane keek ze naar het voorbeeld van Spanje, waar menstruatieverlof bestaat. Ze kwamen met een voorstel voor maatwerkafspraken in plaats van verlof – zodat vrouwen[i] kunnen blijven werken, mét begrip en aanpassingen waar nodig.
Veel medewerkers van NS zijn lid van een vakbond én zijn bereid samen op te staan voor betere werkomstandigheden. Zo heeft het voorstel van Silvana en Liane het gemaakt tot cao-onderhandelingsresultaat. Door samen en verenigd in een vakbond in actie te komen, wonnen de medewerkers voor zichzelf en hun collega’s:
- de mogelijkheid tot aangepast werk bij klachten;
- gratis menstruatieproducten op alle toiletten;
- erkenning dat deze klachten hun werk kunnen beïnvloeden, zonder dat het gelijk een ziekmelding hoeft te zijn.
NS is inmiddels de derde werkgever waar FNV dit voor elkaar kreeg. Eerder lukte het ook in de cao Kinderopvang en de cao Rijk.
Waarom dit belangrijk is
Menstruatie kan gepaard gaan met heftige klachten: buikpijn, premenstruele psychische klachten, vermoeidheid, rugpijn, hoofdpijn, hevig bloedverlies. Ook de overgang gaat over meer dan opvliegers. Slapeloosheid, geheugen- en concentratieproblemen, pijnklachten en stemmingswisselingen komen veel voor. De cijfers laten zien dat dit geen klein probleem is:
- Een onderzoek van Radboud UMC onder 42.000 vrouwen tussen de 15 en 45 wees uit dat 38% van de ondervraagde vrouwen zoveel klachten heeft bij menstruatie dat de (werk)agenda er op moet worden aangepast.
- Uit onderzoek van TNO en het CBS blijkt dat bij 55% van alle vrouwelijke werknemers in de overgang hun klachten weleens invloed op hun werk hebben. 36% vindt dat zij soms minder goed functioneren op het werk door klachten. 57% heeft behoefte aan meer begrip of ondersteuning op de werkvloer.
Zonder afspraken in de cao is de enige optie vaak ziekmelden. Maar elke maand of regelmatig een paar dagen ziek thuis zitten voelt niet goed, en leidt vaak tot onbegrip bij collega’s en werkgever. Met cao-afspraken wordt het normaal om over je menstruatie- of overgangsklachten te praten en om oplossingen op maat te zoeken. Het komt nou eenmaal bij een groot deel van de bevolking voor en zolang we er niet over praten en er geen afspraken over maken, blijft het het probleem van de vrouwen die ermee zitten. Als we er afspraken over maken wordt het iets waar collega’s en werkgevers rekening mee kunnen houden.
En nu de bouw
In de cao Bouwen & Wonen bestaan dit soort afspraken nog niet. Maar wat bij NS kan, kan ook in de bouw, als we ons er samen sterk voor maken. Het gaat erom dat je je werk op een gezonde manier kunt blijven doen, ook als je klachten hebt die regelmatig terugkomen.
Cao-afspraken zorgen ervoor dat het onderwerp bespreekbaar wordt, dat collega’s en werkgevers er rekening mee kunnen houden én dat jij je werk op een prettige en duurzame manier kunt blijven doen.
Jouw stem is nodig
Vind jij dat er ook in de cao Bouw & Infra afspraken moeten komen over menstruatie- en overgangsklachten? Dat kan! Maar alleen als we het samen doen, net als Silvana en Liane en hun collega’s bij NS.
Wil jij meedoen?
Sluit je aan bij FNV Bouwen & Wonen en neem contact met ons op via uta@fnv.nl. Samen zorgen we dat dit onderwerp ook in jouw cao terechtkomt.
[i] Niet alle vrouwen menstrueren en niet iedereen die menstrueert of in de overgang komt identificeert zich als vrouw. In dit artikel wordt de term ‘vrouw’ gebruikt om te verwijzen naar mensen die menstruatie- of overgangsklachten kunnen ervaren.
Meld je aan voor een gesprek met de politiek over BouwplaatsID op 8 september
Al heel lang praten werkgevers en werknemers in de bouwsector over de implementatie van BouwplaatsID. Digitalisering is dé oplossing om een overzicht te krijgen wie er op de bouwplaats voor wie werkt. We werken hiermee aan efficiëntie in de sector en versterken bovendien de positie van alle partijen en werkenden op de bouwplaats, inclusief arbeidsmigranten en Derdelanders.
Het kán, maar waarom lukt invoering nog niet?
We weten dat het kan en dat we kunnen voldoen aan de privacy wetgeving. Er zijn andere voorbeelden in Europa en technisch gezien zijn oplossingen voorhanden.
In gesprek met de politiek
Er moeten dus nu concrete stappen gezet worden. Met de steun van de Aannemersfederatie Nederland (AFNL) gaan we op 8 september hierover in gesprek met vertegenwoordigers van politiek, overheid, werkgevers en werknemers.
Ben jij erbij?
Voor wie is deze bijeenkomst? Voor iedereen die de bouwsector een warm hart toedraagt. Werkgevers, werknemers en andere belanghebbenden. We hopen op jullie komst. Het is de hoogste tijd voor een goed gesprek met de politiek! meld je hier aan.
-
Wanneer: 8 september
-
Waar: Nieuwspoort, Den Haag
-
Inloop/Start: 10.30/11.00 uur
-
Einde: 15.00 uur
-
Netwerkborrel: 15.00 – 16.00 uur
Voor een kleine lunch wordt gezorgd en het definitieve programma volgt nog.
Stop de afbraak van onze WIA en WW!
Stel je voor: je betaalt al jaren premie voor een verzekering, in de hoop dat je er nooit gebruik van hoeft te maken. Maar als het noodlot toeslaat (door bijvoorbeeld een reorganisatie, faillissement, plotseling ontslag of langdurige ziekte), krijg je ineens minder dan je dacht. Minder tijd, minder zekerheid, meer stress. Dat is precies wat er nu dreigt te gebeuren met de WW en de WIA.
Wat staat er op het spel
Op dit moment duurt de WW maximaal 24 maanden. Het kabinet wil die periode verkorten naar 18 maanden. Dat betekent dat je sneller in de bijstand terechtkomt, met strengere voorwaarden en vaak een lager bedrag. Het vinden van een nieuwe baan kost tijd. Zeker als je in een sector werkt waar banen schaars zijn, of als je 50-plus bent.
Ook de WIA, onze arbeidsongeschiktheidsverzekering, staat onder druk. Een ongeluk, ziekte, of jaren zwaar werk: arbeidsongeschiktheid kan iedereen overkomen. De WIA zou dan je vangnet moeten zijn. Maar de regels zijn nu al zo hard en oneerlijk, dat veel mensen die eigenlijk arbeidsongeschikt zijn, in de bijstand terechtkomen. Met verdere inkorting van de WW wordt het nog erger. De opgebouwde WW-rechten bepalen namelijk hoe lang je een loongerelateerde WIA-uitkering krijgt bij gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid. En dat terwijl er genoeg geld is om de regeling eerlijker te maken.
De gevolgen van verkorten
- Minder financiële zekerheid: zes maanden minder WW betekent duizenden euro’s verlies
- Meer druk op gezinnen: rekeningen blijven komen, maar de inkomsten vallen weg
- Snellere terugval in de bijstand: met strengere voorwaarden en vaak een lager bedrag.
Het vangnet waarvoor je betaalt, wordt dunner. En dat terwijl je premie onveranderd blijft.
Waarom dit onrechtvaardig is
De WW en WIA zijn geen gunst, het zijn verzekeringen die we allemaal samen opbouwen. Werkgevers en werknemers betalen premie zodat er een buffer is als je onvrijwillig zonder werk komt te zitten. Die buffer afbreken, terwijl het geld in de kas zit, is niet alleen onnodig, maar ook onrechtvaardig.
Samen kunnen we dit stoppen
Als we nu niets doen, wordt de verkorting er stilletjes doorheen gedrukt. Maar hoe meer mensen laten horen dat we dit niet accepteren, hoe groter de druk op de politiek.
Eerdere campagnes van de FNV hebben laten zien dat actie loont. Politici draaien plannen terug als er genoeg weerstand is.
Kom in actie
Kom in actie en meld je aan, dan houden we je op de hoogte van alle acties. Want alleen samen kunnen we de afbraak stoppen.
Zo neem je je vakantiedagen het meest gunstig op in 2026
Met het einde van de zomervakantie in zicht dromen we alvast een beetje verder over vakantie in 2026. We willen allemaal zo veel mogelijk vrij zijn en zo min mogelijk vakantiedagen inleveren. Wij hebben alvast voor je uitgezocht hoe je je vakantie dagen het meest gunstig kan opnemen en daardoor het meest gunstig vrij kan zijn.
Nieuwjaarsdag
Laten we beginnen met nieuwjaarsdag van 2026. 1 januari 2026 valt op donderdag. Je zou dus 2 januari als vrije dag kunnen opnemen, waardoor je dan 4 dagen lang kan uitbrakken van dat ene oud/nieuwjaarsfeestje. Vind je het te vroeg om op 2 januari al gelijk een vakantie dag in te zetten? Lees dan vooral verder.
Goede vrijdag en Pasen
Op maandag 6 april 2026 is het 2e paasdag. Je zou op vrijdag 3 april (goede vrijdag) vrij kunnen nemen, dan heb je een lang weekend vrij van vrijdag 3 april tot en met maandag 6 april. 4 dagen vrij voor 1 vakantiedag. Wil je meer vrij, dan zou je na maandag 6 april de rest van die week vrij kunnen nemen. Dan heb je dus 9 dagen vrij (van zaterdag 4 april tot en met zondag 12 april), voor 4 vakantiedagen. Wil je nog meer vrij, dan plak je daar de vrijdag 3 april (goede vrijdag) nog aan vast. Dan heb je 10 dagen vrij voor 5 vakantiedagen.
Koningsdag
Op maandag 27 april 2026 is het koningsdag. Je kan vrijdag 24 april vrij nemen voor een lang weekend vrij (4 dagen). Of je zou ervoor kunnen kiezen om de rest van die week vrij te nemen waarin koningsdag valt. Dan heb je dus ook weer 9 dagen vrij (van zaterdag 25 april tot en met zondag 3 mei), voor 4 vakantiedagen.
Lang weekend met hemelvaart
Hemelvaart valt op donderdag 14 mei 2026. Als je dan vrijdag 15 mei vrij neemt, dan heb je 4 dagen vrij voor 1 vakantiedag. Ook hier kun je weer kiezen voor de hele week vrij voor 4 vakantiedagen. Dan ben je dus 9 dagen vrij achter elkaar.
Pinksteren
Maandag 2e pinksterdag valt op maandag 25 mei 2026. Je kan vrijdag 22 mei vrij nemen. Dan heb je 4 dagen vrij (lang weekend) voor 1 vakantiedag. Wil je meer vrij, dan kun je de rest van de week vrij nemen waarin 2e pinksterdag valt. Dan heb je weer 9 dagen vrij voor 4 vakantiedagen.
Kerst
Helaas valt kerst 2026 op vrijdag en zaterdag. Desalniettemin kun je meer vrij zijn rond die tijd. Je kan vakantiedagen opnemen tussen kerst en oud en nieuw. Je zou maandag 28 december, dinsdag 29 december, woensdag 30 december en donderdag 31 december kunnen opnemen als vrije dagen. Je hebt dan 10 dagen vrij voor 4 vakantiedagen.
Totaal aantal vrije dagen:
We hebben wat verschillende opties gegeven. Maar hoeveel dagen kost het nou precies:
Ga je voor de lange weekenden:
- Lang weekend met nieuwjaar;
- Lang weekend met Pasen;
- Lang weekend met Koningsdag;
- Lang weekend met Hemelvaart;
- Lang weekend met Pinksteren;
- Hele periode tussen kerst en oud en nieuw.
Dan kost dit je 9 vakantiedagen en dan ben je 30 dagen vrij.
Ga je voor de meeste vrije dagen:
- Lang weekend met nieuwjaar;
- Goede vrijdag vrij en de week van Pasen;
- De week van koningsdag;
- De week van Hemelvaart;
- De week van Pinksteren;
- De hele periode tussen kerst en oud en nieuw.
Dit kost je 22 vakantiedagen en dan ben je 51 dagen vrij.
Let wel op met deze laatste optie, dan zijn je vakantiedagen bijna op. Heeft jouw werkgever nog een bouwvak of andere verplichte vrije dagen? Dan heb je daar ook rekening mee te houden.
Opzegtermijn arbeidsovereenkomst voor werkgever en werknemer
Je hebt afgelopen zomer bij een ander bedrijf een leuke functie gezien en je wilt je huidige functie graag opzeggen. Maar hoe lang is je opzegtermijn eigenlijk? Kan de werkgever ook jouw arbeidsovereenkomst opzeggen en hoe lang is dan het opzegtermijn voor de werkgever?
Tijdelijke arbeidsovereenkomst
Heb je een tijdelijke arbeidsovereenkomst van 6 maanden of langer, die eindigt op een kalenderdatum? Dan is je werkgever verplicht om je schriftelijk te laten weten of hij de overeenkomst wil voortzetten en zo ja, onder welke voorwaarden. Dit moet uiterlijk een maand voor de einddatum.
Je werkgever kan een tijdelijke arbeidsovereenkomst niet zomaar tussentijds opzeggen. Jij mag dit wel, als uta werknemer zeg je op tegen het einde van he betalingsperiode. Je hebt een maand opzegtermijn. De laatste dag loopt dan af op de laatste dag van de betalingsperiode. Je mag in overleg hier vanaf wijken met je werkgever.
Let op dat je altijd schriftelijk opzegt.
Vaste arbeidsovereenkomst
Je werkgever mag je vaste arbeidsovereenkomst alleen opzeggen als jij schriftelijk instemt met je ontslag. Je bent niet verplicht om er mee in te stemmen. Mocht je er dus niet mee in stemmen, dan kan de werkgever je alleen ontslaan met toestemming van het UWV of de kantonrechter. Stem je hier wel mee in, dan ga je met wederzijds goed vinden uit elkaar en ontstaat er een vaststellingsovereenkomst. Hierover in een ander artikel meer. Je werkgever moet zich wel houden aan de opzegtermijn voor werkgevers.
Als werknemer mag jij altijd je arbeidsovereenkomst opzeggen. Hierbij gelden dezelfde regels als bij het opzeggen van een tijdelijke arbeidsovereenkomst. Je hebt dus altijd een maand opzegtermijn en je moet schriftelijk opzeggen.
Hieronder een tabel met het opzegtermijn:
| Duur arbeidsovereenkomst | Opzegtermijn werkgever | Opzegtermijn werknemer |
| Korter dan 5 jaar | 1 maand | 1 maand |
| 5 tot 10 jaar | 2 maanden | 1 maand |
| 10 tot 15 jaar | 3 maanden | 1 maand |
| 15 jaar of langer | 4 maanden | 1 maand |
Moet je bereikbaar zijn in de vakantie?
Voor de meesten van ons is het dé periode van het jaar: vakantie. Even weg van het werk, tijd voor jezelf en je gezin, en vooral geen werkmails of telefoontjes. Maar stel… je werkgever belt je terwijl je in de zon ligt of net een bergwandeling maakt. Moet je dan opnemen? Ben je verplicht om beschikbaar te zijn?
Officieel vrij betekent: niet bereikbaar hoeven zijn
Als je vakantie opneemt, neem je vakantiedagen op. Dat betekent dat je vrij bent van werk. Je bent dus niet verplicht om bereikbaar te zijn voor telefoontjes, appjes of e-mails van je leidinggevende.
Vakantie is bedoeld om uit te rusten, bij te tanken en los te komen van je werk.
Wat zegt de cao Bouw & Infra?
In de cao Bouw & Infra staat in artikel 3.1 de regeling over vakantie. Daarin worden zaken geregeld zoals opbouw van vakantiedagen, aanvragen van vakantie en het vaststellen van de vakantieperiode.
Belangrijk: er staat geen bepaling in dat je tijdens je vakantie bereikbaar moet zijn. Er is dus géén cao-regel die je verplicht om te reageren op telefoontjes of berichten.
Wat als je tóch wordt gebeld?
In de praktijk kan het natuurlijk voorkomen dat een werkgever belt. Misschien is er iets onverwachts gebeurd op de bouwplaats, of ontbreekt er cruciale informatie.
Je werkgever moet jouw vakantie respecteren, tenzij er sprake is van een uitzonderlijke noodsituatie (bijvoorbeeld als jij als enige toegang hebt tot cruciale informatie of systemen).
Praktische tips om ongestoord vakantie te vieren
- Zet je werktelefoon uit of laat deze thuis.
- Stel een out-of-office melding in voor je e-mail en voicemail.
- Draag je lopende werkzaamheden over aan collega’s voordat je met vakantie gaat.
- Maak duidelijke afspraken met je leidinggevende over bereikbaarheid (of juist onbereikbaarheid).
Heb je vragen of wil je weten hoe dit voor jouw situatie zit? Neem contact met ons op via uta@fnv.nl.
Intern doorgroeien in de bouw: waar moet je op letten?
Intern doorgroeien is niet alleen een kans, maar ook een proces wat goede voorbereiding verwacht. Hieronder vind je tip met waar je op moet letten als je intern wil doorgroeien.
Scholing en certificering
Volgens de cao heb je recht op ontwikkeling en scholing. Via Volandis of het Opleidings- & Ontwikkelingsfonds Bouw & Infra (O&O-fonds) kun je vaak (deels) betaalde cursussen of opleidingen volgen, bijvoorbeeld voor leidinggeven, veiligheid (VCA-VOL) of digitale bouwprocessen (BIM).
Let op je functie-indeling en loon
Als je doorgroeit naar een nieuwe functie, verandert mogelijk ook je functie-indeling en bijbehorend loongebouw. De cao Bouw & Infra kent duidelijke functiegroepen en loonschalen. Zorg dat je nieuwe werkzaamheden ook formeel erkend worden en dat je functie en salaris daarop worden aangepast.
Veiligheid en gezondheid
Een hogere functie brengt vaak meer verantwoordelijkheid mee. Denk hierbij ook aan de zorgplicht voor veiligheid en gezondheid van collega’s op de bouwplaats. De cao verplicht werkgevers om hier voldoende ondersteuning voor te bieden.
Overuren en werktijden
Nieuwe functies kunnen andere werktijden of verantwoordelijkheden met zich meebrengen. Houd rekening met de cao-afspraken over werk- en rusttijden, overwerk en toeslagen.
Wil je meer informatie of heb je hier nog vragen over? Stuur een e-mail naar uta@fnv.nl
Het belang van passende werkkleding voor vrouwen
De techniek- en bouwsector verandert. En dat is hard nodig ook. Want hoewel het aantal vrouwen in de sector de afgelopen jaren flink is gestegen, zijn er nog steeds obstakels die ervoor zorgen dat veel vrouwen de sector verlaten. Eén van die obstakels? Werkkleding die niet goed past. Dat is geen modeprobleem, maar een veiligheidsrisico én een teken dat vrouwen nog lang niet altijd serieus worden genomen op de werkvloer.
Uit het rapport ““Regel dat ze wil blijven. Een verkennend onderzoek naar gender(on)gelijkheid in technische sectoren in Nederland”” van Women INC. blijkt dat maar liefst 65% van de vrouwen met een technische opleiding uiteindelijk de sector verlaat. Bij mannen ligt dat percentage op 42%. Wat is er nodig om vrouwen in de bouw te behouden? Dat vroegen we aan vrouwen uit de sector zelf. Eén ding is duidelijk: werkgevers moeten zorgen voor een inclusieve én veilige werkomgeving. Passende werkkleding speelt daarin een belangrijke rol.
Uniseks werkkleding
Werkkleding hoort je te beschermen. Maar als je broek te wijd is en van je heupen zakt, je kniebeschermers op de verkeerde plek zitten, of je jas te wijd is waardoor je overal blijft hangen, dan helpt die kleding je niet. Dan zit het in de weg. Of erger nog. Dan vormt het een gevaar.
Veel vrouwen in de bouw krijgen nog steeds “uniseks” kleding. In de praktijk betekent dat vaak mannenkleding in een kleinere maat, zonder rekening te houden met vrouwelijke lichaamsvormen, zoals de heupen, taille of een andere pasvorm. Ook schoenen zijn vaak niet geschikt. Vrouwen krijgen werkschoenen die te breed zijn of onvoldoende ondersteuning bieden. En persoonlijke beschermingsmiddelen zoals handschoenen of veiligheidsbrillen zijn zelden afgestemd op hun lichaamsbouw.
Een wereldwijd probleem
Dat dit probleem niet alleen in Nederland speelt, blijkt uit cijfers wereldwijd. In Australië zegt 57 procent van de vrouwen in de techniek dat ze soms maar hun eigen kleding dragen, omdat er geen werkkleding voor hen beschikbaar is. In Engeland draagt slechts 10 procent van de vrouwen een werkbroek die goed zit. In Canada heeft ruim de helft minstens één keer beschermingsmiddelen gedragen die niet pasten.
Zo kan het ook
Gelukkig zijn er ook positieve ontwikkelingen. Zo heeft Heijmans een aantal kledingstukken speciaal voor vrouwen beschikbaar gesteld. BAM introduceerde zelfs een complete kleding- en schoenenlijn.
Maaike werkt als werkvoorbereider bij Van Wijnen en weet uit eigen ervaring hoe belangrijk passende werkkleding is. "Wij kregen broeken die al jaren oud waren. De mannen scheurden er al bijna uit, en ik had binnen één jaar tijd zeven nieuwe nodig. Gelukkig droeg ik er altijd een legging onder, want ze scheurden tot aan m’n knieën open."
Voor vrouwen was er simpelweg geen passende kleding beschikbaar. "Het waren rechte mannen broeken zonder stretch. Niet gemaakt voor vrouwen. Toen iemand van kantoor zei dat het écht niet kon dat ik met gescheurde broeken liep, zei ik dat zij dan maar betere kleding moeten regelen.”
Aanvankelijk kreeg ze te horen dat ze niet zo moest zeuren. "Maar ik bleef het aankaarten, ook bij leidinggevenden. Je moet soms gewoon brutaal zijn om iets voor elkaar te krijgen." En dat lukte. Inmiddels is er speciale werkkleding voor vrouwen beschikbaar. "Het zit gewoon veel beter. Je kunt je vrij bewegen, en je merkt meteen dat het ook iets doet met je werkplezier. Je voelt je serieuzer genomen, want het ziet er gewoon een stuk professioneler ook. Ook ben ik veel minder chagrijnig omdat ik niet langer drie keer per dag vast komst te zitten."
Maaike roept andere vrouwen op om ook hun stem te laten horen: "Blijf volhouden. Werkgevers moeten verplicht worden om kleding aan te bieden die écht past. Het is geen extraatje. Het is het minimale dat je mag verwachten."
In actie komen voor jezelf én anderen
Verandering begint met het aankaarten van wat niet werkt. Vraag om passende kleding en beschermingsmiddelen. En je hoeft dat niet alleen te doen. Praat met collega’s, meld het bij je leidinggevende en sluit je aan bij een vakbond zoals de FNV, die zich inzet voor gelijke en veilige werkomstandigheden. Samen maken we ons sterk voor werkkleding die wél past bij vrouwen in de bouw.
Sluit je aan en word lid van de FNV!
Aafke over kolfruimtes op de bouwplaats: “ik wilde er geen ‘ding’ van maken”
Aafke over kolfruimtes op de bouwplaats: “ik wilde er geen ‘ding’ van maken”
Werkgevers zijn volgens de wet verplicht om geschikte kolffaciliteiten te bieden. Toch zorgt kolven op de bouwplaats nog voor de nodige uitdagingen. Wij spraken met Aafke, al 19 jaar werkzaam bij Heijmans, over haar ervaringen met kolven op de bouwplaats.
Aafke is momenteel programmamanager Duurzaamheid, en heeft een achtergrond in civiele techniek. Ze heeft drie kinderen die ze borstvoeding heeft gegeven terwijl ze werkte.
Hoe was het om te kolven op je werk?
“Het was soms even zoeken naar een geschikte plek, en ik heb op allerlei verschillende locaties gekolfd: in keten met dunne wandjes, op het toilet, zelfs in een bezemkast. Dat vroeg wat creativiteit en flexibiliteit, en echt ontspannen was het niet altijd – zeker niet als anderen het apparaat konden horen.”
Was er binnen Heijmans aandacht voor jouw behoefte om te kolven?
“Eigenlijk niet. Ik heb nooit vooraf een gesprek gehad over waar of hoe ik kon kolven. Het onderwerp kwam simpelweg niet ter sprake. Niet omdat ze het niet zouden willen ondersteunen, maar het leeft gewoon niet. En zelf wilde ik er ook geen "ding" van maken. Dus ik regelde het stilletjes.”
Waren er voorzieningen geregeld?
“Op het hoofdkantoor is er een kolfruimte, maar op de bouwplaatsen of kleinere kantoren is dat vaak niet het geval. Het gesprek daarover heb ik ook niet gevoerd. Ik heb nooit vooraf met mijn leidinggevende besproken hoe ik dat wilde aanpakken.”
Wat had je graag anders gezien?
“Dat het onderwerp op de agenda staat. Niet alleen vanuit wetgeving, maar vanuit bewustzijn en steun. Simpele dingen zoals een ruimte met een slot, stromend water, een koelkastje. En vooral: dat het bespreekbaar is. Een ruimte hoeft er ook niet altijd te zijn, maar wel wanneer het voor een collega een bepaalde periode wel van belang is.”
Was kolven van invloed op jouw werk of carrière?
“Ik heb het gevoel dat ik tijdens mijn zwangerschapsperiodes geen salarisverhoging heb gekregen. Het voelde soms alsof mijn verlof me dat 'kostte', ook al is zwangerschapsverlof gewoon een recht. Daarnaast werd er nauwelijks rekening gehouden met de werkdruk of reistijd -— zes uur 's ochtends de deur uit met een jong kind is echt pittig en even schakelen in een nieuw ritme.”
Wat zou je andere vrouwen aanraden?
“Bespreek vooraf met je leidinggevende je plannen rondom kolven. Niet als een "eis", maar als iets normaals. Zorg dat je samen nadenkt over een goede plek, tijd en ondersteuning. Het zou heel normaal moeten zijn dat vrouwen zich daarin gesteund voelen.”
Ken je rechten
Veel vrouwen in de bouw zijn niet volledig op de hoogte van hun rechten of voelen zich niet gesteund om hun rechten op te eisen. Het is belangrijk om het onderwerp bespreekbaar te maken.
Samen met jou willen we hier verandering in brengen. Zodat er in de toekomst overal geschikte kolfruimtes zijn en vrouwen met een gerust hart kunnen kolven op het werk. Sluit je aan bij ons netwerk en word lid van de FNV.










