Micro- en macro-agressie: wat is het en waarom is het belangrijk?
Als vakbond zien we dagelijks wat agressie op de werkvloer met mensen doet. Werknemers voelen zich onveilig, raken uitgeput of vallen uit. Toch wordt niet alle agressie herkend. Tijd om stil te staan bij het verschil tussen micro- en macro-agressie, en waarom dat ertoe doet.
Agressie op de werkvloer komt vaker voor dan veel mensen denken. Het is niet altijd zichtbaar of luidruchtig. Soms is het openlijk en confronterend, maar vaak zit het in kleine, subtiele gedragingen die zich opstapelen. Juist die combinatie maakt het een serieus arbeidsprobleem.
Als vakbond zien wij dagelijks wat de impact is: werknemers die zich onveilig voelen, uitvallen door stress of zelfs hun baan verlaten. Daarom is het belangrijk om onderscheid te maken tussen verschillende vormen van agressie, zoals macro- en micro-agressie.
Wat is macro-agressie?
Macro-agressie is de meest zichtbare en herkenbare vorm van grensoverschrijdend gedrag. Het gaat om openlijk, direct en vaak bewust gedrag dat iemand schaadt. Denk hierbij aan schelden, bedreigen, intimideren, of iemand publiekelijk vernederen. Dit soort gedrag laat weinig ruimte voor twijfel: het is duidelijk onacceptabel.
Als bond spreken wij helaas wekelijks werknemers die hiermee te maken krijgen. Een van hen verwoordde het zo: “Mijn leidinggevende begon te schreeuwen toen ik een fout maakte. Hij noemde me ‘waardeloos’ waar collega’s bij stonden. Ik voelde me compleet vernederd.”
Macro-agressie heeft vaak directe gevolgen, zoals angst, stressklachten en verminderde werkprestaties. Werkgevers zijn wettelijk verplicht om werknemers hiertegen te beschermen.
Wat is micro-agressie?
Micro-agressie is subtieler, maar zeker niet minder schadelijk. Het gaat om kleine, vaak onbewuste opmerkingen of gedragingen die iemand het gevoel geven er niet bij te horen of minder serieus genomen te worden. Voorbeelden zijn grapjes die eigenlijk kwetsend zijn, iemand structureel negeren of onderbreken, of aannames doen over iemands achtergrond, leeftijd of functie.
Een werknemer vertelde ons: “Mijn ideeën werden vaak genegeerd in meetings. Pas als een collega hetzelfde zei, werd het ineens serieus genomen. Het voelde alsof ik er niet toe deed.”
Omdat micro-agressie minder zichtbaar is, wordt het vaak gebagatelliseerd (“zo bedoelde ik het niet”). Toch kan juist deze vorm leiden tot langdurige stress, verminderde betrokkenheid en zelfs burn-outklachten.
Waarom dit onderwerp zo belangrijk is
Onderzoek van onder andere TNO en Centraal Bureau voor de Statistiek laat zien dat een aanzienlijk deel van de werknemers in Nederland te maken krijgt met ongewenst gedrag op de werkvloer, zoals intimidatie, pesten of discriminatie.
Daarnaast stelt de Arbowet dat werkgevers verplicht zijn om psychosociale arbeidsbelasting (PSA), waaronder agressie en intimidatie, te voorkomen of te beperken.
Voor werknemers betekent dit:
- Je hebt recht op een veilige werkplek
- Je hoeft agressie niet te accepteren
- Je kunt dit bespreekbaar maken, intern of via de FNV
Voor werkgevers betekent dit:
- Actief beleid voeren tegen ongewenst gedrag
- Een veilige meldcultuur creëren
- Leidinggevenden trainen in herkennen en aanpakken van agressie
De impact: vaak groter dan je denkt
Wat wij in de praktijk zien: vooral micro-agressie wordt onderschat. Maar juist de opeenstapeling van kleine incidenten kan grote gevolgen hebben. Werknemers raken minder zelfverzekerd en/of minder betrokken bij hun werk. Daarnaast blijkt dat werknemers onder invloed van micro-agressie sneller ziek of overspannen raken. In ernstige gevallen leidt het tot langdurig verzuim of vertrek uit de organisatie.
Wat kun je doen als werknemer?
Ervaar je zelf agressie of zie je het bij collega’s? Dan is het belangrijk om in actie te komen:
- Benoem het gedrag (als dat veilig kan)
- Houd voorbeelden bij
- Bespreek het met een vertrouwenspersoon, OR of HR
- Neem contact op met de FNV voor advies en ondersteuning. De FNV vertrouwenstelefoon kan een luisterend oor en advies bieden.
Je staat er niet alleen voor.
Word lid en sta sterker in je werkschoenen
Met een lidmaatschap bij de FNV sta je sterker. Je hebt invloed op je eigen arbeidsvoorwaarden en aan de cao-tafel, je krijgt hulp bij letselschade en beroepsziekte, en persoonlijk advies over je werk en je loopbaan. Daarbij biedt de FNV altijd hulp bij een toekomstig arbeidsconflict. Meer weten? Klik dan hier voor meer informatie, of hier om je direct aan te melden.
Brrrrr, is het te koud om te werken?
De temperaturen zijn deze week weer gedaald tot onder het vriespunt. Wist je dat je in sommige gevallen het werk neer mag leggen? In dit artikel leggen we uit wanneer het écht te koud is om te werken en welke maatregelen jouw werkgever moet nemen.
Werken in de kou, sneeuw, regen of wind is niet altijd prettig, maar je presteert ook nog minder goed én je krijgt zere tenen en handen. Daarnaast kan werken als het koud is zonder goede bescherming leiden tot onderkoeling en bevriezing. Het is dus belangrijk om jezelf zo goed mogelijk te beschermen door bijvoorbeeld het dragen van de juiste kleding.
Gevolgen van langdurig werken in de kou
Als je te lang in de kou werkt, kan je lichaam onderkoelt raken. De lichaamstemperatuur waar ons lichaam het beste op functioneert is rond de 37 °C. Er is sprake van onderkoeling als de temperatuur zakt tot onder de 35 °C. Zakt je lichaamstemperatuur onder de 33 °C, vermindert je bewustzijn en bij een lichaamstemperatuur onder de 30 °C kun je zelfs een hartritmestoornis krijgen. Onderkoeling kan dus leiden tot blijvende gezondheidsschade.
Werken in de kou is ook gevaarlijk, omdat je bij een temperatuur onder de 15 °C je handen niet goed meer kunt gebruiken. Hierdoor kan het zijn dat je minder nauwkeurig werkt, wat tot ongelukken kan leiden. Daarnaast kan het ook leiden tot bevroren vingers, tenen, neuzen of ogen. In het ergste geval kunnen vingers en tenen afsterven.
Maatregelen door je werkgever
Jouw werkgever moet zorgen voor een veilige en gezonde werkplek. Kou of andere weersinvloeden mogen daarom niet schadelijk zijn voor je gezondheid. Wanneer dit schadelijk is, is afhankelijk van veel factoren. Om te checken of jouw omstandigheden schadelijk zijn, kun je bijvoorbeeld de FNV Werkklimaat app gebruiken.
Ook moet jouw werkgever de risico’s van werken in de kou in kaart brengen. Hierbij moet je werkgever beschrijven welke maatregelen er binnen het bedrijf gelden om de risico’s te verkleinen. De werkgever moet jou hierover informeren, zodat je weet wat de risico’s zijn en hoe je jouw werk veilig en gezond kunt uitvoeren. Je kunt denken aan oplossingen zoals het verstrekken van juiste kleding.
Onwerkbaar weer
Als je niet of minder kunt werken, omdat het erg slecht weer is (strenge vorst, storm of sneeuw) dan is er sprake van onwerkbaar weer. In de cao Bouw & Infra is afgesproken dat je salaris in zo’n geval aangevuld wordt tot 100%. Je mag stoppen met werken als je in de buitenlucht werkt en minstens een van de volgende twee situaties zich voordoet:
- de gevoelstemperatuur is -6° Celsius of lager en/of
- het vriest en één of meer van de volgende omstandigheden doet zich voor:
-
- je werkgever heeft geen winter-/doorwerkkleding ter beschikking gesteld;
- de rijwegen of looppaden op de bouwplaats zijn niet begaanbaar;
- er ligt een laag sneeuw op de werkplek die niet met eenvoudige middelen kan worden verwijderd.
Om 9:00 wordt een meting gedaan door het KNMI-weerstation in het postcodegebied van de bouwplaats waar je werkt. Als om 9:30 ten minste één van de situaties zich nog voordoet, mag je als werknemer de bouwplaats verlaten. Dit geldt ook voor uitzendkrachten. Mogelijk heeft jouw werkgever ander werk voor je wat je binnen kunt uitvoeren. Als het daar niet te koud is, dan moet je dit werk uitvoeren. Indien er geen andere werkzaamheden mogelijk zijn, dan heb je recht op 100% doorbetaling van je loon.
Als je wil weten hoe koud het is op je werklocatie en of je nog wel veilig je werk kunt doen, kan je de weerverlet app gebruiken: FNV Bouw app. Je krijgt dan een weeralert bij risicovol weer.
Te koude kantoorruimte
Niet alleen collega’s die op de bouwplaats werkzaam zijn, hebben last van de kou. Als de temperatuur op kantoor te laag is, kunnen medewerkers bijvoorbeeld last van stijve vingers krijgen, wat zeker bij kantoorwerk onhandig is. Werk achter de computer zal hierdoor steeds langzamer gaan. Werkgevers kunnen in dit geval met werknemers bespreken wat een acceptabele temperatuur is, zorgen dat de verwarming degelijk is en naar behoren werkt of elektrische voetenkacheltjes beschikbaar stellen. De Arbowet adviseert om samen tot een acceptabele temperatuur te komen waar minimaal 90% van het personeel het mee eens is.
Rust is geen luxe, maar een noodzaak
In de wereld van de bouw zijn we gewend aan hard werken, strakke deadlines en veeleisende projecten. Het is een sector die trots is op zijn toewijding aan vakmanschap en hard werk, en terecht. Maar laten we eerlijk zijn: het kan soms overweldigend zijn. De druk van deadlines en het jongleren met verschillende verantwoordelijkheden kan zijn tol eisen wanneer je niet voldoende rust krijgt om te herstellen.
Het wordt vaak over het hoofd gezien, maar juist de hardste werkers zullen het hardst moeten rusten. In dit artikel bespreken we wat je zelf kunt doen om goed te herstellen, maar vooral ook wat je van je werkgever mag verwachten als het hierop aankomt.
Zoals ook iedere topsporter je kan vertellen is rust essentieel wanneer je een grote inspanning verricht. Zonder goed te rusten en herstellen zou een topsporter het niet kunnen bijbenen met de sporters die dit wel doen. Op werkgebied is dit eigenlijk niet anders. Het constant werken onder hoge druk kan zowel fysiek als mentaal uitputtend zijn. Doe dit te lang, en het kan zelfs leiden tot gezondheidsproblemen, verminderde productiviteit en een verstoord evenwicht tussen je werk en privéleven. Om dus te blijven werken op het niveau dat we willen is onze rust pakken geen luxe, maar noodzaak.
Wat kan je doen?
Gelukkig zijn er stappen die je zelf kunt nemen om je rust en herstel te bevorderen. Denk bijvoorbeeld aan het plannen van pauzes tijdens je werk, niet te lang werken zonder verlof op te nemen, niet te vaak overuren maken, en natuurlijk ook voldoende slaap en ontspanning. Het is belangrijk om te onthouden dat rust pakken geen egoïsme is, maar juist een investering in je eigen welzijn en werkprestaties.
Het kan ook zo zijn dat het plannen van pauzes bijvoorbeeld lastig gaat. Of misschien zijn er wel anderen redenen waardoor het lastig is om goed rust te pakken. Je bent niet de enige. Hoewel dit soms als best lastig ervaren kan worden werkt het goed om dit bespreekbaar te maken met je collega’s en leidinggevende/werkgever. Wat niet wordt besproken kan ook niet samen opgelost worden.
De rol van je werkgever
Het is niet alleen je eigen verantwoordelijkheid om te zorgen dat je voldoende rust krijgt. Je werkgever heeft een cruciale rol in het creëren van een ondersteunende werkomgeving. Dit vinden niet alleen wij als vakbond, maar dit staat ook in de wet. Je werkgever is namelijk verplicht beleid te hebben om de risico’s van werkdruk te beperken.
De Arbowet legt de verplichtingen van werkgevers vast met betrekking tot de gezondheid en veiligheid van werknemers. Hierin is ook aandacht voor psychosociale arbeidsbelasting, wat betrekking heeft op stress en werkdruk. De RI&E (dat staat voor risico-inventarisatie en -evaluatie) is een instrument dat werkgevers verplicht zijn te gebruiken om risico's in kaart te brengen en te evalueren. Het bevat ook maatregelen om deze risico's te verminderen. Werknemers hebben het recht om te weten welke risico's er spelen en welke maatregelen worden genomen om hen te beschermen. Dit kan een goede aanleiding zijn voor een gesprek over werkdruk.
Faciliteren van rust
De Arbowet schrijft ook voor dat werkgevers moeten kijken naar een bronaanpak van een probleem. Als jij door een te krappe planning regelmatig moet overwerken, dan beperkt dit jou mogelijkheid om goed uit te rusten. Het is dan de verantwoordelijkheid van je werkgever om te zorgen dat er sprake is van een realistische taakbelasting.
Hetzelfde geldt voor goed kunnen pauzeren tijdens werktijd, niet gestoord worden buiten werktijd of het opnemen van verlof. Merk je dat je hier regelmatig uitdagingen in hebt, dan is het wederom belangrijk om dit bespreekbaar te maken. Dit doe je niet alleen uit eigen belang, maar ook voor je collega’s en de rest van de organisatie. Wanneer iemand uitvalt vanwege werkstress, dan heeft dat namelijk invloed op de hele organisatie.
Noodzaak
Onthoud: rust en herstel zijn geen luxe, maar een noodzaak. Rust pakken gebeurt helaas niet vanzelf, en juist daarom loont het om er bewust mee bezig te zijn. Door hierover in gesprek te gaan kunnen we een sector creëren die niet alleen bekend staat om zijn vakmanschap, maar ook om zijn toewijding aan het welzijn van zijn werknemers.
Heb je vragen of wil je je ervaring delen? Stuur gerust een mail naar uta@fnv.nl .



